7.1 Kenmerken
7.2 Wat merk je in de
klas?
Dit merk je in de klas:
1
, 7.3 Waarom is het belangrijk traumagerelateerd gedrag te onderkennen?
Het is belangrijk om dit gedrag te herkennen omdat het kind lijdt, maar ook omdat opgroeien in een
onveilige stressvolle omgeving grote gevolgen heeft voor het hele leven.
Ø Er ontstaat chronische schade.
Wanneer een kind in een onveilige omgeving opgroeit, zijn er twee soorten reacties:
Ø Hyperarousel: Het kind vertoont impulsief, agressief, oppositioneel en antisociaal gedrag
Ø Dissociatie: Het kind sluit zich af voor de omgeving. (Vaker bij jonge kinderen en
meisjes)
Kinderen met een trauma gaan over op een overlevingsmodus, daardoor zijn ze vaak extra waakzaam
en zien ze andere eerder als bedreiging.
Je moet als leerkracht kennis hebben van het leerlingendossier. Traumatische gebeurtenissen moeten
ook in het leerlingvolgsysteem vermeld worden.
Sommige kinderen zijn extra vatbaar voor een trauma:
Ø Het kind heeft al eerder een traumatische ervaring meegemaakt.
Ø Het kind had al andere problemen.
Ø Er zijn problemen binnen het gezin.
Ø Een of beide ouders hadden al problemen, of hebben zelf een traumatische ervaring
meegemaakt.
7.4 Wat kun je doen in de klas?
Je kan steun bieden aan het kind:
Ø Let op signalen
Ø Bespreek met de ouders/ klas wat er speelt
Ø Zorg voor een veilig klassenklimaat
Ø Toon begrip, maar ga niet mee in de emoties van het kind
7.5 Kindermishandeling
7.5.1 Risicofactoren
Risicofactoren:
Ø 8x vaker voorkomt bij gezinnen met laagopgeleide ouders.
Ø 5x groter bij gezinnen als de beide ouders werkloos zijn.
Ø Eenoudergezinnen
Ø Gezinnen met drie of meer stiefkinderen.
Ø 3 x groter bij allochtone gezinnen.
7.5.2 Hoe ontdek je kindermishandeling
Het NJI heeft signaleringslijsten ontwikkeld voor verschillende leeftijdscategorieën. Het zijn lijsten om
mogelijke signalen te ontdekken. Echter hoeven deze signalen niet altijd kindermishandeling te
betekenen.
7.5.3 Wat moet je doen als je kindermishandeling meent te ontdekken?
Je moet de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling gebruiken bij signalering.
De volgende stappen moet je daarvoor ondernemen:
1. Signalen in kaart brengen.
2. Er moet overleg plaatsvinden met Veiligthuis.
3. Er moet een gesprek met het kind worden gevoerd.
4. De mishandeling moet worden gewogen. Hoe erg is het?
5. Een beslissing nemen: hulp organiseren of melding doen.
2