Diagnostiek van alledaagse klachten
Hoofdstuk 2: gewichtstoename
De BMI wordt bepaald door het lichaamsgewicht (kg) te delen door het kwadraat van de lengte in
meters (kg/m2).
De WHO onderscheidt bij volwassenen vijf verschillende gewichtscategorieën:
Ondergewicht: BMI < 18,5 kg/m2;
normaal gewicht: BMI 18,5–24,9 kg/m2;
overgewicht (obesitas graad 1): BMI 25–29,9 kg/m2;
obesitas (obesitas graad 2): BMI 30–39,9 kg/m2;
morbide obesitas (obesitas graad 3): BMI ≥ 40 kg/m2.
Gezondheidsproblemen door gewichtstoename
Gewichtstoename is op zichzelf een gezondheidsprobleem. Gewichtstoename die resulteert in
overgewicht of obesitas is een nog groter gezondheidsprobleem.
De mate van overgewicht is een directe risicofactor voor hart en vaatziekten, maar verhoogt het
risico hierop nog eens extra door de met overgewicht gepaard gaande risicofactoren zoals
hypertensie, hyperlipidemie en insulineresistente. De clustering van deze factoren tezamen met een
viscerale vetverdeling, die een verhoogd risico op harten vaatziekten aangeven, noemt men het
metabool syndroom.
De eerste presentate bij de dokter
Het al dan niet presenteren van de klacht gewichtstoename bij de huisarts wordt bepaald door het
ongewenst zijn van deze klacht. Dit hangt samen met de percepte van het gewenste
lichaamsgewicht.
Fysiologie
Volgens de wet van behoud van energie kan energie niet verloren gaan of vernietgd worden. Vindt
meer energie-inname plaats dan wordt opgebruikt, dan vindt energieopslag plaats, merendeels in de
vorm van vet.
In vetcellen wordt leptne geproduceerd, afankelijk van het aantal vetcellen, om de hypothalamus
te informeren over de energievoorraad. Het leptne heef in de hersenen (hypothalamus) een
eetlustremmende invloed en verhoogt het energieverbruik (fg. 2.2). Bij bijna alle mensen met
adipositas is de leptnespiegel in het bloed verhoogd zonder de regulerende efecten zoals
beschreven. De precieze rol van leptne is echter nog niet duidelijk. Er zijn wel enkele families bekend
met adipositas door een stoornis in de leptneaanmaak of de leptnereceptoraanmaak.
De meest voorkomende oorzaak van gewichtstoename is een toename van het vet door een relatef
te grote calorie inname, andere oorzaken zijn (veel) zeldamer.
Bij een gewichtstoename door medicijngebruik kunnen verschillende factoren een rol spelen:
mogelijke toename van eetlust, verminderde actviteiten en verandering van metabole processen. Er
zijn vele geneesmiddelengroepen die gewichtstoename kunnen veroorzaken. De belangrijkste zijn:
psychofarmaca zoals antdepressiva, antpsychotca (met name de aspecifeke) en lithium;
ant-epileptca;
antdiabetca, zowel insuline als orale behandeling;
geslachtshormonen, hoewel progestagenen en oestrogenen gewichtstoename kunnen
veroorzaken is van orale antconcepte geen signifcante gewichtsstjging aangetoond
, die mogelijk gewichtoename kunnen veroorzaken zijn testosteron, cortcosteroïden, antretrovirale
middelen, anthistaminica, bètablokkers en middelen tegen duizeligheid
hormonale afwijkingen
homonale stoornissen die kunnen zorgen voor gewichtstoenamen/obesitas zijn o.a. het cushing
syndroom of hypothyreoïdie. Dit laatste is echter niet een direct oorzakelijk verband.
Genetsche afwijkingen
Er zijn genetsche syndromen die bij kinderen tot overgewicht kunnen leiden, zoals het prader willi
syndroom en mutates in het melanocortne 4 receptor gen.
