ABCDE voor verpleegkundigen
Hoofdstuk 5 D Disability
5.1 ABCE-gerelateerde oorzaken van een verminderd bewustzijn
Wanneer weinig over de patiënt bekend is, dient altijd een hersengerelateerde oorzaak te
worden overwogen. Dit betekend dat in de D laagdrempelig CT-onderzoek van het hoofd
moet worden aangevraagd. De oorzaken van een verminderd bewustzijn kunnen per letter
worden onderverdeeld in de volgende categorieën:
- A (Airway): hypoxie of hypercapnie als gevolg van een geobstrueerde luchtweg.
- B (breathing): hypoxie of hypercapnie als gevolg van verminderde gasuitwisseling in de
longen (ventilatie- of oxygenatieprobleem)
- C (Circulation): hypovolemie, aritmie, shock, verhoogde intracraniale druk, verminderde
doorbloeding van de hersenen.
- D (Disability): hypoglykemie, CVA, trauma captis met hersenletsel, hyperglykemie,
wernicke-encefalopathie, insult, encefalitis, meningitis, intoxicatie/vergiftiging.
- E (Exposure/Environment):
5.2 Hypoglykemie en hyperglykemie
Symptomen van hypoglykemie zijn: rillen, transpireren, hongergevoel, hoofdpijn, hoofdpijn,
prikkelbaarheid en verlaagd bewustzijn/bewusteloosheid. Patiënten dienen zo snel mogelijk
glucose toegediend te krijgen.
Symptomen van een te hoge bloedsuiker zijn: zwakte, misselijkheid, slaperigheid, polydipsie,
polyurie, gewichtsverlies, buikpijn, verlies van eetlust. Naast de behandeling met insuline
dient ook veel vocht toegediend te worden. Bij een te laag kaliumgehalte moet deze eerst
worden gesuppleerd voordat insuline toegediend wordt, omdat kalium samen met insuline uit
het bloed de cel in gaat.
5.3 Alcoholintoxicatie
Bij te veel alcohol treden duizeligheid, misselijkheid en soms verlies van bewustzijn op.
Intoxicatie met alcohol kan leiden tot hypoglykemie, een bradypneu, hypothermie en
elektrolytstoornissen. Een belangrijke complicatie is aspiratie. Meestal wordt gebruik
gemaakt van een afwachtend beleid. Hierbij moet worden gelet op een vrije ademweg. De
temperatuur + ademhalingsfrequentie dienen in de gaten gehouden te worden.
5.4 Koolmonoxidevergiftiging
Symptomen van een koolmonoxide intoxicatie zijn: hoofdpijn, duizeligheid, misselijkheid,
prikkelbaarheid, tachypneu, hyperthermie en rode/bleke huid. De koolmonoxide bindt aan de
erytrocyten en zorgt ervoor dat zuurstof niet aan de cellen kan binden. Een vermindering van
het bewustzijn treedt op in een later stadium. De belangrijkste behandeling is het toedienen
van zuurstof. Voor de diagnose wordt een arteriële bloedgasanalyse afgenomen.
5.5 Verhoging van de intracraniële druk
Wanneer de schedel uitzet, ontstaat er een verhoogde intracraniële druk. Dit is het geval bij
zwellingen van de hersenen door een infectie, toenamen van het hersenvocht,
hersenbloeding of een ruimte-innemend proces. Een ICD veroorzaakt een verminderde
perfusie van de hersenen, omdat het bloed niet makkelijk de arteriën van de hersenen in kan
stromen. Dit kan zorgen van ischemie wat op zijn beurt weer leidt tot hersenschade.
Symptomen zijn: hoofdpijn, misselijkheid, braken, gedaald bewust zijn en de trias van
Cushing (hypertensie, bradycardie en een irregulaire ademhaling). Ook kunnen de pupillen
asymmetrisch in grootte, wijd en lichtstijf zijn. ICD wordt behandeld door de oorzaak weg te
nemen.
