Samenvatting Communicanate & Samenreinicang (CS)
Indicavicaduele gespiensvoeiicang
3.2.5
Terloops gesprek gespreksmomenten die door de professionele hulpverlener wel kunnen worden
opgezocht, maar niet met enige zekerheid gepland.
Twee aspecten van een terloops gesprek:
- Alle professionele hens aan dek.
- Professionele attude.
Je dient te beschikken over een hulpverleningsattude waarin de leefwereld van de cliënt centraal
staat. Deze attude impliceert dat:
- Cliënten niet per se hoeven te veranderen (ze mogen zonder hulpvraag uitng geven aan
frustratess.
- Cliënten er afwijkende levensstjlen op na mogen houden (ze hoeven geen modale burgers te
wordens.
- Cliënten altjd indicates geven voor gespreksstof en omgangsvormen (ze hoeven zich niet te
voegen naar het referentekader van hulpverlenerss.
- Cliënten alleen in beweging komen voor zaken die hen echt aan het hart gaan (ze hoeven
zich weinig gelegen te laten liggen aan zaken die de hulpverlener aan het hart gaans.
- Cliënten beschikken over een probleemoplossend vermogen (ze dragen oplossingen aan voor
naar hun maatstaven problematsche situates en benoemen gewenste situatess.
- Cliënten zelf bepalen wannéér ze in beweging komen - en hoe lang ze doen over een
veranderingsproces (het hulpverleningskwartet van hulpvraag-aanpak-termijn-efect is niet
gezaghebbends.
- Cliënten kunnen veranderen door ongeregelde, terloopse hulpverlening (geplande
hulpverlening is niet altjd de aangewezen weg en kan contraproductef zijns.
Het leidmotef in deze uitgangspunten is dat hulpverleners zich aanpassen aan hun cliënten en in
hoge mate voegen naar de leefwereld van de cliënten.
Indicavicaduele gespiensvoeiicang
3.2.5
Terloops gesprek gespreksmomenten die door de professionele hulpverlener wel kunnen worden
opgezocht, maar niet met enige zekerheid gepland.
Twee aspecten van een terloops gesprek:
- Alle professionele hens aan dek.
- Professionele attude.
Je dient te beschikken over een hulpverleningsattude waarin de leefwereld van de cliënt centraal
staat. Deze attude impliceert dat:
- Cliënten niet per se hoeven te veranderen (ze mogen zonder hulpvraag uitng geven aan
frustratess.
- Cliënten er afwijkende levensstjlen op na mogen houden (ze hoeven geen modale burgers te
wordens.
- Cliënten altjd indicates geven voor gespreksstof en omgangsvormen (ze hoeven zich niet te
voegen naar het referentekader van hulpverlenerss.
- Cliënten alleen in beweging komen voor zaken die hen echt aan het hart gaan (ze hoeven
zich weinig gelegen te laten liggen aan zaken die de hulpverlener aan het hart gaans.
- Cliënten beschikken over een probleemoplossend vermogen (ze dragen oplossingen aan voor
naar hun maatstaven problematsche situates en benoemen gewenste situatess.
- Cliënten zelf bepalen wannéér ze in beweging komen - en hoe lang ze doen over een
veranderingsproces (het hulpverleningskwartet van hulpvraag-aanpak-termijn-efect is niet
gezaghebbends.
- Cliënten kunnen veranderen door ongeregelde, terloopse hulpverlening (geplande
hulpverlening is niet altjd de aangewezen weg en kan contraproductef zijns.
Het leidmotef in deze uitgangspunten is dat hulpverleners zich aanpassen aan hun cliënten en in
hoge mate voegen naar de leefwereld van de cliënten.