9.1 Indirecte kostenbudgetten
Begroting = een schatting van de opbrengsten & kosten en van de ontvangsten & uitgaven. Als
werknemers de cijfers in een begroting moeten halen, dan is de begroting taakstellend. Dan
wordt de begroting een budget. Daarin staan gekwantifceerde doelstellingen.
Kostenbudget = een budget waarin alleen kostencijfers voorkomen. De doelstelling van een
kostenbudget kan uitgedrukt zijn in cijfers of in percentages.
In een afdelingsbudget wordt vaak de afdelingsmanager verantwoordelijk voor het realiseren van
de budgetdoelstellingen. Hij/zij is dan de budgethouder.
Het opstellen van een budget voor indirecte kosten kan op verschillende manieren gebeuren:
a. Het vast budget
b. Het variabel budget
c. Het gemengd budget
Outputbudget: hoe hoger de prestaties (bedrijfsdrukte), hoe hoger de kosten mogen zijn.
(Behalve bij een vast budget).
Kostenbeheersing: dit is een van de belangrijkste doelen van budgetteren. Twee typen
budgetten:
- Het voorcalculatorisch budget: voorafgaand, op basis van begrote prestaties;
- Het nacalculatorisch budget: na afoop, op basis van werkelijke prestaties.
Deze twee hebben dus andere hoeveelheden, maar wel dezelfde voorcalculatorische
tarieven!
Vóórdat budgetperiode begint:
Voorcalculatorisch budget Dekking
Voorcalculatorisch bezettingsresultaat
Na afloop van de budgetperiode:
Werkelijke kosten Nacalculatorisch budget Dekking
Budgetresultaat Nacalculatorisch bezettingsresultaat
Een vergelijking van de werkelijke kosten met de gebudgetteerde kosten:
Is alleen zinvol als de vergelijking plaatsvindt op basis van het nacalculatorisch budget.