(Hoofdstuk 1 t/m 7)
Auteur: Anke van Ledden
Hoofdstultk 1: Wat is cultutultultr en intercultutultreue commultnicatieee
Cultuur kunnen we zien als een ui met drie verschillende lagen:
De buitenste laag noemen we de tastbare zaken of artefactenr het zijn de eerste zaken de je
waarneemt.
De tweede laag noemen we normen en waardenr dit zijn zowel de geschreven als ongeschreven
standaarden voor correct en gewenst gedrag.
De diepste laag zijn de basiswaarden, deze zijn abstract en onzichtbaar. Deze leren we al op heel
jonge leefijden we zijn ons niet bewust van de groote van de impact van deze waarden.
Volgens Geert Hofstede is cultuur ‘de collecteve mentale programmering die de leden van een
groep onderscheidt van die andere groepen.’
Cultuur is aangeleerd, deze ‘programmering’ gebeurd via de opvoeding, socialisate, normen en
waarden en door de waarneming.
Elke cultuur heef ook zo zijn subculturen, deze kunnen elkaar ook overlappen.
Communicate is het uitwisselen van informate, als je informate wilt geven aan een ander ben jij de
zender. De informate wordt ingecodeerd door bijvoorbeeld taal of gebaren, via een kanaau komt dit
dan uiteindelijk bij de ontvaninger terecht. Deze decodeert de boodschap en kan hierop reaingeren.
Er kan sprake zijn van cultutultreue rultis, dat betekent dat culturele programmering de boodschap
beïnvloed.
Hoofdstultk 2: Intercultutultreeu commultniceren met de zes basiswaarden van Hauu
We onderscheiden hoog- en laagcontext culturen.
- Een laagcontextcultuur wordt informate expliciet gecommuniceerd, dat wil zeggen: met
woorden. Mensen willen graag de informate structureren en indelen in segmenten
- In een hoogcontextcultuur zit een deel van de informate in de persoon zelf en de context
van de boodschap. Er wordt minder expliciet (met woorden) gecommuniceerd, maar juist
veel impliciet, denk aan non-verbaal.
Ook maken we onderscheid tussen twee tjdbelevingen.
- Monochrome tjdsbeleving betekent dat je tjdbeleving lineair is, het is als een lange weg
vanuit het verleden, via het heden naar de toekomst. Tijd wordt in blokken afgebakend en dit
wordt door Hall en Hall compartmentaliseren genoemd. Er wordt op 1 ding tegelijk gefocust
en er wordt een plan gemaakt, als alles volgens plan gebeurd is het goed. Er wordt over tjd
gepraat alsof het geld is.
- In een polychrone cultuur leven mensen in een zee van ruimte, tjd en contacten. Tijd
beweegt zich ruimtelijk in plaats van lineair, mensen doen dingen tegelijk en zijn meer met
elkaar bezig dan met planningen maken.
Mensen hebben naast hun fysieke grens (huid) ook een persoonlijke grens die onze persoonlijke
ruimte beschermt. Hoe groot deze afstand is, is per persoon en situate verschillend.
In laagcontext landen zijn de persoonlijke ruimtes relatef groot. In hoogcontext landen is de ruimte
juist kleiner.