Biologie H7 – evolutie
7.1
Creationisme: God heeft alles gemaakt
Evolutie: ontwikkeling van het leven door veranderingen en het ontstaan van nieuwe
soorten
Evolutie theorieën:
- catastrofetheorie, Cuvier(1768-1832), een grote natuurramp was de oorzaak dat
organismen stierven en kwamen er nieuwe soorten
Evolutietheorie, De Lamarck(1744-1824), organisme past zich aan zijn omgeving en
die aanpassingen geeft die door aan zijn nakomelingen
Natuurlijke selectie, Darwin(1809-1882),in een populatie individuen verschillen in
eigenschappen en leefomgeving oefent een selectie druk uit op hun
overlevingskansen
Ontdekking van DNA en mutaties hebben de evolutietheorie onderbouwing gegeven
-> neodarwinistische theorie
Wetenschappers kunnen veel afleiden uit schedels en botresten van de eerste
mensachtigen
Ook geven fossielen informatie over de leefwijze en het voedsel
Wetenschappers zeggen dat de Homo Sapiens ongeveer 200,000 jaar geleden in
Afrika is ontstaan -> out-of-Africa-hypothese
Door onderzoek van de Y-chromosomale Adam en mitochondriale Eva is de herkomst
afgeleid
7.2
Het veranderen van een populatie samenstelling door natuurlijke selectie hangt af
van de selectie druk
Verandert de selectiedruk dan zal ook de natuurlijke selectie wijzigen: de
populatiesamenstelling gaat opnieuw veranderen
Co-evolutie = bij 2 soorten die voedselbetrekking hebben kan er een voortdurende
ontwikkeling zijn van mogelijkheden om de ander te overwinnen of eraan te
ontkomen, waarbij het succes van de ene soort een selectiedruk oplevert voor de
andere, wat weer leidt tot een selectiedruk voor de eerste soort
Rampen kunnen de oorzaak zijn dat populaties splitsen
Allopatrische soortvorming: soorten worden door barrière gescheiden, na het
opheffen kunnen ze elkaar niet meer herkennen of vruchtbare nakomelingen krijgen
Sympatrische soortvorming: nieuwe soorten ontstaan uit eenzelfde populatie,
organismen in hetzelfde gebied planten voor in een kleine deelgroep (seksuele
selectie)
Klassieke verdeling = kweken of fokken van rassen met ideale eigenschappen
Kunstmatige selectie = een vorm van evolutie gestuurd door mensen
7.3
7.1
Creationisme: God heeft alles gemaakt
Evolutie: ontwikkeling van het leven door veranderingen en het ontstaan van nieuwe
soorten
Evolutie theorieën:
- catastrofetheorie, Cuvier(1768-1832), een grote natuurramp was de oorzaak dat
organismen stierven en kwamen er nieuwe soorten
Evolutietheorie, De Lamarck(1744-1824), organisme past zich aan zijn omgeving en
die aanpassingen geeft die door aan zijn nakomelingen
Natuurlijke selectie, Darwin(1809-1882),in een populatie individuen verschillen in
eigenschappen en leefomgeving oefent een selectie druk uit op hun
overlevingskansen
Ontdekking van DNA en mutaties hebben de evolutietheorie onderbouwing gegeven
-> neodarwinistische theorie
Wetenschappers kunnen veel afleiden uit schedels en botresten van de eerste
mensachtigen
Ook geven fossielen informatie over de leefwijze en het voedsel
Wetenschappers zeggen dat de Homo Sapiens ongeveer 200,000 jaar geleden in
Afrika is ontstaan -> out-of-Africa-hypothese
Door onderzoek van de Y-chromosomale Adam en mitochondriale Eva is de herkomst
afgeleid
7.2
Het veranderen van een populatie samenstelling door natuurlijke selectie hangt af
van de selectie druk
Verandert de selectiedruk dan zal ook de natuurlijke selectie wijzigen: de
populatiesamenstelling gaat opnieuw veranderen
Co-evolutie = bij 2 soorten die voedselbetrekking hebben kan er een voortdurende
ontwikkeling zijn van mogelijkheden om de ander te overwinnen of eraan te
ontkomen, waarbij het succes van de ene soort een selectiedruk oplevert voor de
andere, wat weer leidt tot een selectiedruk voor de eerste soort
Rampen kunnen de oorzaak zijn dat populaties splitsen
Allopatrische soortvorming: soorten worden door barrière gescheiden, na het
opheffen kunnen ze elkaar niet meer herkennen of vruchtbare nakomelingen krijgen
Sympatrische soortvorming: nieuwe soorten ontstaan uit eenzelfde populatie,
organismen in hetzelfde gebied planten voor in een kleine deelgroep (seksuele
selectie)
Klassieke verdeling = kweken of fokken van rassen met ideale eigenschappen
Kunstmatige selectie = een vorm van evolutie gestuurd door mensen
7.3