a. Argument 1: Na hematopoietische
celtransplantatie gaat de T-cel populatie
door twee fasen. In eerste instantie is er
expansie van het aantal T-cellen, maar
vervolgens (na 6 maanden) neemt het
aantal T-cellen weer significant af als
gevolg van activatie-geïnduceerde celdood.
Dit geeft dus aan dat er geen sprake is van
homeostatisch mechanisme. Dan zou de
grootte van de T-cel populatie namelijk
worden aangepast totdat de goede grootte
is bereikt, maar daarna niet juist weer
afnemen. Zie figuur 3.
Argument 2: Uit figuur 2D blijkt dat er een
groot verschil is tussen de TREC content
van groep 1 (geen complicaties) en groep 2
(wel complicaties/infecties). De groep met
complicaties heeft een significant lagere
TREC content. Aangezien een lagere
TREC content juist meer proliferatie van de T-cel populatie
betekent, kan hieruit geconcludeerd worden dat de
expansie van de T-cel populatie gedreven wordt door
antigenen (in de vorm van de infecties bij groep 2) en niet
door homeostase.
b. A =T/N
dT /dt=cσ (t)−dT is bij evenwicht 0, dus T =cσ (t)/d (
σ (t)= s)
dN /dt =σ (t )+ pN −dN is bij evenwicht ook 0, dus
N ( p−d)=−σ (t)en N=−s (t)/( p−d )
Uitgerekend met de waardes uit de opgave, volgt hieruit
dat T =50en N=400, dus A=0,125
Dit klopt met de waarde die rStudio geeft, dus dit is
inderdaad het equilibrium.
c. De grootte van de T-cel populatie
neemt af, dus de TREC content neemt
juist toe. Zie de 4e afbeelding, (a) en
(b).
d. Na de stamceltransplantatie neemt de
grootte van de T-cel populatie weer toe,
dus zal de TREC content juist afnemen
(wanneer er geen productie meer
plaatsvindt door de thymus).
e. In figuur 2A is te zien dat de TREC
content na PSCT in eerste instantie afneemt, maar uiteindelijk ook weer toeneemt.
Hier kan geen andere oorzaak voor worden gevonden dan het feit dat de thymische
output van T-cellen weer toeneemt. De TREC content controle en de TREC content