§ 4.1 Stasbewoners in beweging
De multiculturele opbouwi van onze steden: meeste allocttonen in Rusland
Redenen:
1. Werkgelegenheid
2. Familie / bekenden (de er al wonen
3. Goedkope woningen
4. Voorziening
Positieve en negatieve gevolgen van migratie
Positeef
1. Verrijking van onze cultuur (eten, muziek, kleding)
2. Deze mensen hebben we straks in verband met vergrijzing
Negateef
1. Segregatie en polarisatie
2. Duale arbeidsmarkt
Migratiegolven:
Migratie:
Rond 1900:urbanisatie
Rond 1960: suburbanisatie
Na 1990: re-urbanisatie
Economie:
Industrie neemt af
Dienstsector groeit
laagopgeleiden hierdoor getrofen
grote stedenbeleid:
herwaardering van de stad
aandacht voor arme wijken
, Aardrijkskunde wonen in Nederland Hoofdstuk 4 Aantekeningen
Suburbanisatie tref de grote stad tard
suburbanisatie slecht voor de stad:
koopgracht lekt weg
druk buitenaf op voorzieningen blijf
nieuwe bewoonsters dragen weinig geld bij
blijvers drukken zwaar op de voorzieningen
door suburbanisatie verandert de bevolkingssamenstelling
naar leefijd
naar gezinsstatus
naar etniciteit
Nieuwie Nederlanders
1960-1990:
o uit landen rond middellandse zee gastarbeiders (die bleven)
o uit Suriname en Indonesië
na 1980
o gezinshereniging
o politiek vluchtelingen
o economische vluchtelingen en illegalen
na 2004
o ook arbeidskrachten uit Oost-Europa
Tegenwioordig: upgrading van de stad
Stad steeds aantrekkelijker voor:
studenten
jong hoogopgeleiden/ Yuppen
rijken senioren
hippe, moderne creatieve bedrijven
drie begrippen:
1. creatieve stad
2. re-urbanisatie
3. gentrifcatie