Pijn op de borst
Orgaansystemen betrokken bij pijn op de borst
● skelet & spieren
● hartaandoeningen
● gastro-intestinale aandoeningen
● psychiatrische aandoeningen
● vasculaire aandoeningen
● huidaandoeningen
● longaandoeningen
Hartaandoeningen
● angina pectoris
○ pijn op borst tijdens inspanning, kou of emoties
○ door stabiele, gedeeltelijke afsluiting van kransslagader
○ na rust of nitroglycerine binnen 15 min. over
○ door huisarts vast te stellen m.b.v. anamnese & inspannings ECG
○ goed medicamenteus te behandelen
● acuut coronair syndroom
○ instabiele angina pectoris
■ pijn op borst bij inspanning neemt toe in frequentie/ernst of treedt op in
rust
■ risico op toenemen van afsluiting kransslagader → myocardinfarct
○ myocardinfarct
■ continue, uren durende druk / pijn op borst
■ uitstraling naar kaken, schouder, linker arm, rug
■ gepaard met vegetatieve verschijnselen
● zweten, braken
■ door volledige afsluiting kransslagader
Betekenis anamnese
● plaats pijn
○ links of rechts: borstwandpijn, pneumothorax, longembolie
○ midden voor: reflux, ischemische hartziekte, pericarditis
● aard
○ stekend: borstwandpijn, pneumothorax
○ scherp: refluxziekte
○ drukkend: ischemische hartziekte, paniekaanval
● ernst
○ zeer hevig: aneurysma dissecans, myocardinfarct
● tijdsverloop
○ peracuut ontstaan: myocardinfarct, longembolie, pneumothorax
○ aanvalsgewijs: angina pectoris, slokdarmkrampen, galsteenkoliek
● invloeden op de pijn
○ inspanning, kou, emotie: angina pectoris
○ stressoren: paniekaanval
○ erger bij bukken of platliggen: refluxziekte
, 2
○ bij voorover zitten minder: pericarditis
○ bij rompbewegingen erger: borstwandpijn
○ erger tijdens zuchten: pleuritis, longembolie
● bijkomende klachten (grote invloed)
○ transpireren & braken (vegetatieve verschijnselen): myocardinfarct
○ gewichtsverlies en chronisch hoesten: longkanker
○ koorts, hoesten & gebrek aan lucht: pneumonie
○ zuurbranden: refluxziekte
○ tintelingen, strak gevoel om de mond, hartkloppingen, misselijkheid:
paniekaanval
Anatomie: Bouw hart- & vaatstelsel
Circulatie
● kleine circulatie: longcirculatie
○ rechter ventrikel → a. pulmonalis → v. pulmonalis → linker atrium
● grote circulatie: lichaamscirculatie
○ linker ventrikel → aorta → v. cava superior & inferior → rechter atrium
Verdeling bloed
● grootste hoeveelheid in veneuze systeem (61%)
● hart 9%
● pulmonaire circulatie 12%
● arteriën 11%
● capillairen & arteriolen 7%
Bouw vaatwand
● venen
○ slappere wand
○ lage druksysteem
○ variabele capaciteit venen & long
○ reservoirfunctie
● arteriën
○ elastischer
○ dikkere spierlaag
■ belangrijk voor bloeddruk
○ hoge druksysteem
○ variabele weerstand (kleine arteriën & arteriolen)
○ toevoerfunctie
Mechanismen die rol spelen bij terugvloed van veneus bloed
● druk van arteriën
● spierpomp
● kleppen in middelgrote venen
○ voorkomen dat bloed naar beneden stroomt
● pompfunctie hart / aanzuigende werking thorax
● zwaartekracht
, 3
Voorbeelden van veneuze anastomosen
● v. azygos systeem = cavocavale anastomosen
○ anastomosen tussen v. cava inferior & superior
● v. portae systeem = portocavale anastomosen
Lymfevaatstelsel
● lymfe afvoer
○ komen onder diafragma samen in cisterna chyli
○ richting ductus thoracicus
○ richting linker angulus venosus
● functies
○ afweer
○ transport stoffen (afval, hormonen, nutriënten)
○ vochthuishouding weefsels
○ vethuishouding (chylus, ductus thoracicus)
● lymfeklieren
○ filters antigenen (ontstekingen / metastasen)
○ bevatten lymfocyten & macrofagen
● sluit weer aan op circulatie
Metasteringswegen
● kunnen lymfogeen zijn
● kunnen hematogeen zijn
Hart
● bestaat uit vier compartimenten
○ linker & rechter atrium
○ linker & rechter ventrikel
○ gescheiden door septa tussen links & rechts
● heeft kleppen
○ tussen atria & ventrikels → atrioventriculaire (AV) kleppen
○ tussen ventrikels & arteriën → arteriële / halvemaanvormige kleppen
● heeft geleidingssysteem
● wordt gevasculariseerd door coronairvaten
○ ontspringen uit aorta
Anatomie hart
● hartapex is onderdeel van linker ventrikel
● aan voorkant bevindt zich sulcus interventricularis anterior
○ = groeve tussen linker & rechter ventrikel
○ daarin ligt ramus interventricularis anterior / left anterior descending (LAD)
■ is vertakking uit linker coronair arterie
● aan achterkant bevindt zich sulcus interventricularis posterior
○ daarin ligt ramus interventricularis posterior / right posterior descending (RPD)
■ is vaak vertakking van rechter coronair arterie
, 4
● om linker atrium ligt sinus coronarius
○ = verzameling van coronair venen
○ mondt uit in rechter atrium
Dominantie hart
● bepaald door welke coronair arterie ramus interventricularis posterior afgeeft
● meestal rechter coronair arterie → rechts dominant hart
○ meestal verzorging dan ook 50-50: uitgebalanceerd verzorgingstype
■ 50% uit links & 50% uit rechts
○ soms rechts dominant verzorgingstype
■ links is stuk korter & rechts geeft tak af die linker gebied oversteekt
● soms linker coronair arterie → links dominant hart
○ links verzorgt meer dan rechts → links dominant verzorgingstype
● dominantie belangrijk bij stenose
○ bepaalt hoeveel van hart uitvalt
○ links dominant hart & stenose die myocardinfarct veroorzaakt in linker
hoofdstam → grootste deel hart valt uit
Rechter atrium
● gladwandig deel
○ heeft andere embryologische oorsprong dan ruwwandig
● ruwwandig deel
○ bevindt zich met name bij auricula
○ bestaat uit mm. pectinati
○ bestaat uit crista terminalis
■ vormt scheiding tussen gladwandig & ruwwandig deel
■ zit deel van geleidingssysteem in
● fossa ovalis
○ zit in septum tussen linker & rechter atrium
○ restant uit foetale circulatie
■ vormde open verbinding: foramen ovale
● inmondingen van venen
○ v. cava superior & inferior
○ sinus coronarius
Linker atrium
● gladwandig deel
○ heeft andere embryologische oorsprong dan ruwwandig
○ openingen van vv. pulmonales
● klein ruwwandig deel
○ kleinere auricula
● valvula foramen ovale
Aspecten ventrikels
● linker ventrikel heeft dikkere wand dan rechter ventrikel
○ pompt bloed aorta in (hogedruksysteem) → meer kracht nodig