Toename door vocht
Zie h51
Toename door tumor
Een tumor in de buik kan leiden tot gewichtstoename en soms onopgemerkt blijven
Toename door organisch weefsel
In bijzondere gevallen kan gewichtstoename optreden door een vergrote spiermasse bij bijvoorbeeld
krachtsporters
Roken en alcohol
nicotne heef directe inlvoed op de maagwand waardoor bij het stoppen met roken de eetlust kan
toenemen.
Problematsch eetgedrag
Vanuit de psychologische hoek kunnen drie soorten obees eetgedrag worden onderscheiden [ 24].
Lijngericht eten: het overslaan van eten door zelf opgelegde eetregels. Deze eetregels
kunnen leiden tot ontremd gedrag met overtreden van de regels. Het overtreden geef
onaangename emotes, die dan weer moeten worden weggegeten.
Emotioneel eten: hongergevoel en onaangename gevoelens kunnen onvoldoende worden
onderscheiden. Hierdoor treden negateve zelfwaardering en ontbreken van adequate
copingmechanismen op.
Extern eten: Prikkels die voedselopname voorspellen, ontlokken fysiologische responsen en
actveren psychologische schema’ss die tot sterke eetdrang aanzeten.
Eetbuisstoornis
Bij een eetbuistoornis zijn in ieder geval de volgende twee kenmerken aanwezig.
1. De hoeveelheid voedsel is binnen een beperkte tjd beslist groter dan wat de meeste mensen
in dezelfde periode en onder dezelfde omstandigheden zouden eten.
2. Patënten hebben het gevoel de beheersing over het eten tjdens die periode kwijt te zijn,
bijvoorbeeld niet kunnen stoppen of niet zelf kunnen bepalen hoeveel zij eten.
Daarnaast moeten minimaal drie van de volgende criteria aanwezig zijn.
De patënt eet veel sneller dan gewoonlijk.
De patënt eet door tot een ongemakkelijk vol gevoel is bereikt.
Het gaat om grote hoeveelheden voedsel zonder dat fysieke honger bestaat.
De patënt eet alleen, uit schaamte over de grote hoeveelheden die hij eet.
Na het overeten walgt de patënt van zichzelf, voelt zich depressief of erg schuldig.
Hoofdstuk 2: gewichtstoename
De BMI wordt bepaald door het lichaamsgewicht (kg) te delen door het kwadraat van de lengte in
meters (kg/m2).
De WHO onderscheidt bij volwassenen vijf verschillende gewichtscategorieën:
Ondergewicht: BMI < 18,5 kg/m2;
normaal gewicht: BMI 18,5–24,9 kg/m2;
overgewicht (obesitas graad 1): BMI 25–29,9 kg/m2;
obesitas (obesitas graad 2): BMI 30–39,9 kg/m2;
morbide obesitas (obesitas graad 3): BMI ≥ 40 kg/m2.
Gezondheidsproblemen door gewichtstoename
Gewichtstoename is op zichzelf een gezondheidsprobleem. Gewichtstoename die resulteert in
overgewicht of obesitas is een nog groter gezondheidsprobleem.
De mate van overgewicht is een directe risicofactor voor hart en vaatziekten, maar verhoogt het
risico hierop nog eens extra door de met overgewicht gepaard gaande risicofactoren zoals
hypertensie, hyperlipidemie en insulineresistente. De clustering van deze factoren tezamen met een
viscerale vetverdeling, die een verhoogd risico op harten vaatziekten aangeven, noemt men het
metabool syndroom.
De eerste presentate bij de dokter
Het al dan niet presenteren van de klacht gewichtstoename bij de huisarts wordt bepaald door het
ongewenst zijn van deze klacht. Dit hangt samen met de percepte van het gewenste
lichaamsgewicht.
Fysiologie
Volgens de wet van behoud van energie kan energie niet verloren gaan of vernietgd worden. Vindt
meer energie-inname plaats dan wordt opgebruikt, dan vindt energieopslag plaats, merendeels in de
vorm van vet.
