Kirsten Komen
Hoofdstuk 15 Personality
Boek:
- Traits(eigenschappen) relatief stabiele patronen van gedachten, gevoelens of
gedrag dat een persoon karakteriseert.
- States(toestanden) tijdelijke patronen van gedachten, gevoelens en gedrag.
- The big five:
* extraversie (extraversion) geïnteresseerd zijn in de sociale en fysieke
wereld, mate waarin iemand sociaal is.
* emotionele stabiliteit (neuroticism) mate waarin iemand kalm en stabiel is,
zich laat leiden door emoties.
* vriendelijkheid (agreeableness) vertrouwd en makkelijk een band kunnen
leggen met mensen, makkelijk zijn in de omgang met mensen.
* consciëntieusheid (consientiousness) georganiseerd, gedisciplineerd zijn,
efficiënt willen zijn in het leven. [zorgvuldigheid]
* openheid voor ervaring (openness to experience) openstaan voor nieuwe
ideeën, activiteiten en nieuwsgierigheid in leren.
- Self-report data informatie verkregen doordat de deelnemer zichzelf
beschreef in plaats van dat de onderzoeker dat deed.
- Informant data informatie over iemand verkregen van een ander die de
persoon in kwestie goed kent.
Vaak gebruikt in combinatie met de Big Five om een beter beeld te
creëren.
- Behavioral data informatie over een persoon gebaseerd op directe observatie
van de persoon zijn acties en gedrag.
- Persoonlijkheidsparadox het idee dat er in het gedrag van mensen veel
minder samenhang is dan dat het traits idee zegt.
- Er is bewezen dat gedrag meer te beïnvloeden is door buitenaf dan door wie
we zijn. Er is dan ook samenhang in het gedrag bij bepaalde situaties
- Self-monitoring scale een schaal die aantoont in hoeverre iemand zijn gedrag
in de hand heeft.
- Temperament een persoons karakteristieke level van reageren en energie. Dit
is vaak aangeboren.
- Physiological data informatie over een persoon verkregen uit metingen van
biologische structuren en processen.
- Sensatie zoekers een wilsbeschikking om op zoek te gaan naar nieuwe
ervaringen, zoeken naar sensatie en avontuur, zich niet willen/kunnen
vervelen.
,Titel Subtitel Begrip/kopje Subbegrip/belangrijk Betekenis/inhoud
Kirsten Komen
- Inhibited temperament een persoonlijkheidsstijl die wordt geassocieerd met
introversie en emotionele stabiliteit. Het wordt gekarakteriseerd door angst
voor nieuwheid dat zich al vroeg ontwikkelt.
- National character het idee dat mensen in verschillende culturen,
verschillende persoonlijkheden hebben.
- Hysteria een oude term voor een groep vermoedelijk geestelijke stoornissen
die een grote variatie van fysieke en geestelijke symptomen omvatte.
- Psychogenic symtoms symptomen waarvan gedacht werd dat ze kwamen
door een geestelijke oorzaak in plaats van weefselschade.
- Free association methode die werd gebruikt in psychoanalytische therapie
waarbij de patient in alles wat in haar opkomt uit moet spreken, maakt niet uit
hoe schijnbaar onbeduidend, niet verwant of vernederend het is/ lijkt.
- Repression een mechanisme van verdediging waarbij gedachten, impulsen of
herinneringen die angst opwekken uit het bewustzijn worden gedrukt.
- Psychoanalyse een theorie van menselijke persoonlijkheidsontwikkeling
geformuleerd door Freud, gebaseerd op beweringen over onbewuste
conflicten en vroeg psychoseksuele ontwikkeling; ook de methode van
therapie die steunt op deze theorie.
- Freud zag persoonlijkheid als bestaand uit 3 subsystemen het id, ego en
superego.
* id = een term voor de primitieve reacties van menselijke persoonlijkheid,
bestaande uit blind streven naar onmiddellijke biologische tevredenheid
ongeacht wat het kost. satisfaction principle = vermaak principe
* ego = een verzameling van reacties die proberen het id’s blinde streven naar
vermaak te doen overeenstemmen met de eisen van de realiteit. reality
principle = realiteitsprincipe
* superego = reactiepatronen die zich voordoen vanuit het ego,
vertegenwoordigen de eigengemaakte regels van de samenleving, en
beheerst het ego door middel van bestraffing met schuld. internalized code of
conduct = eigen gemaakte gedragscodes
- Defense mechanism een collectieve term voor veel reacties die proberen
angst te weren of in te perken door diverse onbewuste middelen.
- Displacement omleiding van een impuls vanuit een kanaal die geblokkeerd is
naar een andere, beschikbare uitweg.
- Reaction formation een mechanisme van afweren waarbij een verboden
impuls veranderd wordt in het tegenovergestelde.
, Titel Subtitel Begrip/kopje Subbegrip/belangrijk Betekenis/inhoud
Kirsten Komen
- Rationalization een mechanisme van afweren waarbij onacceptabele
gedachten of impulsen zijn geherinterpreteerd in acceptabelere en dus minder
angstwekkende voorwaarden.
- Projection een mechanisme van afweren waarbij verschillende verboden
gedachten en impulsen worden toegeschreven aan een ander persoon in
plaats van zichzelf.
- Stages of psychosexual development de volgorde van 4 mentale
ontwikkelingsfasen van kindsheid tot de bereiking van volwassen seksualiteit
die beschouwt worden als universeel in psychoanalytische theorieën:
* the oral stage
* the anal stage
* the phallic stage
* the genital stage
- The oedipus complex tijdens de phallic stage wordt een kind zeer
geintresseerd in zijn eigen geslachtsdeel; het gaat op zoek naar een extern
object voor zijn sexuele driften. Volgens Freud’s theorie was de
onvermijdelijke keus de moeder van het kind. De vader van het kind is dan het
obstakel; hij moet weg. Na de betreffende fase is het weer oké.
Oedipus complex geldt voor jongens
Electra complex geldt voor meisjes (dit is het tegenovergestelde proces)
- Penis envy in psychoanalyserende theorieen, de wens naar een penis waarbij
er wordt uitgegaan dat het hoort bij vrouwen als onderdeel van het electra
complex.
- Collectieve unconsious een reeks oorspronkelijke verhalen en beelden,
waarvan Carl Jung denkt dat deze wordt gedeeld door de hele mensheid.
Volgens Jung wordt het menselijke collectieve onbewuste verdeeld onder
instincten en achetypes.
- Archetypes volgens Carl Jung, de verhalen en afbeeldingen die ons
collectieve consious vormen. Dit zijn universele symbolen zoals: de grote
moeder, wijze oude man, de schaduw, de toren, de boom des levens etc.
- Ego psychology een verzameling van psychodynamische gedachten die de
vaardigheden en aanpassende capaciteiten van het ego benadrukken.
- Life data informatie over een persoon betreffende concrete, realistische
rendementen.
- Object relations een verzameling van psychodynamische gedachten die de
echte relaties die een individu heeft met anderen benadrukken.