Tentamen Bedrijfsrecht 1
2E JAAR OFFICEMANAGEMENT
PERIODE 1
, 1. Het minimumkapitaal bij een naamloze vennootschap bedraagt:
a. Euro 45.000,--
b. Euro 18.000,--
c. Euro 16.000,--
d. Euro 0,01
2. Stelling 1: Om een B.V. op te richten hoeft men geen verklaring van geen
bezwaar van het Minister van Veiligheid en Justitie te verkrijgen;
Stelling 2: De bestuurders van een B.V. kunnen onder geen enkele
omstandigheid aansprakelijk
worden gesteld.
a. Stelling 1 en 2 zijn juist
b. Stelling 1 en 2 zijn onjuist
c. Alleen Stelling 1 is juist
d. Alleen stelling 2 is juist
3. Tot de wilsgebreken wordt NIET gerekend?
a. Dwaling
b. Misbruik van recht
c. Bedreiging
d. Bedrog
4. Stelling 1: Een mondeling aanbod vervalt na redelijke termijn.
Stelling 2: Een schriftelijk aanbod kan niet herroepen worden.
a. Stelling 1 en 2 zijn juist
b. Stelling 1 en 2 zijn onjuist
c. Alleen Stelling 1 is juist
d. Alleen stelling 2 is juist
5. Onder het vertrouwensbeginsel bij rechtshandelingen wordt verstaan:
a. Partijen moeten er op vertrouwen dat de andere partij het goed bedoelt.
b. Als de ene partij er in redelijkheid op mocht vertrouwen, dat de verklaring
van de wederpartij overeenstemde met de wil van die wederpartij, kan die
wederpartij geen beroep doen op het ontbreken van een met die
verklaring overeenstemmende wil.
c. Partijen moeten er maar op vertrouwen, dat de overeenkomst goed zal
aflopen voor beide partijen.
d. Je moet de andere partij nooit op zijn woord vertrouwen.
6. Als een bedrijf in Nederland een omzet heeft van Euro 50.000.000,-- ( 50
miljoen Euro), kan de boete, die de toezichthoudende instantie maximaal kan
opleggen bedragen?
a. Euro 100.000,--
b. Euro 450.000,--
c. Euro 500.000,--
d. Euro 1.000.000,--
7. Het auteursrecht eindigt na ongeveer hoeveel jaar?
a. 10 jaren
b. 20 jaren
c. 50 jaren
d. 70 jaren
2E JAAR OFFICEMANAGEMENT
PERIODE 1
, 1. Het minimumkapitaal bij een naamloze vennootschap bedraagt:
a. Euro 45.000,--
b. Euro 18.000,--
c. Euro 16.000,--
d. Euro 0,01
2. Stelling 1: Om een B.V. op te richten hoeft men geen verklaring van geen
bezwaar van het Minister van Veiligheid en Justitie te verkrijgen;
Stelling 2: De bestuurders van een B.V. kunnen onder geen enkele
omstandigheid aansprakelijk
worden gesteld.
a. Stelling 1 en 2 zijn juist
b. Stelling 1 en 2 zijn onjuist
c. Alleen Stelling 1 is juist
d. Alleen stelling 2 is juist
3. Tot de wilsgebreken wordt NIET gerekend?
a. Dwaling
b. Misbruik van recht
c. Bedreiging
d. Bedrog
4. Stelling 1: Een mondeling aanbod vervalt na redelijke termijn.
Stelling 2: Een schriftelijk aanbod kan niet herroepen worden.
a. Stelling 1 en 2 zijn juist
b. Stelling 1 en 2 zijn onjuist
c. Alleen Stelling 1 is juist
d. Alleen stelling 2 is juist
5. Onder het vertrouwensbeginsel bij rechtshandelingen wordt verstaan:
a. Partijen moeten er op vertrouwen dat de andere partij het goed bedoelt.
b. Als de ene partij er in redelijkheid op mocht vertrouwen, dat de verklaring
van de wederpartij overeenstemde met de wil van die wederpartij, kan die
wederpartij geen beroep doen op het ontbreken van een met die
verklaring overeenstemmende wil.
c. Partijen moeten er maar op vertrouwen, dat de overeenkomst goed zal
aflopen voor beide partijen.
d. Je moet de andere partij nooit op zijn woord vertrouwen.
6. Als een bedrijf in Nederland een omzet heeft van Euro 50.000.000,-- ( 50
miljoen Euro), kan de boete, die de toezichthoudende instantie maximaal kan
opleggen bedragen?
a. Euro 100.000,--
b. Euro 450.000,--
c. Euro 500.000,--
d. Euro 1.000.000,--
7. Het auteursrecht eindigt na ongeveer hoeveel jaar?
a. 10 jaren
b. 20 jaren
c. 50 jaren
d. 70 jaren