en behaald hebt.
Leerdoelen:
I. Kent de verschillende ketens van besturing van organisaties (governancestructuur), zowel voor
non-proft als proftorganisaties.
II. Heeft kennis van hoe een handelsorganisatie haar processen beheerst
Lesdoel HC:
De student kent de onderwerpen die deze les aan bod komen en kan deze reproduceren
Lesdoel WC groot:
de student kan de onderwerpen (gemarkeerd met een *) toepassen op een casus
Onderwerpen Checken door: Leer
-
doel
:
Oorzaak en roep om 1. Waardoor is corporate governance ontstaan en wat I
corporate governance (cg) is de reactie erop?
Corporate governance code is ontstaan doordat er veel
bedrijven waren die ‘ziek’ waren. Dit betekent eigenlijk dat
veel bestuurders winsten zomaar ergens opklopten en
verliezen werden verzwegen. De CG gaat over de zorg voor
een gezonde onderneming.
wat cg is (cg cirkel, in- en 2. Wat is cg? I
externe cg, voor wie cg De CG gaat over de zorg voor een gezonde onderneming.
bedoeld, NL gedragscode: Dit gaat over de volgende onderdelen. Het begint met
waar het in hoofdlijnen uit goed bestuur, vervolgens stelt het bestuur
bestaat)* ondernemingsdoelen vast. Hieruit vloeien risico’s die
beheersbaar moeten worden gemaakt. Zijn de risico’s
daadwerkelijk beheerst? hierop volgt de controle. Als dat
allemaal zeker is kan over worden gegaan naar het
informeren van belanghebbenden. Die informatie is tevens
de basis voor de werkzaamheden van het toezichthoudend
orgaan.
CG: een systeem van wetten, regels en factoren die
invloed uitoefenen op het gedrag van een onderneming.
3. Wat zijn de twee steunpilaren van cg volgens de
commissie Frijns? (zie vraag 1.16 uit CG)
Goed ondernemerschap, waaronder inbegrepen integer en
transparant handelen door het bestuur alsmede goed
toezicht hierop, waaronder inbegrepen het afeggen van
verantwoording over het uitgeoefende toezicht, zijn
essentiele voorwaarden voor het stellen van vertrouwen in
het bestuur en het toezicht door de belanghebbenden.
4. Welke onderdelen behoren tot interne cg en
a. De raad van commissarissen: rol, samenstelling,
diversiteit + ervaring en beloning
b. De directie/bestuur: rechten en plichten, wijze
van belonen
c. de vermogensstructuur van de onderneming:
soorten aandelen met hun rechten,
kapitaalstructuur met EV en VV;
d. de statuten en;
e. de aandacht die er bij de leiding bestaat voor
interne beheersing.
1