Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Uitgewerkte leerdoelen deeltoets 2 Biologie van Dieren (2023/2024)

Rating
-
Sold
-
Pages
17
Uploaded on
19-01-2024
Written in
2023/2024

Uitgewerkte leerdoelen van deeltoets 2 van het vak Biologie van Dieren (Universiteit Utrecht) aan de hand van de informatie in hoorcolleges en het boek Campbell Biology.

Institution
Course

Content preview

Uitwerkingen Leerdoelen Deeltoets 2 – Biologie van dieren

Hormonale regulatie (H41)

 De definities van endocriene, paracriene en autocriene regulatie en van regulatie via
neurohormonen en feromonen kennen.

Endocriene signalering: moleculen (hormonen) worden uitgescheiden die de doelwitcellen
bereiken via de bloedbaan of het hemolymfe  speelt een rol bij het behoud van
homeostase, de reactie op stimuli uit de omgeving, regulatie van groei en ontwikkeling en
het stimuleren van fysieke- en gedragsveranderingen voor reproductie.

Paracriene signalering: lokale cellen scheiden regulatoren uit, wat moleculen zijn die over
korte afstanden de doelwitcellen bereiken via diffusie. De doelwitcellen liggen dicht bij de
cellen die de regulator uitscheiden  betrokken bij fysiologische processen (bv. bloeddruk
regulatie), het functioneren van het zenuwstelsel en reproductie.

Autocriene signalering: lokale cellen scheiden regulatoren uit, wat moleculen zijn die over
korte afstanden de doelwitcellen bereiken via diffusie. De cellen die regulator uitscheiden
zijn zelf de doelwitcellen  betrokken bij fysiologische processen (bv. bloeddruk regulatie),
het functioneren van het zenuwstelsel en reproductie.

Feromonen: chemicalien die worden vrijgelaten in de externe omgeving  wordt veel
gebruikt bij dieren.

Andere intercellulaire communicatie:
- Gap junctions: direct, cel naar cel.
- Synaptische signalering: via synaptische spleet
- Neuro-endocrine signalering: via het bloed.




 Neurohormonen regulatie: neurohormonen, uitgescheiden door neuronen, diffunderen
van de zenuwcel uiteindes naar de bloedbaan.

Signaalmoleculen, geproduceerd door klieren die geen afvoergang hebben, worden
vrijgelaten in het bloed, en voeren een fysiologische functie uit ergens in het lichaam.


1

, Weten hoe de groep van de eiwit- en peptidehormonen zijn invloed uitoefent op de
doelwitcellen.

Eiwit- en peptidehormonen zijn wateroplosbare hormonen. Deze
hormonen kunnen dus niet door het membraan diffunderen. De
hormonen binden aan receptoren op de oppervlakte van de cel,
waardoor er een signaaltransductie pathway ontstaat. Hierdoor kan
er een cytoplasmatische respons ontstaan, zoals het activeren van
een enzym, of kan het hormoon de genregulatie beheren.

Een voorbeeld van een wateroplosbaar hormoon is epinefrine
(adrenaline). Dit hormoon komt vrij bij stressvolle situaties via de
bijnieren (adrenal glands). Epinefrine reguleert veel organen, het
stimuleert o.a. de lever om glycogeen om te zetten naar glucose.

 Weten hoe de groep van steroidhormonen en schildklierhormonen zijn invloed uitoefent
op de doelwitcellen.




Voor steroidhormonen en schildklierhormonen is er een intracellulaire receptor.

 De stelling dat het effect van een hormoon/lokale regulator bepaald wordt door de aard en
eigenschappen van de doelwitcellen en van de receptoren op of in deze doelwitcellen
kunnen illustreren met het hormoon epinefrine en diens invloed op respectievelijk
levercellen, bloedvaten in een skeletspier en bloedvaten in de darm.

De levercellen hebben een bètareceptor  Epinefrine zorgt voor de afbraak van glycogeen.
Skeletspieren hebben een bètareceptor  het bloedvat verwijdt.
Interne bloedvaten hebben een alfareceptor  het bloedvat vernauwt.

 De neurale en hormonale regulatie van de ontwikkeling en
metamorfose van een insect kunnen uitleggen.

PTTH stuurt signalen naar een speciale klier die het hormoon
ecdysteroïd produceert. Dit veroorzaakt iedere vervelling en de
metamorfose van pop naar vlinder. Juveniel hormoon onderdrukt de
laatste metamorfose. Bij alle gewone vervellingen is het hormoon in
grote concentraties aanwezig alleen bij het laatste stadium niet.

2

, Oftewel: lage concentraties van juveniel hormoon en hoge concentraties van edcysteroid.

 Inzicht hebben in de structuur en de werking van (neuro)hormonale regelkringen en de
betekenis van positieve en negatieve terugkoppelingen hierbij, en dit kunnen toelichten
met enkele voorbeelden.

Positieve terugkoppeling= een eindproduct van een proces versterkt
zijn eigen reactieketen en dus zijn eigen productie  voorbeeld: het
neuro-endocrine pad van het hormoon oxytocine
Negatieve terugkoppeling= een toename van het resultaat die het
proces remt  voorbeeld: het testosteron gehalte in het bloed.

De centra in de hersenen verzamelen informatie en sturen
vervolgens signalen naar de hypothalamus.
RH= releasing hormoon  stimulatie in de hypofyse
IR= inhiberend hormoon  remming
Auto inhibitie= afgifte hypofyse hormoon remt gelijk hypofyse

 De ziekte diabetes mellitus en de mogelijke oorzaken kunnen
beschrijven.

Diabetes mellitus wordt veroorzaakt door een deficiëntie van insuline of een verminderde
response voor insuline in doelwitcellen.
Diabetes mellitus I: auto-immuunziekte waarbij het immuunsysteem de bètacellen
vernietigd. Dan kun je geen insuline meer aanmaken.
Diabetes mellitus II: wordt gekenmerkt door doelwitcellen die niet meer gevoelig zijn voor
insuline. Is erfelijk maar kan ook worden veroorzaakt door overgewicht.

 Bekend zijn met de structuur en het functioneren van het hypothalamus-hypofyse-
systeem, met name ook met de verschillen tussen de neurohypofyse en de adenohypofyse.

De hypofyse is een aanhangseltje onder de hersenen en bestaat
uit twee delen: het posterior gedeelte en het anterior gedeelte.
In de posterior hypofyse worden neuro-hormonen afgegeven
via neuro-endocrine release. ADH zorgt voor het vasthouden
van urine en oxytocine wat zorgt voor emotionele verbinding
tussen mensen.

In de anteriore hypofyse zitten portaal vaten: hier kunnen veel
verschillende hormonen worden afgegeven. Zo zijn er
tropic en non-tropic hormonen:
- Tropic hormoon: kan ook ander hormoon afgeven dat
op doelwitcellen komt  FSH, LH, ACTH, TSH
- Non-tropic hormoon: geproduceerd door endocriene
klier en richt zich rechtstreeks op cellen of weefsel.

 De globale functies, doelwitcellen en
werkingsmechanismen van de belangrijkste hormonen
kunnen toelichten.




3

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 19, 2024
Number of pages
17
Written in
2023/2024
Type
SUMMARY

Subjects

$7.79
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
elinegerritsen

Get to know the seller

Seller avatar
elinegerritsen Universiteit Utrecht
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
-
Member since
2 year
Number of followers
0
Documents
1
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions