Muziek college 1
-Zie pdf OWE
Inhoud blok 3
• De student kent het KVB-model inclusief de vijf domeinen en kan het model toepassen als basis
voor zijn muzieklessen.
• De student kent een aantal methodes, liedbundels en ander methodisch materiaal.
• De student kan diverse vormen van muzieknotatie al luisterend volgen.
• De student heeft kennis van de mogelijkheden van luisteronderwijs.
Doelen
• Student kent het KVB model en kan het toepassen in (zijn) muziekonderwijs.
• Student kent de didactiek die bij luisterlessen hoort.
• De student kent de muziektheorie met betrekking tot klank (toonduur, toonhoogte en toonsterkte)
in de traditionele notatie en vorm (vormprincipes, vormeenheden en vormtechnieken)
• De student kent de theorie van de werking
van de stem.
KVB-model
Klank, vorm en betekenis
(essentie van muziek)
• Vijf domeinen:
• Zingen
• Bewegen
• Spelen
• Lezen en noteren
• Luisteren
• Componeren en improviseren
Muziek is in vorm gezette klank die betekenis heeft voor mensen (Wolf, 1986)
Klank
Klankduur - Snel, langzaam, kort, lang
Klankhoogte - Hoog, laag
Klanksterkte - Hard, zacht
Klankkleur - Instrumenten, stemmen, orkesten, ensembles
• Muziekmeester blz. 18
Vorm
Vorm ontstaat door herhalingen, variaties en contrasten.
Vormprincipes - Herhaling, contrast, variatie
Vormeenheden - Motief, thema, muzikale zin
Vormtechnieken - Echo, imitatie, stapelen, ostinaat
Compositievormen - Canon, rondo, variatievorm
Spelen:
Trepak
• Welke vormaspecten zie je hier in terug?
• Welke domeinen komen hier aan bod?
, Betekenis
• Muziek kan uitbeelden
• Geluiden, bewegingen
• Karakters, mensen, dieren
• Gebeurtenissen en verhalen
• Stemmingen, gevoelens, sfeer
• Eigen betekenisgeving
• Associaties, eigen gevoelens, fantasieën
• Verschillende functies
• Praktische functie (geld verdienen, dansen, marcheren)
Carnaval der dieren
4 verschillende dieren: welk dier denk jij dat het is?
Onderbouw:
• Maak een tekening van het dier bij de muziek
• Hoe klinkt de muziek?
• Bewegen
Bovenbouw:
• Maak een tekening van het dier
• Grafisch partituur --> hoe beweegt het dier zich in de muziek?
• Hoe herken je het dier?
Meerdere antwoorden zijn goed!
•Welke combinatie in het KVB-model?
Tips voor een luisterles:
• Stel positieve vragen na afloop: wat vond je leuk, grappig, gek, spannend? --> uitnodiging tot
reflecteren
• Pas op met open vragen
• Concentratie essentieel! --> echt in stilte beginnen
• Zelf het stuk goed kennen
• Anekdoktes zijn erg leuk, geen lange verhalen over componisten
Goede luistervraag?
• Steek je vinger op als het ritme weer terugkomt
• Is deze muziek vrolijk, dreigend of geheimzinnig? Waarom?
• Wie vindt deze muziek mooi?
• Ik laat je eerst even die klassieke muziek horen. Daarna mag je luisteren naar het popnummer.
Welke zal er leuker zijn?
-Zie pdf OWE
Inhoud blok 3
• De student kent het KVB-model inclusief de vijf domeinen en kan het model toepassen als basis
voor zijn muzieklessen.
• De student kent een aantal methodes, liedbundels en ander methodisch materiaal.
• De student kan diverse vormen van muzieknotatie al luisterend volgen.
• De student heeft kennis van de mogelijkheden van luisteronderwijs.
Doelen
• Student kent het KVB model en kan het toepassen in (zijn) muziekonderwijs.
• Student kent de didactiek die bij luisterlessen hoort.
• De student kent de muziektheorie met betrekking tot klank (toonduur, toonhoogte en toonsterkte)
in de traditionele notatie en vorm (vormprincipes, vormeenheden en vormtechnieken)
• De student kent de theorie van de werking
van de stem.
KVB-model
Klank, vorm en betekenis
(essentie van muziek)
• Vijf domeinen:
• Zingen
• Bewegen
• Spelen
• Lezen en noteren
• Luisteren
• Componeren en improviseren
Muziek is in vorm gezette klank die betekenis heeft voor mensen (Wolf, 1986)
Klank
Klankduur - Snel, langzaam, kort, lang
Klankhoogte - Hoog, laag
Klanksterkte - Hard, zacht
Klankkleur - Instrumenten, stemmen, orkesten, ensembles
• Muziekmeester blz. 18
Vorm
Vorm ontstaat door herhalingen, variaties en contrasten.
Vormprincipes - Herhaling, contrast, variatie
Vormeenheden - Motief, thema, muzikale zin
Vormtechnieken - Echo, imitatie, stapelen, ostinaat
Compositievormen - Canon, rondo, variatievorm
Spelen:
Trepak
• Welke vormaspecten zie je hier in terug?
• Welke domeinen komen hier aan bod?
, Betekenis
• Muziek kan uitbeelden
• Geluiden, bewegingen
• Karakters, mensen, dieren
• Gebeurtenissen en verhalen
• Stemmingen, gevoelens, sfeer
• Eigen betekenisgeving
• Associaties, eigen gevoelens, fantasieën
• Verschillende functies
• Praktische functie (geld verdienen, dansen, marcheren)
Carnaval der dieren
4 verschillende dieren: welk dier denk jij dat het is?
Onderbouw:
• Maak een tekening van het dier bij de muziek
• Hoe klinkt de muziek?
• Bewegen
Bovenbouw:
• Maak een tekening van het dier
• Grafisch partituur --> hoe beweegt het dier zich in de muziek?
• Hoe herken je het dier?
Meerdere antwoorden zijn goed!
•Welke combinatie in het KVB-model?
Tips voor een luisterles:
• Stel positieve vragen na afloop: wat vond je leuk, grappig, gek, spannend? --> uitnodiging tot
reflecteren
• Pas op met open vragen
• Concentratie essentieel! --> echt in stilte beginnen
• Zelf het stuk goed kennen
• Anekdoktes zijn erg leuk, geen lange verhalen over componisten
Goede luistervraag?
• Steek je vinger op als het ritme weer terugkomt
• Is deze muziek vrolijk, dreigend of geheimzinnig? Waarom?
• Wie vindt deze muziek mooi?
• Ik laat je eerst even die klassieke muziek horen. Daarna mag je luisteren naar het popnummer.
Welke zal er leuker zijn?