HOOFDSTUK 2
Voorkennis:
- Energie: Voor een bepaalde autorit is 44 MJ aan energie nodig. Je wilt de rit rijden op
ethanol. De verbrandingswaarde van ethanol is 22 MJ/liter. Van die energie wordt
maar 20 % nutg gebruikt. Hoeveel liter ethanol heb je dan nodig voor deze rit?
44 MJ wordt 20% = 8,8 MJ nutg gebruikt. Voor deze autorit is dus ,8 = 5 liter
ethanol nodig.
- Reacties: https://pppyo:utuue.yo://pattuoh?v=3hhOoeo-m/Yo ← Uitleg
reactievergelijkingen
- Verbranding Ethanol → C2H5OH + 3 O2 --> 2 CO2 + 3 H2O
- Verbranding glucose → C6H12O6 + 6 O2 --> 6 CO2 + 6 H2O
- Maatschappij: Door de toenemende vraag naar biobrandstof wordt het moeilijk om
genoeg landbouwgronden te vinden om én voedsel en grondstofen voor brandstof
te produceren.
- Grondstofen, die massaal ingezet worden voor biobrandstofen, kunnen ook als
voedselbron voor veel mensen dienen
- Koolstofcyclus: F:tu:sontuh.s. = de vorming van glucose uit CO2. Glucose is
energierijk. CO2 is energiearm.
- Alcohol:
- Fossiele brandstofen: ← Aardolie, aardgas en steenkool
- Door minder vlees te eten, is er minder veehouderij nodig en zou er ook minder CO 2
uitstoot zijn.
Aardolie wordt schaars en duur → daarom proberen we aardolie te vervangen door
biobrandstofen ← is duurzaam + minder CO2-uitstoot.
2.1
Verschil biobrandstofen en fossiele brandstofen (olie, steenkool, aardgas). Fossiele energie
is miljoenen jaren geleden ontstaan en gemaakt. Bij biobrandstofen ´gisteren’.
Verbranding van biobrandstof = CO2-neutraal
Verbranding van fossiele brandstof = niet CO2-neutraal
1
, 2.2
Biobrandstofen zijn er in allerlei soorten → vaste vorm, gasvorm en vloeibare vorm. Meest
bekende vloeibare vorm = biodiesel en bio ethanol → biodiesel voor diesel-auto, bio-
ethanol voor benzine-auto.
2.3
Doordat biobrandstof nu nog geproduceerd wordt met gewassen als maïs en graan, zullen
energiemarkt en voedselmarkt gekoppeld raken als de aardolieprijs een bepaald niveau
bereikt. Er moet geïnvesteerd worden in energie. Gewassen moeten worden verbouwd en
geoogst. Kunstmest en transport grote hoeveelheden energie voor nodig.
Daarna moet het gewas worden omgezet in biodiesel of bio-ethanol. Voor landbouwgrond
moeten er bomen worden gekapt. Bomen vangen CO2 op. Als er steeds bomen worden
gekapt zal dit een enorm gevolg zijn voor de CO2-uitstoot.
2.4
Eerste generatie biobrandstofen =
- suik.r (suikerriet en suikerbiet) - relatief eenvoudig om te zeten naar bio-ethanol
- z.tu/..l (graan, maïs, gerst en aardappel) - lastig om te zeten naar bio-ethanol
- :li. (koolzaad, zonnebloem, olijven en oliepalm) eenvoudig om te zeten naar
biodiesel.
Cellulose en aanverwante stofen kunnen worden omgezet naar ethanol.
Tweede generatie biobrandstofen = bieden grote mogelijkheden omdat ze niet
rechtstreeks concurreren met de voedselvoorzieningen maar daar zelfs een aanvulling op
kunnen zijn.
Marginale zijn gronden die niet geschikt zijn voor gewone landbouw. Maar wel goed om
gewassen van biobrandstofen op te produceren.
2.5
Fotosynthese= 6 CO2 + 6 H2O → C6 H12 O6 + 6 O2
2