H1 t/m H9 zonder H4 en H8
Stuvia document
, Hoofdstuk 2
Hulpstofen zijn grondstofen waarvan bij de producie kleine hoeveelheden nodig zijn.
Bij grondstofverbruik onderscheiden we:
Bruto grondstofenverbruik: de hoeveelheid grondstof die nodig is om een bepaald
product te kunnen maken
Netto grondstofenverbruik: de hoeveelheid die in het product terug te vinden is.
Het verschil tussen bruto en netto is dus afval. Afval is de grondstof die ijdens het producie
proces verloren gaat. (de kosten va het afval word wel meegerekend in het
grondstofverbruik)
Afval onderscheiden we ook in 2 soorten:
Waardeloos afval: hier is sprake van als het afval niet meer te gebruiken is.
Waardevol afval: afval dat te gebruiken is voor een ander producieproces.
Voor het maken en verhandelen van producten zijn mensen nodig. En voor hun inzet en
prestaies ontvangen zij een vergoeding in geld: loon.
Loonkosten kunnen we verdelen in betaalde loonkosten en gewaardeerde loonkosten.
Betaalde loonkosten zijn de kosten van lonen van de werknemers.
Gewaardeerd loon is het loon dat de ondernemer zichzelf toerekent: het zijn beloningen
voor het werk dat hij in zijn eigen zaak of berdrijf verricht.
Bij de loonkosten horen ook alle samenhangende loonkosten. Bijv. vakaniegeld elke maand,
reiskosten of kosten van werkkleding. Dit soort kosten gaan allemaal af van het brutoloon.
Schemaisch:
Brutoloon €…………………….
Werkgeversgedeelte pensioenpremie ……………………..
-----------------------------+
€………………………
Werkgeversgedeelte loonhefngen ………………………
-----------------------------+
€………………………
Reservering vakaniegeld ……………………….
-----------------------------+
€……………………..
Onkostenvergoeding (reiskosten enz.) ………………………
---------------------------+
Loonkosten €………………..
(de kosten die de werkgever moet betalen aan loonkosten)