Door Andrea Dorrestein
Dit zijn de begrippen voor het tentamen uit de cursushandleiding van de cursus Moderne
Geschiedenis van de UU. De definities van de begrippen komen uit ‘Western Civilization:
Beyond Boundaries, Volume II: Since 1560’ van Noble.
Daarnaast is er een lijst van de behandelde componisten en een toelichting van hun bijdrage
aan de muziekwereld.
Inhoud
Week 2 ‘De Franse Revolutie’.................................................................................................2
Week 3 ‘De Industriële Revolutie’............................................................................................3
Week 4 ´Restauratie, nationalisme en natiestaat´...................................................................4
Week 5 ‘Secularisatie en cultuuroorlogen’...............................................................................6
Week 6 ‘Imperialisme’............................................................................................................. 7
Week 7 ‘De vooravond van de Eerste Wereldoorlog’..............................................................8
Componisten........................................................................................................................... 9
, Week 2 ‘De Franse Revolutie’
De Amerikaanse Een oorlog tussen Groot-Brittannië en de Noord-
Onafhankelijkheid Amerikaanse kolonie (1775-1783), waarbij de
Amerikaanse kolonisten streden voor onafhankelijkheid.
In 1776 riepen de Amerikanen hun onafhankelijkheid uit,
hun grondwet was voltooid in 1787.
États généraux De Staten-Generaal van Frankrijk tot aan het begin van
de revolutie in 1789. Het was een vergadering van de
drie standen (geestelijkheid, adel en burgerij). Deze werd
in 1788 voor het eerst bijeengeroepen sinds 1614 door
koning Lodewijk XVI; alle standen werden
vertegenwoordigd door hetzelfde aantal mensen.
Tiers état De derde stand; de burgerij. Deze stand maakte
onderdeel uit van de Staten-Generaal, maar deze had
geen privileges.
François-Dominique Hij was de leider van de slavenopstand in Haïti (1791) en
Toussaint-Louverture zoon van een slaaf. (1734-1803). Hij ging het eiland
besturen tot aan het moment dat hij door de troepen van
Napoleon werd opgepakt en gevangen genomen. Hij
overleed in 1802.
Maximilien Robespierre Robespierre (1758-1794) was een radicale Jacobijn en
een belangrijk lid van het Comité de Salut Public. Hij
zette aan tot de Terreur en uiteindelijk werd hij onthoofd
in 1794.
De Terreur De terreur was een vorm van systematische
onderdrukking van vijanden van de revolutie in Frankijk
(1793-1794). Groepen Girondijnen, aristocraten, sans-
culottes werden geëxecuteerd. Robespierre was de man
van de Terreur.
Concordaat van 1801-1802 Verdrag tussen Napoleon en de paus over de katholieke
kerk in Frankrijk. Door de revolutie waren de banden
tussen de kerk en de overheid verslechterd, maar met dit
verdraag werd het katholieke geloof weer het
belangrijkste geloof in Frankrijk.
Continentaal stelsel Een handelsblokkade tussen het Europese vaste land
(onder Franse invloedsferen) en Groot-Brittannië onder
Napoleon tussen 1806-1814.