Gezondheidswetenschappen VU – jaar 1 – 2023/2024
Samenvatting van de toets van epidemiologie/SPSS – hoorcolleges 1 t/m 4
Hierin staat zowel de hoorcolleges als de kennisclips uitgewerkt :)
PS: ik had als tip meegekregen dat de filmpjes van Niels Bal op YouTube heel duidelijk
waren voor het SPSS gedeelte: Niels Bal - YouTube
Hopelijk wordt dit stomme en lastige vak iets makkelijker met deze samenvatting… Heel
veel succes met leren!!
,HC 1: 08-01-2024
Methodologie= proces tussen wetenschappelijke vraag en het antwoord daarop, de manier hoe je
onderzoek goed doet zodat je betrouwbare kennis genereert
Richt je onderzoek zó in dat er maar één interpretatie van de gegevens mogelijk is > dat
iedereen bij dezelfde resultaten dezelfde conclusie trekt
Toegepaste biostatistiek= onderzoek resulteert in gegevens/data
- Variabiliteit bemoeilijkt de objectiviteit:
1. Iedereen is verschillend
2. Je kunt niet iedereen meten
3. Velen factoren spelen tegelijkertijd en door elkaar heen een rol
4. Zelfs uit goed uitgevoerd onderzoek kun je soms andere conclusies trekken
Onderzoek vind plaats aan de hand van een steekproef die model staat voor een bepaalde populatie
- Pas op: daar hoort onzekerheid bij, want je weet het nooit helemaal zeker
Soorten onderzoek:
Kwantitatief onderzoek= je bent geïnteresseerd in een verschil in cijfers > meting levert een getal op.
Onderzoeker speelt een minimale rol in metingen = epidemiologie
Kwalitatief onderzoek= je bent geïnteresseerd waarom er een verschil in zit > houden van interviews,
focusgroepen, observaties, etc. Onderzoeker speelt rol in metingen
Onderzoeksopstelling bij kwalitatief en kwantitatief onderzoek: onderzoeksvraag – gegevens
verzamelen – analyse – rapportage
Soorten uitkomstmaten:
Continue uitkomstmaat= het kan elke waarde aannemen
- Kijkt enkel naar verschil in gemiddelde of mediaan
Dichotome uitkomstmaat= de uitkomst is er wel of niet
, Onderzoeksdesigns:
Observationeel onderzoek=
bestuderen van 1+ kenmerken van de
populatie in haar natuurlijke setting
Experimenteel onderzoek= je doet iets
met de proefpersonen: je varieert 1+
kenmerken en onderzoekt het effect
Observationeel onderzoek:
Transversaal/cross-sectioneel onderzoek= meting van determinant en uitkomst op hetzelfde moment
Heden: determinant en uitkomst zitten in het heden
Voordelen: snel, efficiënt en relatief goedkoop
Nadelen: vanwege gelijktijdige metingen ongeschikt voor onderzoek naar oorzaak/gevolg
Prospectief cohortonderzoek= proefpersonen met een risicofactor worden langdurig gevolgd om te
onderzoeken of ze een bepaalde ziekte ontwikkelen
Prosectief= determinant in het heden en uitkomst in de toekomst
Groep individuen die toetreedt tot studie, waarvan eenmaal toegetreden blijf je lid (tenzij
lost-to-follow-up/dood)
Voordelen: goed inzicht in oorzaak/gevolg, aangezien de uitkomst nog moet plaatsvinden en
er zijn hierdoor ook weinig selectieproblemen
Nadeel: gevoelig voor selectieve uitval, duurt lang om uit te voeren en bij zeldzame
uitkomsten wordt het snel een dure studie
Case-control/patiënt-controle onderzoek= bepaalde cases worden geselecteerd waarbij wordt
achterhaald wat de oorzaak is. Hierbij wordt een groep personen met de uitkomst vergeleken met
een controlegroep
Retrospectief= determinant terug in de tijd en de uitkomst is in het heden
Recall bias= gedrag moet teruggevraagd worden in de tijd > herinneringen kunnen uitkomst
beïnvloeden
Voordelen: voor zeldzame uitkomsten en geeft inzicht in oorzaak-gevolg
Nadelen: selectie voor controlegroep is moeilijk en recall bias kan onnauwkeurig zijn