Hoofdstuk 4. Scheepvaartpolitek Cargadoor II
2. Oorsprong
2.1 Veiligheid
De overheid is zich al in het begin van deze eeuw met de veiligheid van de scheepvaart gaan bezig
houden. Daar zijn de volgende reden voor aan te geven:
Technologische en industriële ontwikkelingen
Van wind en zeilen naar stoom, van houten schepen naar ijzeren schepen. Naast lading als graan en
hout naar ook olie en chemicaliën. Het scheepvaartverkeer werd drukker. Die ontwikkelingen
zorgden ervoor dat de scheepvaart in sommige opzichten veiliger maar in vele andere juist riskanter
werd.
Sociale ontwikkelingen
Ongevallen zoals de bv. De Titanic zorgen voor de nodige ontzeten. Ook het lot van de zeevarende
kwam meer in de belangstelling te staan. De opkomst van het socialisme en ontstaan van vakbonden
had daar natuurlijk veel mee te maken. Hierdoor kwam het besef dat de zorg voor een veilige
scheepvaart niet langer alleen aan reders kon worden overgelaten.
2.2 Economie
Westerse landen zien graag de scheepvaarthandel vrij van overheidsbemoeienis. Vrije concurrente
tussen reders zorgt er immers voor dat scheepvaartarieven laag blijven, hetgeen de handel
bevordert.
De volgende ontwikkelingen leidden er echter toe dat de westerse landen zich toch met de
economische aspecten van de scheepvaart moesten gaan bemoeien:
Dekolonisatie:
Een deel van die ‘ontwikkelingslanden’ was en is van mening dat de Opbouw van eigenvloot van
elementair belang is voor de ontwikkeling van de economie. De overheid zorgt voor een
beschermende, protectonistsch, maatregelen. Zo probeert meen zoveel mogelijk de verschepen
onder eigen vlag. Goede dienstverlening en lage tarieven spelen dan geen rol meer. De vrije
concurrente word op die manier ernstg in gevaar gebracht.
Voormalige Oostblok Landen
Belangrijk motef voor de interesse in scheepvaart was dat scheepvaart buitenlandse, harde, valuta
kon binnenbrengen. Daarnaast speelde de koopvaardij ook een rol in de militaire strategie van die
landen.
De Verenigde Staten
Toezicht gehouden op handhaving van de spelregels voor eerlijke en vrije concurrente.
Kartelvorming is verboden. En zien toe op alle tarieven.
Cabotage
Zeevervoer regelen in eigenland, onder eigen vlag. Binnen de EU word dit eigenlijk verboden.
Uitgangspunt van de politek is wel dat de zeescheepvaart zoveel mogelijk vrij hoort te zijn.
1
, Hoofdstuk 4. Scheepvaartpolitek Cargadoor II
3. Scheepvaartpolitee
3.1 Defnite
Het geheel van weteliieee economische en administrateve middelen waardoor de overheid de posite
van de natonale vloot beïnvloedt: natonaal zowel als internatonaal
In NL worden scheepvaarpoliteke zaken geregeld door DGG, het Directoraat Generaal
Goederenvervoer. Dit departement in een onderdeel van het Ministerie van Infrastructuur & Milieu.
Verder wordt de scheepvaartzaken besproken in de International Maritime Organizaation (met name
veiligheid), de International Labour Organizaation (bemanningszaken) en de UNCTAD
(handelsafspraken)
3.2 Waarom bemoeit de Nederlandse overheid zich met zeescheepvaart?
- Economie: werkgelegenheid, internatonaal valutaverkeer en handelsbalans, het in stand houden
van de Nederlandse expertse en multplier efecten rol.
- Veiligheid: de overheid wil een minimum aan veiligheid garanderen., niet alleen naar de direct
betrokkenen, maar ook naar inwoners van havensteden en langs de kust.
- Milieu: aanslag op natuurlijke bronnen, verspillen en vervuiling in de breedste zin van het woord.
- Defensie: Koopvaardijvloot in crisissituates inzetbaar door de Nederlandse Marine. Dit kan alleen
voor schepen onder Nederlandse vlag.
4. Heef de scheepvaart de overheid nodig?
Ja, hierbij zijn de aspecten:
- Ondersteunen van de concurrentieeositie: kostenpeil (belastngen, sociale premies,
innovatesubsidies), entry Barriers (wet – en regelgeving)
- Handels- en scheeevaart- overeenkomsten: bevorderd de vervoersstromen tussen
Nederland en andere landen.
- Veiligheid: reders hebben belang bij een eenduidige regelgeving op het gebied van veiligheid
- Oeleidingen: reders zijn geïnteresseerd in goed opgeleid personeel, aan boord en aan wal.
- Certificering: regelt de vaarbevoegdheid van zeevarenden, die moet voldoen aan
internatonale eisen
- Aanvullende Nederlandse wetgeving: voor het varen met buitenlandse zeevarenden en het
vrijstellen van vaartjd als op simulatoren is getraind
- Internationale regelgeving: behartgt de belangen van Nederlandse reder in internatonale
overlegorganen
4.1 Dilemma’s
Vlag versus werkgelegenheid
Nederlandse vlag met Nederlandse ofcieren bevorderend voor de werkgelegenheid. Het streven
naar concurrerende kostenniveaus heef echter het massaal uitvlaggen tot gevolg gehad.
Tegenwoordig belangrijker dat schepen in Nederland beheert worden dan een Nederlandse vlag
Milieukosten versus economie
NL heef een strenge wetgeving op milieu en veiligheid. Dit heef hoge kosten tot gevolg. In het
nieuwe scheepvaartbeleid wordt gestreefd naar het op lijn brengen van de wet- en regelgeving
hieromtrent zonder aan kwaliteit in te boeten.
