Hoorcollege 14 – Rode draad thema 5 – Overgang van koudbloedig naar
warmbloedig (21-12-2017)
Algemene principes vertering
Mechanisch proces: kauwen, slikken, mengen.
Secrete an erteringssappen.
Enzymatsche afbraak an nutrinnten.
Absorpte.
Uitscheiden.
Vertering = Alle processen die wij zelf doen (alles wat je zelf produceert).
Fermentate = Het afbreken an plantaardig materiaal m.b. . hulpbronnen.
Oerdarm
Voordarm.
Middendarm.
Einddarm.
Voordarm
Pharynx (kieuwboogderi aten).
Luchtwegen.
Slokdarm.
Maag.
Le er.
Pancreas = Al leesklier.
Gedeelte duodenum = twaalf ingerige darm: het stukje waar de pancreas in uitmondt.
De mondholte is ectodermaal. Achter het oropharyngeaal membraan ligt endodermaal weefsel.
Het eerste gedeelte an de oordarm is de pharynx. Aan de entrale zijde an de oordarm ontstaan de
luchtwegen.
Middendarm
Dunne darm:
Laatste gedeelte an het duodenum.
Jejunum.
Ileum: eindgedeelte dunne darm.
Dikke darm:
Cecum = Blinde darm (eindigt blind, doodlopend).
Colon ascendens (opstjgende deel dikke darm).
Colon trans ersus (eerste tweederdedeel).
Einddarm
Colon trans ersum (laatste deel).
Colon descendens (naar beneden lopende deel an de dikke darm).
Cloaca.
Rectum Anus.
1
, Sinus urogenitalis Geslachtsopening.
De scheiding tussen de oor- en einddarm wordt gemaakt door de arteria mesenterica cranialis (afakking
aorta). Alles wat deze arteria an bloed oorziet, wordt de middendarm genoemd.
Ontwikkeling primair gehemelte
Er ontstaat een scheiding tussen neus- en mondholte: het gehemelte. Eerst ormt zich het primaire
gehemelte. Ver olgens ormt zich het secundaire gehemelte. Dit secundaire gehemelte groeit anaf
lateraal naar elkaar toe en sluit in het midden. Het primaire gehemelte blijf liggen. Het secundaire
gehemelte sluit aan oorzijde an de mond aan op het primaire gehemelte.
Ontwikkeling secundair gehemelte
Proccesi palatni groeien in richtng het midden.
De neusgang groeit an bo en naar beneden. Het gehemelte sluit hierop aan.
Een unieke eigenschap an zoogdieren is het hebben an een gesloten gehemelte. Dit crenert een
onderdruk om te kunnen zuigen. Andere dieren hebben een open gehemelte: lucht uit de neus kan in de
mondholte komen.
Papilla incisi a = Uiteindelijk primair gehemelte.
Palatum durum = Harde gehemelte, waar direct bot onder zit.
Palatum molle = Zacht gehemelte, achterin.
Arcus palatoglossus = Rechtopstaande bogen die de scheding weerge en an de mondholte en de
keelholte. = De posite waar het oropharyngeaal membraan zat.
Bij mens loopt zacht gehemelte o er in huig.
Mondholte: herbivoor vs carnivoor
Herbi oor:
Mond kan niet er open.
Mondspleet is kleiner.
Mondholte is groter dan je denkt.
Carni oor:
Mond kan er open.
Mondspleet is groter.
Geef indicate an grote mond.
Gebit
Homodont = Gebitselementen zijn gelijk an orm.
VB: Haai
Heterodont = Gebitselementen zijn erschillend an orm
en functe.
VB: Hond.
2