Gedrag voorspellen en controleren.
Namen binnen de stroming:
Oprichter : Watson
Klassiek conditioneren : Pavlov
Operant conditioneren : Skinner
Trial & Error : Thorndike
Sociaal leertheorie : Bandura
Tabula Rasa = onbeschreven blad (blank slate).
Pasgeborenen is een onbeschreven blad, alles is aan te leren. Kennis is in het leven te
verkrijgen.
Leren (conditionere) = Verandering in gedrag
Een vorm van associatie tussen stimulus en respons (of stimulus – stimulus)
Stimulus = input
Respons = output.
Universele leerprincipes zouden ten grondslag liggen aan gedrag.
Er wordt alleen naar de input en de output gekeken
en niet naar de blackbox (mentale processen/cognitie).
Complex/ ingewikkeld gedrag zou door middel van reinforcement kunnen worden aangeleerd
bij zowel mens als dier.
Equipotentiality: leren van de mens en dier verloopt grofweg hetzelfde.
Concepten:
Objectivity
Mensen op een objectieve manier beschrijven zodat het nog een keer gemeten kan
worden.
Mentale processen
Systeem van blackbox
Parsimony
Zuinigheid, simpelste theorie is het beste.
Thorndike: Trial & Error.
Door middel van een puzzel box kijken of een kat kan leren om te ontsnappen door aan de
hendel te trekken met als beloning voedsel.
Learning curve: Link tussen stimulus en respons wordt steeds sterker (kennis).
Bij het blijven herhalen van deze procedure ontsnapte de kat steeds sneller uit de box.
Responsen die voldoening geven zullen herhaald worden en sneller en efficiënter uitgevoerd
worden dan responsen die geen voldoening geven.
, Drie wetten:
1. Law of Readiness:
Fysiek en mentaal in staat zijn om te leren (zoals motivatie en concentratie)
2. Law of exercise: (Law of Use/Disuse)
Herhaling maakt de link tussen stimulus en respons sterker (learning curve)
3. Law of effect:
Connectie kan worden versterkt (belonen) of worden afgezwakt (straffen).
Klassiek conditioneren.
Leren van nieuwe verbanden. Een onvrijwillige/onbewuste manier van leren (passief).
De nieuwe verbanden worden aangeleerd door een neutrale stimulus (NS) aan een
ongeconditioneerde stimulus (UCS) te koppelen die leidt tot een ongeconditioneerde
respons/reflex (UCR).
Termen binnen het leerproces:
Neutrale stimulus (NS) : Een stimuli die vanuit zichzelf geen reflexmatige
respons geeft.
Ongeconditioneerde stimulus (UCS) : Een stimuli wat gedrag kan triggeren, een reflexmatige
respons geeft.
Ongeconditioneerde respons (UCR) : Een reflex/ automatische reactie op een stimuli.
Geconditioneerde stimulus (CS) : De neutrale stimulus na het leerproces.
Geconditioneerde respons (CR) : Een reflex/ automatische reactie op de nieuwe stimuli.
Experiment van Pavlov heeft dit aangetoond, voorbeeld vanuit dagelijks leven.
Stap 1: Ziekenhuis (NS) geeft geen respons.
Stap 2: Ziekenhuis (NS) + behandeling (UCS) geeft wel respons.
Namelijk misselijk, de behandeling triggert het misselijkheid gedrag.
Stap 3: Herhalen van deze combinatie
Stap 4: Ziekenhuis (CS) geeft misselijkheid (CR).
Neutrale stimulus moet wel altijd een verband hebben met twee zaken die aan elkaar
gekoppeld kunnen zijn. Dit is echter niet Tabula Rasa, maar het werkt wel zo.
Klassiek conditioneren verklaart dat:
Mensen bepaalde angsten & fobieën hebben
Soms niet altijd logisch, of wel (zie voorbeeld hierboven)
Mensen bepaalde attitudes hebben
Smaak, mening, discriminatie, racisme
Iemand ‘opeens’ weer een slechte gewoonte aangaat bij het tegenkomen van een oude
vriend of bij het zijn in een oude situatie.
Van contiguity naar contingency.
contiguity: CS moet vlak voor USC gepresenteerd worden.
contingency: CS moet gepresenteerd worden wanneer de kans op UCS groot is.