Richtlijn Chronisch obstructieve longziekten
Jaar 2 kwartaal 4
Studiejaar 2017/2018
Samenvatting Praktijkrichtlijn Chronische obstructieve longziekten
Domenica Krens
COPD (chronisch obstructieve longziekten) = ‘chronisch obstructief longlijden is een
vermijdbare en behandelbare aandoening met significante extrapulmonale effecten die
kunnen bijdragen tot de ernst van de aandoening bij individuele patiënten. De pulmonale
component wordt gekenmerkt door luchtwegobstructie die niet volledig reversibel is. De
luchtwegobstructie is progressief en geassocieerd met een abnormale inflammatoire
respons van de longen op schadelijke partikels of gassen’.
Mensen hebben symptomen als: kortademigheid, hoesten, piepen, sputumproductie,
herhaaldelijke infectie. Ook kunnen mensen last hebben van systematische gevolgen zoals:
deconditioneren, spierzwakte, gewichtsverlies, ondervoeding. Verder kunnen mensen
psychosociale problemen hebben zoals: depressie, angst en sociaal isolement.
COPD komt bij 0,7% mensen voor binnen de leeftijdscategorie van 40 tot 45 jaar. Dit
percentage neemt in de leeftijd van 80 tot 85 jaar toe tot 15%. Ook komt het vaker voor bij
mensen uit de lagere sociale klasse en het komt steeds meer voor bij vrouwen dan bij
mannen.
Roken is de belangrijkste oorzaak van COPD.
Voorspellende factoren voor het ontwikkelen van COPD zijn:
- Leeftijd
- Eensecondewaarde (forced expiratory volume in one second, FEV1)
- Roken
- Hypoxemie
- Chronische mucushypersecretie
- Kortademigheid
- Afgenomen inspanningscapaciteit
- Afname van dagelijkse fysieke activiteiten
- Afgenomen spiermassa en spierkracht
- Laag BMI
, - Excessief gewichtsverlies.
De FEV1 gaat achteruit door roken, chronische mucushypersecretie en een laag dagelijks
activiteitenniveau.
Training kan een positieve invloed hebben op comorbiditeiten die vaak voorkomen bij COPD zoals,
cardiovasculaire aandoeningen, diabetes, osteoporose en perifeer vaatlijden.
Het aanbieden van fysiotherapie is afhankelijk van klachten van kortademigheid en afgenomen
inspanningvermogen en/of insufficënt mucustransport.
GOLD – stadia: eenvoudige indeling voor de verschillende vormen van COPD.
In het geval van directe toegang fysiotherapie (DTF) moet er gekeken worden naar in welk GOLD
stadium iemand zit en welke MRC-score.
Patiënten met een stadium GOLD I en II zonder functionele beperkingen (MRC < 2), die verder
medicamenteus goed zijn ingesteld, kan de diagnostiek en eventuele behandeling worden ingezet.
Patiënten met GOLD II met functionele beperkingen MRC ≥ 2 of GOLD III of IV, of wanneer het GOLD -
stadium niet bekend is, of de conclusie na screening is ‘niet-pluis’, wordt contact opgenomen met de
huisarts of specialist.
Er zijn 2 behandelvormen voor COPD:
- Het multidisciplinair revalidatieprogramma
- Beweegprogramma onder toezicht van een eerstelijns fysiotherapeut.
Jaar 2 kwartaal 4
Studiejaar 2017/2018
Samenvatting Praktijkrichtlijn Chronische obstructieve longziekten
Domenica Krens
COPD (chronisch obstructieve longziekten) = ‘chronisch obstructief longlijden is een
vermijdbare en behandelbare aandoening met significante extrapulmonale effecten die
kunnen bijdragen tot de ernst van de aandoening bij individuele patiënten. De pulmonale
component wordt gekenmerkt door luchtwegobstructie die niet volledig reversibel is. De
luchtwegobstructie is progressief en geassocieerd met een abnormale inflammatoire
respons van de longen op schadelijke partikels of gassen’.
Mensen hebben symptomen als: kortademigheid, hoesten, piepen, sputumproductie,
herhaaldelijke infectie. Ook kunnen mensen last hebben van systematische gevolgen zoals:
deconditioneren, spierzwakte, gewichtsverlies, ondervoeding. Verder kunnen mensen
psychosociale problemen hebben zoals: depressie, angst en sociaal isolement.
COPD komt bij 0,7% mensen voor binnen de leeftijdscategorie van 40 tot 45 jaar. Dit
percentage neemt in de leeftijd van 80 tot 85 jaar toe tot 15%. Ook komt het vaker voor bij
mensen uit de lagere sociale klasse en het komt steeds meer voor bij vrouwen dan bij
mannen.
Roken is de belangrijkste oorzaak van COPD.
Voorspellende factoren voor het ontwikkelen van COPD zijn:
- Leeftijd
- Eensecondewaarde (forced expiratory volume in one second, FEV1)
- Roken
- Hypoxemie
- Chronische mucushypersecretie
- Kortademigheid
- Afgenomen inspanningscapaciteit
- Afname van dagelijkse fysieke activiteiten
- Afgenomen spiermassa en spierkracht
- Laag BMI
, - Excessief gewichtsverlies.
De FEV1 gaat achteruit door roken, chronische mucushypersecretie en een laag dagelijks
activiteitenniveau.
Training kan een positieve invloed hebben op comorbiditeiten die vaak voorkomen bij COPD zoals,
cardiovasculaire aandoeningen, diabetes, osteoporose en perifeer vaatlijden.
Het aanbieden van fysiotherapie is afhankelijk van klachten van kortademigheid en afgenomen
inspanningvermogen en/of insufficënt mucustransport.
GOLD – stadia: eenvoudige indeling voor de verschillende vormen van COPD.
In het geval van directe toegang fysiotherapie (DTF) moet er gekeken worden naar in welk GOLD
stadium iemand zit en welke MRC-score.
Patiënten met een stadium GOLD I en II zonder functionele beperkingen (MRC < 2), die verder
medicamenteus goed zijn ingesteld, kan de diagnostiek en eventuele behandeling worden ingezet.
Patiënten met GOLD II met functionele beperkingen MRC ≥ 2 of GOLD III of IV, of wanneer het GOLD -
stadium niet bekend is, of de conclusie na screening is ‘niet-pluis’, wordt contact opgenomen met de
huisarts of specialist.
Er zijn 2 behandelvormen voor COPD:
- Het multidisciplinair revalidatieprogramma
- Beweegprogramma onder toezicht van een eerstelijns fysiotherapeut.