Straling
Primair = komt uit het röntgenapparaat, beweegt rechtlijnig
Secundair = verstrooiing straling, lagere intensiteit dan primair.
1. In de tandheelkundige praktijk komen röntgentoestellen voor die voorzien zijn
van een ronde tubus of met rechthoekige tubus. Welk veld geeft de beste
verhouding weer tussen bestraald gebied en filmgrootte.
a. Het veld van een ronde tubus
b. Het veld van een rechthoekige tubus
2. In het Bbs 2018 staan duidelijke dosislimieten voor werknemers in de zorg
vermeld. Met het doel om de kans op schadelijke effecten door radioactieve
straling tot een minimum te beperken. Wat is de dosislimiet voor patiënten
waarbij de rongenopname worden vervaardigd.
a. Vergelijkbaar met blootgestelde werknemers, 20 mSV per jaar
b. Volgens het rechtvaardigheidsprincipe: echter maximaal 20 mSV per
jaar
c. Volgens het rechtvaardigheidsprincipe: zonder bovengrens
3. Het gebruik van röntgenstraling leidt tot ongewenste biologische effecten.
Welke effecten zijn voor de tandheelkunde van belang
a. Deterministische effecten
b. Stochastische effecten
4. Er bestaan diverse stralings-beschermende maatregelen om de patiënt te
beschermen tegen verstrooiing. Welke van onderstaande maatregelen is het
meest effectief om de dosis in organen zo laag mogelijk te houden?
a. Gebruik van loodschort of loodkraag
b. Diafragmering van de röntgenbundel
5. Er bestaan in de tandheelkunde digitale radiologie twee systemen: de directe
en de indirecte digitale sensortechniek voor het maken van intra orale
opnamen. Welke zin is juist
a. De directe digitale techniek gebruikt een CCD sensor
b. De indirecte techniek gebruikt een extra orale sensor
c. De indirecte techniek gebruikt een CCD sensor.