Hoofdstuk 1
Strafrecht: gaat over het bestraffen van personen die een strafbaar feit hebben gepleegd
Materieel strafrecht: draait om wat een strafbaar feit is → Sr
● strafbepaling (vb. diefstal en moord)
● uitsluiting van strafbaarheid (vb. noodweer)
Formeel strafrecht: strafproces/ strafvordering → Sv
Sanctierecht: heeft betrekking op de voorwaarden waaronder bepaalde straffen mogen
worden opgelegd en ten uitvoer gelegd
Bijzonder wetten: men treft strafbepalingen aan die behoren tot het materiële
strafrecht, maar vaak ook bevoegdheden die behoren tot het formele strafrecht
→ vormen samen het bijzondere strafrecht
Commune strafrecht: het strafrecht dat in de wetboeken is opgenomen
Strafbaar feit: een menselijke gedraging die van binnen de grenzen van een wettelijke
delictsomschrijving, die wederrechtelijk is en aan schuld (verwijtbaarheid)te wijten
Wetboek van Strafrecht → regelt de algemene leerstukken van materieel
strafrecht
● staat in welke gedragingen strafbaar zijn
Wetboek van Strafvordering → regelt de vervolgingsbeslissing van een verdachte
door de rechtbank
● bestaat uit 6 boeken op chronologische volgorde
Hoofdstuk 2
Het vierlagenmodel toepassen
4 - lagen model - wanneer ben je strafbaar?
1. menselijke gedraging (of nalaten) - MG - door OvJ
● moet door een mens zijn gedaan en niet door een ding of een dier
● moet zijn gedaan met een heldere geest; geen gedachte, slaapwandelen etc.
● in strafprocessueel perspectief: de menselijk gedraging zal uiteindelijk tot
uitdrukking moeten komen in de telastelegging
● Telastelegging: een processtuk waarin staat beschreven welke gedraging de
verdacht, volgens de OvJ, zou hebben verricht
2. valt binnen de grenzen van een wettelijke delict omgeving - DO - bestanddelen - OvJ
● gedraging moet als strafbaar opgenomen zijn in de wet
● er wordt voldaan aan het legaliteitsbeginsel
● kwalificatie: in de wet staat hoe het wordt gekwalificeerd
● sanctienorm: de straf van een misdaad die in het artikel staat
3. wederrechtelijk - W - element - door advocaat
● wederrechtelijk: in strijd met het recht
● gedrag moet in strijd zijn met het recht
- kan zijn dat het gedrag in strijd is met de wet, maar dat daar
een goede reden voor is → dan niet wederrechtelijk ( vb.
zelfverdediging)
4. verwijtbaarheid - V - element - door advocaat