8.1 Het belang van strategisch management
Strategisch management: een reeks bestuurlijke beslissingen en acties die bepalend zijn voor
de prestaties van een organisatie op lange termijn.
Strategieën: beslissingen en de gekozen richting voor te ondernemen activiteiten die de
langetermijnprestatie van de organisatie bepalen.
- hoe zal het bestaansreden realiseren
- succesvol concurreren
- hoe gaat het de doelstellingen realiseren
- bevat alle managementtaken: plannen, organiseren, leidinggeven en controleren
Bedrijfsmodel: strategisch model voor hoe een organisatie van plan is te profiteren van haar
strategieën, processen en activiteiten.
- richt zich op twee dingen
1. Waarderen de klanten wat het bedrijf levert?
2. Kan het bedrijf er geld mee verdienen?
Waarom is strategisch management belangrijk?
- kan verschil maken hoe goed een organisatie presteert.
- voortdurend bezig zijn met dynamische omgeving in kaart brengen en weten hoe je hier
mee moet omgaan.
- alle afdelingen moeten op een goede manier samenwerken om de bedrijfsdoelstellingen
te behalen.
- betrokken bij veel managementbeslissingen
8.2 Het strategisch-managementproces
1. Bepaalde de missie
- algemeen doel van de organisatie
- bestaansreden van de organisatie
- bedoeling van de producten en niet de producten zelf omschrijven
- bijvoorbeeld Apple: ‘geavanceerde technologie eenvoudig maken voor mensen’
- visie: het beeld wat de organisatie heeft over haar toekomst
- ambitie: duidelijk geformuleerd hoe de huidige situatie is en hoe je naar de
gewenste situatie wilt gaan. Dit door de AMORE-formule
, 2. Externe analyse
- SWOT: (OT)
- Opportunities: kansen op de markt (extern)
- Threats: bedreigingen op de markt (extern)
- externe omgeving: krachten en instellingen buiten de organisatie zoals
- specifieke omgeving: deel van de omgeving wat invloed heeft op het niet behalen
van de doelstellingen, zoals:
- stakeholders
- bedrijfstak
- concurrenten
- klanten
- algemene omgeving: bestaat uit DESTEP. Beïnvloed de gehele markt.
3. Interne analyse
- middelen: bezittingen van een organisatie, zoals: financieel, menselijk, fysiek,
immaterieel.
- capaciteiten: vaardigheden en het vermogen om activiteiten te ontplooien die voor
het bedrijf nodig zijn
- kerncompetenties: belangrijkste vaardigheden en middelen van de organisatie
- SWOT: (SW)
- Strong: sterke punten van het bedrijf
- Weak: zwakke punten van het bedrijf
- financiële en vaste activa is makkelijk te analyseren
- vaardigheden, kennis en talent van medewerkers is lastiger te beoordelen
4. Strategieën formuleren
- rekening houden met externe omgeving, aanwezige middelen en mogelijkheden
- drie niveaus:
- ondernemingsniveau
- marktniveau
- functionele niveau
5. Strategieën implementeren
- daadkracht: dynamisch toewijzen van middelen en zorgen dat iedereen op zijn of
haar capaciteiten wordt ingezet.
- nieuwe mensen in dienst nemen/ontslagen worden
6. Resultaten evalueren
- was de strategie effectief?
- eventueel bijstellen