Tentamen: 39 MC & 7-9 open vragen (waarvan 1 casusvraag)
1
,Maandag 30 okt – college 1: Classificeren en classificatiesystemen
Literatuur:
- Handboek H1&2
Jongens hebben een grotere genetische kwetsbaarheid voor psychopathologie.
Wanneer zijn stoornissen zeldzaam?
Ontwikkelingsperspectief
Bijvoorbeeld depressie:
Wanneer is er sprake van (ontwikkeling)psychopathologie?
a. Klachten
- Lichamelijk functioneren
- Gedrag
- Emoties
- Cognities
- Relaties
b. De klachten:
- Passen niet bij de leeftijd
- Zijn niet/ zeer moeilijk te corrigeren
- Beinvloeden het algemeen functioneren ernstig nadelig
- Laten het kind zelf en/of de omgeving lijden
- Laten uiteindelijk mogelijk de ontwikkeling doen stagneren
Omgeving
Een stoornis is deels afhankelijk van de sociaal-culturele context
Denk aan sociale angst > of de cultuur waar in iemand opgroeit een collectivistische of
individualistische cultuur is speelt een grote rol hierin.
2
,2 veelgebruikte systemen
- International Classification of Diseases > ICD
- Diagnostica and Statistical Munual of the mental disorders > DSM (nu: DSM-5-TR)
Voordelen classificatiesystemen
- Duidelijke beschrijving kern problematiek
- International eenduidigheid (handig voor onderzoek, onderwijs, beleid en communicatie)
- Richtinggevend voor behandeling
Nadelen classificatiesystemen
- Mogelijk te sterk gereduceerd
- Categoriale indeling > er moet ergens een streep worden getrokken voor wanneer iemand
een ‘label’ krijgt, maar mensen met ‘te weinig’ klachten om de stoornis te hebben, hoe
noem/help/benader je die dan?
- Suboptimale basis voor behandeling
DSM-5; tot stand koming
- Start in 1999
- 300 adviseurs – internationaal
- 162 experts in werkgroepen en ‘task forces’ sinds 2007
- Conferenties voor onderzoeksplannen
- Gericht onderzoek rond discussiepunten sinds 2005
- Presentaties op congressen
- Inspraakrondes met patiëntenverenigingen
- Feedback geven mogelijk via DSM-5 website
DC: 0-5
As I: stoornis
As II: relationele context (gedrag, affect, betrokkenheid)
As III: medische, lichamelijke conditie
As IV: psychosociale stressoren
As V: niveau van ontwikkeling
Casus (zie PP 11)
Bij een casus moet je nagaan:
- Welke klachten heeft iemand
- Welke DSM-5 classificatie is aannemelijk
- Weke risicofactoren voor ontstaan stoornis zijn aanwezig?
- Welke beschermende factoren voor ontstaan stoornis zijn aanwezig?
Factoren die het behandeleffect voorspellen
3
, In deze tabel zie je omstandigheden
die verband houden met een ‘good
treatment response’ en
omstandigheden die verband houden
met een ‘bad treatment response’.
Classificatie is niet diagnosticeren:
- Classificeren is alleen beschrijvend (niet verklarend)
- Diagnosticeren is classificeren + in kaart brengen
Classificeren
Semigestructureerde klinische interviews met ouders en kind > DSM-5 classificatie
Diagnosticeren
Classificeren + in kaart brengen van:
- Levensgeschiedenis
- Risico en beschermende factoren in kind en omgeving
- Eerdere interventies + het effect daarvan
Betrouwbaarheid en validiteit
- Betrouwbaarheid van classificaties zijn rond de .50 per stoornis
- Validiteit: binnen stoornissen
Grote heterogeniteit (mensen met dezelfde classificatie kunnen nog erg van elkaar
verschillen)
Verschillende medicatie kan effectief zijn voor mensen met dezelfde stoornis
- Validiteit: tussen stoornissen
Overlap in symptomen
Hoge comorbiditeit
4