Oudheid hoorcollege 25
Christendom
410 n.C. dit is het jaar waarin Rome ingenomen wordt door niet-Romeinen, de stad
wordt ingenomen door Allarik, er gaat een schok door Italië hoe kon dit gebeuren,
vele mensen uit Rome vluchtten naar Noord-Afrika ze komen terecht bij een
beroemde man de kerkvader Augustinus van Hippo, zij vragen hem hoe kan het dat
Rome wordt ingenomen door woeste niet Romeinen zijn antwoord formuleerde hij
in een boek over de stads Gods, hij zegt daarbij het volgende al wat er dus bij de
ramp bedreven is, is uitsluitend te wijten aan oorlogsgebruik ofwel het hoort bij
oorlog, maar volgens hem het nieuwe was dat er in die basilieken mensen konden
schuilen die nooit werden getroffen door de vijanden hij zegt dus wat er nieuw is
dat er dankzij de christelijke God veel mensen gespaard zijn met andere woorden de
christelijke God heeft de barbaren milder gemaakt. Dit is al een voorbeeld, vandaag
kijken we naar wat het christendom deed met de Romeinse samenleving.
Hoe komt het dat deze kleine religieuze beweging aan de grenzen plots
geaccepteerd werd en daarna zelfs staatsgodsdienst?
Het religieuze landschap bij de Romeinen kenmerkt zich door polytheïsme en
tradities, het beleid was dat als ze een gebied veroverden de tradities en goden
mochten blijven bestaan maar werden dan vaak wel vermengd syncretisme. De
enige uitzondering hierop zijn de Joden, die doen dit niet, Joden werden niet
vervolgd waarom de Romeinen accepteerden na de verovering van Judea dat dat
volk monotheïstisch is, ze vinden dit niet zo erg is toch ver weg, bij de christenen
vinden ze het wel erg want het is binnen het Romeinse rijk en dus worden ze
vervolgd. De Joden kregen vrijheid van geloof en de belasting mochten ze zelf heffen
en deze ging naar de tempel van Jeruzalem, Romeinen lieten de Joden dus
verdergaan zoals ze altijd gedaan hebben. Dit gaat op een gegeven moment fout, in
de periode van 66 tot 70 v.C. komen zij in opstand tegen de Romeinen, er komt een
leger en ze verwoesten de tempel in Jeruzalem (2 e keer). Het geld en de buit vanuit
Jeruzalem worden gebruikt voor de bouw van het Colosseum en de Boog van Titus.
Op het moment dat de tempel verwoest wordt, wordt ook de belasting weer geïnd dor
Romeinen en gaat weer naar Rome, de Joden verloren hun privileges, en dit is een
belangrijk moment voor het christendom, vanaf dit moment zag de Romeinse
overheid christenen en Joden als twee aparte groepen.
Hoe snel groeit het christendom?
Is een problematische vraag omdat aantallen in antieke bronnen altijd onbetrouwbaar
zijn, je stelt dus een vraag die je eigenlijk niet echt kunt beantwoorden, toch is het
een vraag die voortdurend weer opkomt. Een socioloog heeft geprobeerd dit te
beantwoorden, door te kijken naar de groei van christengemeenschappen in Amerika
in de 19e eeuw, hij zegt dat het per 10 jaar met 40% toenam, hij kwam uit op dat rond
300 10% van de bevolking christenen zijn, ofwel toen werd christendom pas echt
zichtbaar dit zou kloppen want in 313 het edict van Milaan. Daarna een explosieve
groei. De vraag is echter waarom je uitgaat van een exponentiële groei. Het
beantwoord in ieder geval niet de vraag waarom er groei is. Het probleem is hij
Christendom
410 n.C. dit is het jaar waarin Rome ingenomen wordt door niet-Romeinen, de stad
wordt ingenomen door Allarik, er gaat een schok door Italië hoe kon dit gebeuren,
vele mensen uit Rome vluchtten naar Noord-Afrika ze komen terecht bij een
beroemde man de kerkvader Augustinus van Hippo, zij vragen hem hoe kan het dat
Rome wordt ingenomen door woeste niet Romeinen zijn antwoord formuleerde hij
in een boek over de stads Gods, hij zegt daarbij het volgende al wat er dus bij de
ramp bedreven is, is uitsluitend te wijten aan oorlogsgebruik ofwel het hoort bij
oorlog, maar volgens hem het nieuwe was dat er in die basilieken mensen konden
schuilen die nooit werden getroffen door de vijanden hij zegt dus wat er nieuw is
dat er dankzij de christelijke God veel mensen gespaard zijn met andere woorden de
christelijke God heeft de barbaren milder gemaakt. Dit is al een voorbeeld, vandaag
kijken we naar wat het christendom deed met de Romeinse samenleving.
Hoe komt het dat deze kleine religieuze beweging aan de grenzen plots
geaccepteerd werd en daarna zelfs staatsgodsdienst?
Het religieuze landschap bij de Romeinen kenmerkt zich door polytheïsme en
tradities, het beleid was dat als ze een gebied veroverden de tradities en goden
mochten blijven bestaan maar werden dan vaak wel vermengd syncretisme. De
enige uitzondering hierop zijn de Joden, die doen dit niet, Joden werden niet
vervolgd waarom de Romeinen accepteerden na de verovering van Judea dat dat
volk monotheïstisch is, ze vinden dit niet zo erg is toch ver weg, bij de christenen
vinden ze het wel erg want het is binnen het Romeinse rijk en dus worden ze
vervolgd. De Joden kregen vrijheid van geloof en de belasting mochten ze zelf heffen
en deze ging naar de tempel van Jeruzalem, Romeinen lieten de Joden dus
verdergaan zoals ze altijd gedaan hebben. Dit gaat op een gegeven moment fout, in
de periode van 66 tot 70 v.C. komen zij in opstand tegen de Romeinen, er komt een
leger en ze verwoesten de tempel in Jeruzalem (2 e keer). Het geld en de buit vanuit
Jeruzalem worden gebruikt voor de bouw van het Colosseum en de Boog van Titus.
Op het moment dat de tempel verwoest wordt, wordt ook de belasting weer geïnd dor
Romeinen en gaat weer naar Rome, de Joden verloren hun privileges, en dit is een
belangrijk moment voor het christendom, vanaf dit moment zag de Romeinse
overheid christenen en Joden als twee aparte groepen.
Hoe snel groeit het christendom?
Is een problematische vraag omdat aantallen in antieke bronnen altijd onbetrouwbaar
zijn, je stelt dus een vraag die je eigenlijk niet echt kunt beantwoorden, toch is het
een vraag die voortdurend weer opkomt. Een socioloog heeft geprobeerd dit te
beantwoorden, door te kijken naar de groei van christengemeenschappen in Amerika
in de 19e eeuw, hij zegt dat het per 10 jaar met 40% toenam, hij kwam uit op dat rond
300 10% van de bevolking christenen zijn, ofwel toen werd christendom pas echt
zichtbaar dit zou kloppen want in 313 het edict van Milaan. Daarna een explosieve
groei. De vraag is echter waarom je uitgaat van een exponentiële groei. Het
beantwoord in ieder geval niet de vraag waarom er groei is. Het probleem is hij