2
2. Oorsprong
2.1 Veiligheid
De overheid is zich al in het begin van deze eeuw met de veiligheid van de scheepvaart gaan bezig
houden. Daar zijn de volgende reden voor aan te geven:
Technologische en industriële ontwikkelingen
Van wind en zeilen naar stoom, van houten schepen naar ijzeren schepen. Naast lading als graan en
hout naar ook olie en chemicaliën. Het scheepvaartverkeer werd drukker. Die ontwikkelingen
zorgden ervoor dat de scheepvaart in sommige opzichten veiliger maar in vele andere juist riskanter
werd.
Sociale ontwikkelingen
Ongevallen zoals de bv. De Titanic zorgen voor de nodige ontzeten. Ook het lot van de zeevarende
kwam meer in de belangstelling te staan. De opkomst van het socialisme en ontstaan van vakbonden
had daar natuurlijk veel mee te maken. Hierdoor kwam het besef dat de zorg voor een veilige
scheepvaart niet langer alleen aan reders kon worden overgelaten.
2.2 Economie
Westerse landen zien graag de scheepvaarthandel vrij van overheidsbemoeienis. Vrije concurrente
tussen reders zorgt er immers voor dat scheepvaartarieven laag blijven, hetgeen de handel
bevordert.
De volgende ontwikkelingen leidden er echter toe dat de westerse landen zich toch met de
economische aspecten van de scheepvaart moesten gaan bemoeien:
Dekolonisatie:
Een deel van die ‘ontwikkelingslanden’ was en is van mening dat de Opbouw van eigenvloot van
elementair belang is voor de ontwikkeling van de economie. De overheid zorgt voor een
beschermende, protectonistsch, maatregelen. Zo probeert meen zoveel mogelijk de verschepen
onder eigen vlag. Goede dienstverlening en lage tarieven spelen dan geen rol meer. De vrije
concurrente word op die manier ernstg in gevaar gebracht.
Voormalige Oostblok Landen
Belangrijk motef voor de interesse in scheepvaart was dat scheepvaart buitenlandse, harde, valuta
kon binnenbrengen. Daarnaast speelde de koopvaardij ook een rol in de militaire strategie van die
landen.
De Verenigde Staten
Toezicht gehouden op handhaving van de spelregels voor eerlijke en vrije concurrente.
Kartelvorming is verboden. En zien toe op alle tarieven.
Cabotage
Zeevervoer regelen in eigenland, onder eigen vlag. Binnen de EU word dit eigenlijk verboden.
Uitgangspunt van de politek is wel dat de zeescheepvaart zoveel mogelijk vrij hoort te zijn.
1
, Hoofdstuk 4. Scheepvaartpolitek Cargadoor II
3. Scheepvaartpolitee
3.1 Defnite
Het geheel van weteliieee economische en administrateve middelen waardoor de overheid de posite
van de natonale vloot beïnvloedt: natonaal zowel als internatonaal
In NL worden scheepvaarpoliteke zaken geregeld door DGG, het Directoraat Generaal
Goederenvervoer. Dit departement in een onderdeel van het Ministerie van Infrastructuur & Milieu.
Verder wordt de scheepvaartzaken besproken in de International Maritime Organizaation (met name
veiligheid), de International Labour Organizaation (bemanningszaken) en de UNCTAD
(handelsafspraken)
3.2 Waarom bemoeit de Nederlandse overheid zich met zeescheepvaart?
- Economie: werkgelegenheid, internatonaal valutaverkeer en handelsbalans, het in stand houden
van de Nederlandse expertse en multplier efecten rol.
- Veiligheid: de overheid wil een minimum aan veiligheid garanderen., niet alleen naar de direct
betrokkenen, maar ook naar inwoners van havensteden en langs de kust.
- Milieu: aanslag op natuurlijke bronnen, verspillen en vervuiling in de breedste zin van het woord.
- Defensie: Koopvaardijvloot in crisissituates inzetbaar door de Nederlandse Marine. Dit kan alleen
voor schepen onder Nederlandse vlag.
4. Heef de scheepvaart de overheid nodig?
Ja, hierbij zijn de aspecten:
- Ondersteunen van de concurrentieeositie: kostenpeil (belastngen, sociale premies,
innovatesubsidies), entry Barriers (wet – en regelgeving)
- Handels- en scheeevaart- overeenkomsten: bevorderd de vervoersstromen tussen
Nederland en andere landen.
- Veiligheid: reders hebben belang bij een eenduidige regelgeving op het gebied van veiligheid
- Oeleidingen: reders zijn geïnteresseerd in goed opgeleid personeel, aan boord en aan wal.
- Certificering: regelt de vaarbevoegdheid van zeevarenden, die moet voldoen aan
internatonale eisen
- Aanvullende Nederlandse wetgeving: voor het varen met buitenlandse zeevarenden en het
vrijstellen van vaartjd als op simulatoren is getraind
- Internationale regelgeving: behartgt de belangen van Nederlandse reder in internatonale
overlegorganen
4.1 Dilemma’s
Vlag versus werkgelegenheid
Nederlandse vlag met Nederlandse ofcieren bevorderend voor de werkgelegenheid. Het streven
naar concurrerende kostenniveaus heef echter het massaal uitvlaggen tot gevolg gehad.
Tegenwoordig belangrijker dat schepen in Nederland beheert worden dan een Nederlandse vlag
Milieukosten versus economie
NL heef een strenge wetgeving op milieu en veiligheid. Dit heef hoge kosten tot gevolg. In het
nieuwe scheepvaartbeleid wordt gestreefd naar het op lijn brengen van de wet- en regelgeving
hieromtrent zonder aan kwaliteit in te boeten.
2