Handboek verpleegkunde
11.3
Patiëntenvoolichttng cs een koepeibeglcp vool dcvelse volmen van doeigelchtte en systematsht
toegepaste hommunchateplohessen, gelchtt op tet bevoldelen van kenncs, cnzchtt en motvate en
tet velgloten van de tandeicngs- en besiuctvolmcngsmogeicjkteden van een patiënt en zcjn sohcaie
omgevcng om tet omgaan met of telstei van zcekte te bevoldelen.
Vcel deeifunhtes van patiëntenvoolichttngg:
- Infolmate fecteicjke cnfolmate geven aan de patiënt ovel zcekte, betandeicng of
velzolgcng.
- Instluhte honhlete lchtticjnen of voolshtlcfen geven dce een patiënt moet opvoigen cn
velband met de betandeicng, bcjvoolbeeid medchcjngebluck en ademtaicngsoefencngen.
- Eduhate uctieg geven ovel de zcekte en betandeicng met tet doei dat de patiënt gaat
cnzcen wat tcj zeif kan doen om betel te wolden of zcjn zcekte ondel hontloie te touden.
Bcjvoolbeeid een patiënt met astma uctieggen wat de gevoigen kunnen zcjn van tet
cnademen van stof, met tet doei dat de patiënt dct plobeelt te voolkomen.
- Begeiecdcng de patiënt emotoneei ondelsteunen, zodat tcj zcjn zcekte en de gevoigen
daalvan zo goed mogeicjk kan tantelen. Bcjvoolbeeid een patiënt ondelsteunen bcj tet
velwelken van de dcagnose kankel.
Ttelapcetlouw de mate waalcn tet gedlag van een patiënt (cn telmen van medchcjngebluck, dceet,
velandelde ieefstji en delgeicjke) oveleenkomt met tet medcsht of gezondtecdsadvces.
Copcng cs een denk- en tandeiwcjze om bcj stlessvoiie sctuates, zoais bcj zcekte, de nceuwe
bedlecgende sctuate emotoneei te kunnen beteelsen, tet evenwchtt te telvcnden en plobiemen op
te iossen.
- Plobieemgelchtte hopcng.
- Emotegelchtte hopcng, kan bestaan uctg:
o Ontkennen, velmcjden of afstand nemen.
o Steun zoeken bcj andelen en sohcaie omgevcng.
o Belusten en ahheptelen.
o Humol, zeifnstluhte, posctef denken.
11.4
Voolichttngsplohesg:
- Fase 1 gegevens velzameien.
- Fase 2 de voolichttngsbetoefe vaststeiien.
- Fase 3 de voolichttngsdoeien vaststeiien.
Cogncteve doeien (kenncsdoeien)g:
o De patiënt kan de plohedule van een ondelzoek beshtlcjven.
o De patiënt kan tet beiang van nuhttel zcjn uctieggen en de voolshtlcfen daalbcj
noemen.
o De patiënt cs cn staat de ledenen vool ademtaicngsoefencngen na de opelate te
noemen.
o De patiënt kan uctieggen weike maatlegeien tcj neemt cn gevai van een
typogiykemce.
Affehteve doeieng:
o De patiënt geef aan gemotveeld te zcjn vool een dceet.