Bronvermelding
Titel : Gespreksvoering
Druk : 3
H.T. van der Molen, M. Hommes en F.
Auteur : Kluijtmans
Uitgever : Noordhoff Uitgevers B.V.
ISBN (boek) : 9789001794903
Aantal hoofdstukken (boek) : 9
Aantal pagina’s (boek) : 208
De inhoud van dit uittreksel is met de grootste zorg samengesteld. Incidentele onjuistheden kunnen niettemin voorkomen. Je
dient niet aan te nemen dat de informatie die Students Only B.V. biedt foutloos is, hoewel Students Only B.V. dat wel nastreeft.
Dit uittreksel is voor persoonlijk gebruik en is bedoeld als wegwijzer bij het originele boek. Wij raden aan altijd het bijbehorende
studieboek te kopen en dit uittreksel als naslagwerk erbij te houden. In dit uittreksel staan diverse verwijzingen naar het studieboek
op basis waarvan dit uittreksel is gemaakt.
Dit uittreksel is een uitgave van Students Only B.V. Copyright © 2012 StudentsOnly B.V. Alle rechten voorbehouden. De uitgever
van het studieboek is op generlei wijze betrokken bij het vervaardigen van dit uittreksel. Voor vragen kun je je per email wenden
tot .
,Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1 Aspecten van communicatie 3
Deel 1 Basisvaardigheden 6
Hoofdstuk 2 Luistervaardigheden 6
Hoofdstuk 3 Regulerende vaardigheden 8
Hoofdstuk 4 Zendervaardigheden 10
Deel 2 Gespreksmodellen 13
Hoofdstuk 5 Informatievergarend gesprek 13
Hoofdstuk 6 Adviesgesprek 15
Hoofdstuk 7 Slechtnieuwsgesprek 17
Hoofdstuk 8 Beoordelings-, functionerings- en ontwikkelingsgesprek 18
Hoofdstuk 9 Disciplinegesprek 20
© Students Only B.V. – Alle rechten voorbehouden.
Bron : Gespreksvoering – H.T. van der Molen e.a.
, Hoofdstuk 1 Aspecten van communicatie
1.1 Wat is communicatie?
Uitles interpersoonlijke communicatie (Oomkes 2008) = uitwisseling van symbolische informatie
(= informatie die naar iets verwijst. Taal, woorden verwijzen naar specifieke dingen. Non-verbale
informatie, gebaren bijv. opgestoken duim) tussen mensen die zich van elkaars onmiddellijke
of gemedieerde (brief, telefoon, internet, televisie e.a.) aanwezigheid bewust zijn. Deze informatie
wordt deels bewust, deel onbewust gegeven, ontvangen en geïnterpreteerd.
Onze behoeften, kennis en ervaring ten aanzien van de informatie hebben invloed op de
totstandkoming van communicatie.
1.2 Aspecten van interpersoonlijke communicatie
Er zijn minimaal twee personen aanwezig bij interpersoonlijke communicatie, ze zijn hier zowel
zender als ontvanger.
Coderen = het verwoorden van ideeën, gedachtes en gevoelens. Op het moment dat iemand jouw
verwoording ontvangt en probeert te begrijpen, is er sprake van decodering (= terugvertaling naar
eigen ideeën en gevoelens).
Betekenis van een woord:
Semantische betekenis = beschrijving in het woordenboek
Affectieve betekenis = een gevoelswaarde bij een woord. Deze is afhankelijk van ervaringen van
een persoon.
Referentiekader = alle opvattingen, normen, waarden en vanzelfsprekendheden op grond waarvan
we de omgeving waarnemen, op grond waarvan we handelen en die omgeving beoordelen.
Non-verbale communicatie heeft meer directe invloed dan verbale communicatie, maar kan ook
op meerdere manieren geïnterpreteerd worden. Non-verbale signalen hebben verschillende functies:
Verbale signalen ondersteunen
Verbale signalen versterken
Verbale signalen afzwakken
Verbale signalen tegenspreken
De situatie waarin een boodschap wordt verzonden, geeft tevens signalen af. Bijv. kleding/inrichting
van een kantoor.
Via kanalen worden boodschappen verzonden:
Vocaal = praten
Auditief = luisteren
Visueel = zien gebaren
Tactiel = aanraken
Meestal maken we gebruik van drie kanalen tegelijk. Voor een overzicht van het idee van een
boodschap zie: hfst. 1; p. 18; Gespreksvoering; Van der Molen, Hommes & Kluijtmans.
Ruis = factoren die het ontvangen van de boodschap vertekenen of verstoren. Vier vormen:
Fysieke = signalen van buitenaf die spreken, luisteren, kijken en/of voelen in de weg staan. Bijv.
lawaai, het dragen van een zonnebril.
Fysiologische = lichamelijke ‘beperkingen’ bij de zender of ontvanger. Bijv. gehoor-,
gezichtsvermogens-, cognitieve of/en articulatieproblemen.
Psychologische = stereotiepe opvattingen en vooroordelen.
Semantische = taalbarrière, maar ook het gebruik van vaktaal. Deelnemers hanteren niet dezelfde
codes.
© Students Only B.V. – Alle rechten voorbehouden. 3
Bron : Gespreksvoering – H.T. van der Molen e.a.