Hoofdstuk 5 D Disability
5.1 ABCE-gerelateerde oorzaken van een verminderd bewustzijn
Wanneer weinig over de patiënt bekend is, dient altijd een hersengerelateerde oorzaak te
worden overwogen. Dit betekend dat in de D laagdrempelig CT-onderzoek van het hoofd
moet worden aangevraagd. De oorzaken van een verminderd bewustzijn kunnen per letter
worden onderverdeeld in de volgende categorieën:
- A (Airway): hypoxie of hypercapnie als gevolg van een geobstrueerde luchtweg.
- B (breathing): hypoxie of hypercapnie als gevolg van verminderde gasuitwisseling in de
longen (ventilatie- of oxygenatieprobleem)
- C (Circulation): hypovolemie, aritmie, shock, verhoogde intracraniale druk, verminderde
doorbloeding van de hersenen.
- D (Disability): hypoglykemie, CVA, trauma captis met hersenletsel, hyperglykemie,
wernicke-encefalopathie, insult, encefalitis, meningitis, intoxicatie/vergiftiging.
- E (Exposure/Environment):
5.2 Hypoglykemie en hyperglykemie
Symptomen van hypoglykemie zijn: rillen, transpireren, hongergevoel, hoofdpijn, hoofdpijn,
prikkelbaarheid en verlaagd bewustzijn/bewusteloosheid. Patiënten dienen zo snel mogelijk
glucose toegediend te krijgen.
Symptomen van een te hoge bloedsuiker zijn: zwakte, misselijkheid, slaperigheid, polydipsie,
polyurie, gewichtsverlies, buikpijn, verlies van eetlust. Naast de behandeling met insuline
dient ook veel vocht toegediend te worden. Bij een te laag kaliumgehalte moet deze eerst
worden gesuppleerd voordat insuline toegediend wordt, omdat kalium samen met insuline uit
het bloed de cel in gaat.
5.3 Alcoholintoxicatie
Bij te veel alcohol treden duizeligheid, misselijkheid en soms verlies van bewustzijn op.
Intoxicatie met alcohol kan leiden tot hypoglykemie, een bradypneu, hypothermie en
elektrolytstoornissen. Een belangrijke complicatie is aspiratie. Meestal wordt gebruik
gemaakt van een afwachtend beleid. Hierbij moet worden gelet op een vrije ademweg. De
temperatuur + ademhalingsfrequentie dienen in de gaten gehouden te worden.
5.4 Koolmonoxidevergiftiging
Symptomen van een koolmonoxide intoxicatie zijn: hoofdpijn, duizeligheid, misselijkheid,
prikkelbaarheid, tachypneu, hyperthermie en rode/bleke huid. De koolmonoxide bindt aan de
erytrocyten en zorgt ervoor dat zuurstof niet aan de cellen kan binden. Een vermindering van
het bewustzijn treedt op in een later stadium. De belangrijkste behandeling is het toedienen
van zuurstof. Voor de diagnose wordt een arteriële bloedgasanalyse afgenomen.
5.5 Verhoging van de intracraniële druk
Wanneer de schedel uitzet, ontstaat er een verhoogde intracraniële druk. Dit is het geval bij
zwellingen van de hersenen door een infectie, toenamen van het hersenvocht,
hersenbloeding of een ruimte-innemend proces. Een ICD veroorzaakt een verminderde
perfusie van de hersenen, omdat het bloed niet makkelijk de arteriën van de hersenen in kan
stromen. Dit kan zorgen van ischemie wat op zijn beurt weer leidt tot hersenschade.
Symptomen zijn: hoofdpijn, misselijkheid, braken, gedaald bewust zijn en de trias van
Cushing (hypertensie, bradycardie en een irregulaire ademhaling). Ook kunnen de pupillen
asymmetrisch in grootte, wijd en lichtstijf zijn. ICD wordt behandeld door de oorzaak weg te
nemen.