ANFY
Les 1 en 2 vrouwelijke en mannelijke geslachtsorganen
Algemeen/geslachtshormonen
Wat zijn hormonen worden aangemaakt door de endocriene klieren en worden doorgegeven
via de bloedbaan en wordt de boodschap zo doorgegeven.
Klierweefsel
We onderscheiden twee soorten klierweefsel:
• Endocrien: dit klierweefsel scheidt zijn hormonen af in de bloedbaan
• Exocrien: dit klierweefsel scheidt zijn producten af (als regel via een aparte
klierafvoergang) naar de buitenwereld (bijv. talgklier, zweetklier)
Endocriene klieren = hormoonproducenten
• Hypothalamus
• Hypofyse
• Schildklier
• Bijnieren
• Ovaria / Testes
• Bijschildkliertjes
• Pancreas / Alvleesklier
Hypothalamus reguleert:
- bloeddruk
- hartslag
- honger
- dorst
- slaap-waakritme
- seksuele opwinding
- lichaamstemperatuur.
De besturing van het hormonale systeem vanuit de hypothalamus verloopt voor een groot
deel via de hypofyse (releasing factors; soort hormoon activatiestoffen die zorgen voor
activatie van hypofyse door hypothalamus). Hypofyse heeft voorkwab en achterkwab.
Drie mechanismen voor regulering door de hypothalamus van andere endocriene organen:
Rechtstreeks naar de bijniermerg (stress achtige stoffen)
Achterkant hypofyse dankzij zenuwbanen
Voorkant doormiddel van releasing factors
De hypofyse, zie blok … HERHALING
ACTH stimuleert de bijnierschors tot glucocorticosteroiden, mineralcorticosteroiden en
mindere mate van geslachtshormonen
FSH stimuleert ovarium/testi om geslachtshormonen te maken
LH stimuleert ovarium/testi om geslachtshormonen te maken
Bijnier bestaat uit twee delen:
• Schors (cortex): buitenste laag
, - Glucocorticosteroiden (o.a. cortisol)
- Mineralcorticosteroiden (o.a. aldosteron)
- Geslachtshormonen (o.a. testosteron/androgenen)
o Mannelijke androgenen (is een groep hormonen, belangrijkste is testosteron)
o Vrouwelijke oestrogenen
De androgenen (o.a. testosteron) zijn de enige geslachtshormonen, geproduceerd
door de bijnier die enig effect hebben
• Merg (medulla): binnenste laag
- Adrenaline
- Noadrenaline
afgifte van deze hormonen wordt niet via de hypothalamus/ hypofyse geregeld maar
staan onder invloed van het vegetatieve zenuwstesels prikkels zoals bv koude/ pijn/
trauma / emoties stimuleren de afgifte
Ovaria/testes → wordt gestimuleerd door FSH en LH
• Geslachtshormonen
- Androgenen
- Oestrogenen
Gevormd in: geslachtsorganen (testis/ovaria), gedurende de zwangerschap in de
placenta, in mindere mate in de bijnierschors
• Ontwikkeling geslachtsorganen
- Vrouwelijke en mannelijke geslachtsorganen ontstaan uit dezelfde indifferente aanleg
- Inwendige geslachtsorganen: genitaalplooien
- Uitwendige geslachtsorganen: genitaalknobbel/genitaal verdikking
Mannelijke geslachtsorganen
Mannelijke geslachtsorganen:
• Scrotum (=balzak)
- Testis (=zaadbal, teelbal, testikel)
o Descensus testis: de teelballen dalen aan het einde van de foetale ontwikkeling in
de scrotum
o Waarom: omdat de spermacellen daar gemaakt worden en ze kunnen wandelen
richting de buik. Voor temperatuur is het belangrijk, als temperatuur hoog is kan
spermacellen niet goed functioneren
o Indien niet wat dan: dat kan zich later ontwikkelen tot maligniteit
o Cremaster reflex: testis kan toch even terug naar kanaal als bescherming as iets
gebeurt bv een trauma bij mannen. Dit is een beschermreflex.
o Zaadproductie
▪ Waar: in testis
▪ Waar wordt het bewaard: in de bijbal
▪ Hoeveel sperma cellen bevat een ejaculaat: miljoenen
o Productie van testosteron en productie van zaadcellen. Dit vind plaats in
kanaaltjes in de testis (zaadkanalen) en bewaard in bijbal.
o Spermatozo (=zaadcellen)
▪ Testis weefsel is verdeeld in lobjes en hierhin zitten zaadkanaaltjes waarin de
zaadcellen ontstaan en worden bewaard in de bijbal. Dan gaat het via
zaadleider verder richting uretha
▪ Acrosoom
▪ Middenstuk
▪ Staart
▪ Hoeveel chromosomen bevat een
spermatozoom en door welke deling ontstaat
deze: 23 chromosomen en deling door meiose
- Epididymis (=bijbal)
, - Zaadbal en bijbal hangen in het scrotum
• Prostaat
- Functie: productie van vocht in sperma, net als zaadblaasjes
- Hoe groot is hij: gemiddelde kastanje
- Kan een man zonder: ja kan, maar sommige functies zijn dan niet zo ideaal. Kunnen
problemen hebben met erectie of ejaculatie of plassen.
- Ligt rondom de urethra en ligt onder de urineblaas. Bij
zaadlozing moet alleen sperma eruit komen en niet urine
- Vergroting van prostaat is niet ernstig, maar kan ook
problemen geven met urineren. Dit is ook met prostaatkanker.
• Penis
- 3 zwellichamen:
o 2x corpus cavernosum
o 1x corpus spongium zit de uretha
- Erectie: zonder zwellichamen kan men geen erectie krijgen
1 vesica seminalis (zaadblaasje) 6 scrotum (balzak)
2 prostaat 7 urethra (plasbuis)
3 bulbourethral glans (cowperse klier) 8 corpus cavenosum (zwellicham)
4 epididymis (bijbal) 9 ductus deferens (zaadleider)
5 testis (bal) 10 vesica urinaria (blaas)
, Mannelijke geslachtshormonen
• Testosteron
- Wordt geproduceerd in de testis in de cellen van Leydig (belangrijkste producent van
testosteron)
- regeling vindt plaats via de hypothalamus/ hypofyse via LH dankzij negatieve
terugkoppeling
- de groei en rijping van zaadcellen in de zaadbuisjes wordt geregeld via FSH in de
testis
- zorgt voor ontwikkeling van primaire en secundaire geslachtskenmerken
- primair: ontwikkeling testis
- secundair: ontwikkeling
o penis/scrotum/zaadleider/prostaat
o baardgroei/oksel/lichaamsbeharing
o toename eiwitsynthese spieren/bot
• Androsteron (wordt bijna nooit genoemd)
• Bijnierschors: de androgenen
Het voortplantingsstelsel van een man:
Sperma bestaat uit:
• Zaadcellen (spermacellen) uit de teelballen
• Basisch vocht uit de zaadblaasjes dat de zaadcellen actief maakt
• Vocht met voedingsstoffen afkomstig uit de prostaat
Tijdens een zaadlozing verlaten 100 tot 400 milljoen zaadcellen het lichaam
Vrouwelijke geslachtsorganen