In vetcellen wordt leptne geproduceerd, afankelijk van het aantal vetcellen, om de hypothalamus
te informeren over de energievoorraad. Het leptne heef in de hersenen (hypothalamus) een
eetlustremmende invloed en verhoogt het energieverbruik (fg. 2.2). Bij bijna alle mensen met
adipositas is de leptnespiegel in het bloed verhoogd zonder de regulerende efecten zoals
beschreven. De precieze rol van leptne is echter nog niet duidelijk. Er zijn wel enkele families bekend
met adipositas door een stoornis in de leptneaanmaak of de leptnereceptoraanmaak.
De meest voorkomende oorzaak van gewichtstoename is een toename van het vet door een relatef
te grote calorie inname, andere oorzaken zijn (veel) zeldamer.
Bij een gewichtstoename door medicijngebruik kunnen verschillende factoren een rol spelen:
mogelijke toename van eetlust, verminderde actviteiten en verandering van metabole processen. Er
zijn vele geneesmiddelengroepen die gewichtstoename kunnen veroorzaken. De belangrijkste zijn:
psychofarmaca zoals antdepressiva, antpsychotca (met name de aspecifeke) en lithium;
ant-epileptca;
antdiabetca, zowel insuline als orale behandeling;
geslachtshormonen, hoewel progestagenen en oestrogenen gewichtstoename kunnen
veroorzaken is van orale antconcepte geen signifcante gewichtsstjging aangetoond
, die mogelijk gewichtoename kunnen veroorzaken zijn testosteron, cortcosteroïden, antretrovirale
middelen, anthistaminica, bètablokkers en middelen tegen duizeligheid
hormonale afwijkingen
homonale stoornissen die kunnen zorgen voor gewichtstoenamen/obesitas zijn o.a. het cushing
syndroom of hypothyreoïdie. Dit laatste is echter niet een direct oorzakelijk verband.
Genetsche afwijkingen
Er zijn genetsche syndromen die bij kinderen tot overgewicht kunnen leiden, zoals het prader willi
syndroom en mutates in het melanocortne 4 receptor gen.
Toename door vocht
Zie h51
Toename door tumor
Een tumor in de buik kan leiden tot gewichtstoename en soms onopgemerkt blijven
Toename door organisch weefsel
In bijzondere gevallen kan gewichtstoename optreden door een vergrote spiermasse bij bijvoorbeeld
krachtsporters
Roken en alcohol
nicotne heef directe inlvoed op de maagwand waardoor bij het stoppen met roken de eetlust kan
toenemen.
Problematsch eetgedrag
Vanuit de psychologische hoek kunnen drie soorten obees eetgedrag worden onderscheiden [ 24].
Lijngericht eten: het overslaan van eten door zelf opgelegde eetregels. Deze eetregels
kunnen leiden tot ontremd gedrag met overtreden van de regels. Het overtreden geef
onaangename emotes, die dan weer moeten worden weggegeten.
Emotioneel eten: hongergevoel en onaangename gevoelens kunnen onvoldoende worden
onderscheiden. Hierdoor treden negateve zelfwaardering en ontbreken van adequate
copingmechanismen op.
Extern eten: Prikkels die voedselopname voorspellen, ontlokken fysiologische responsen en
actveren psychologische schema’ss die tot sterke eetdrang aanzeten.
Eetbuisstoornis
Bij een eetbuistoornis zijn in ieder geval de volgende twee kenmerken aanwezig.
1. De hoeveelheid voedsel is binnen een beperkte tjd beslist groter dan wat de meeste mensen
in dezelfde periode en onder dezelfde omstandigheden zouden eten.
2. Patënten hebben het gevoel de beheersing over het eten tjdens die periode kwijt te zijn,
bijvoorbeeld niet kunnen stoppen of niet zelf kunnen bepalen hoeveel zij eten.
Daarnaast moeten minimaal drie van de volgende criteria aanwezig zijn.
De patënt eet veel sneller dan gewoonlijk.
De patënt eet door tot een ongemakkelijk vol gevoel is bereikt.
Het gaat om grote hoeveelheden voedsel zonder dat fysieke honger bestaat.
De patënt eet alleen, uit schaamte over de grote hoeveelheden die hij eet.
Na het overeten walgt de patënt van zichzelf, voelt zich depressief of erg schuldig.