Samenvatting hoofdstuk 8.7 t/m 8.10 - Circulatie
Boek: pathologie
Blz. 279 t/m 293
8.7 - Bloedingen
Meestal gaat het om inwendige bloedingen, die snel worden herkend.
De oorzaak is gewoonlijk beschadiging van buitenaf.
Maag-darmbloedingen, bloedingen in de baarmoeder, urinewegen en dergelijke
worden tot de uitwendige bloedingen gerekend. (Naar de relatieve buitenwereld, het
komt uiteindelijk toch in de buitenwereld terecht).
Inwendige bloedingen, naar het binnenste van het lichaam. Het is niet meteen
zichtbaar, maar wordt wel aan de bloedbaan onttrokken met als ernstig gevolg shock
Vb. Van inwendige bloedingen: Buitenbaarmoederlijke zwangerschap, verscheuring
van de arterie femoralis (beenslagader), miltscheur.
Er wordt een onderscheid gemaakt in arteriële, veneuze of capillairen bloedingen.
8.7.1 - Veneuze bloedingen
De meeste bloedingen zijn veneus van aard, vooral die aan het oppervlak van het
lichaam, ontstaan door inwerking van beschadigde factoren.
Een veneuze bloeding is te herkennen aan:
De donkerrode kleur van het bloed
Gelijkmatig uitvloeien van het bloed in de wond
Het na droogdeppen allereerst opwellen van het bloed aan die kant in de wond die
het verst van het hart verwijderd is.
8.7.2 - Arteriële bloedingen
Oorzaken voor arterieel bloedverlies vormen meestal ziekteprocessen in het lichaam
die de bloedvaten verzwakken en/of aanvreten.
Vb. Ontstekingen, kankergezwellen en ulcera.
Uiteraard kunnen ook traumata arteriële bloedingen veroorzaken.
Een arteriële bloeding is te herkennen aan:
De helderrode kleur van het bloed.
De pulsaties waarmee het bloed in de wond verschijnt.
Het na droogdeppen allereerst verschijnselen van het bloed aan de kant in de wond
die naar het hart gericht is.
8.7.3 - Namen van enkele specifieke bloedingen
Haemoptoe: ophoesten van helderrood bloed. Dit bloed is afkomstig van een
ziekteproces (arteriële bloeding) in de longen of luchtwegen.
Haematermesis: braken van bloed dat uit ziekteprocessen in de maag of slokdarm
afkomstig is. (Meestal arteriële bloeding) meestal koffiekleur, als gevolg van het
contact van het hemoglobine met zoutzuur, waarbij hematine is ontstaan.
Hematurie: bloedverlies bij urine
Haemarthros: bloeding in het gewricht
Haematothorax: bloeding in de pleuraholte
Epistaxis: neusbloeding
Menorragie: te groot bloedverlies bij de menstruatie
Hematoom: bloeding in de weefsels
Boek: pathologie
Blz. 279 t/m 293
8.7 - Bloedingen
Meestal gaat het om inwendige bloedingen, die snel worden herkend.
De oorzaak is gewoonlijk beschadiging van buitenaf.
Maag-darmbloedingen, bloedingen in de baarmoeder, urinewegen en dergelijke
worden tot de uitwendige bloedingen gerekend. (Naar de relatieve buitenwereld, het
komt uiteindelijk toch in de buitenwereld terecht).
Inwendige bloedingen, naar het binnenste van het lichaam. Het is niet meteen
zichtbaar, maar wordt wel aan de bloedbaan onttrokken met als ernstig gevolg shock
Vb. Van inwendige bloedingen: Buitenbaarmoederlijke zwangerschap, verscheuring
van de arterie femoralis (beenslagader), miltscheur.
Er wordt een onderscheid gemaakt in arteriële, veneuze of capillairen bloedingen.
8.7.1 - Veneuze bloedingen
De meeste bloedingen zijn veneus van aard, vooral die aan het oppervlak van het
lichaam, ontstaan door inwerking van beschadigde factoren.
Een veneuze bloeding is te herkennen aan:
De donkerrode kleur van het bloed
Gelijkmatig uitvloeien van het bloed in de wond
Het na droogdeppen allereerst opwellen van het bloed aan die kant in de wond die
het verst van het hart verwijderd is.
8.7.2 - Arteriële bloedingen
Oorzaken voor arterieel bloedverlies vormen meestal ziekteprocessen in het lichaam
die de bloedvaten verzwakken en/of aanvreten.
Vb. Ontstekingen, kankergezwellen en ulcera.
Uiteraard kunnen ook traumata arteriële bloedingen veroorzaken.
Een arteriële bloeding is te herkennen aan:
De helderrode kleur van het bloed.
De pulsaties waarmee het bloed in de wond verschijnt.
Het na droogdeppen allereerst verschijnselen van het bloed aan de kant in de wond
die naar het hart gericht is.
8.7.3 - Namen van enkele specifieke bloedingen
Haemoptoe: ophoesten van helderrood bloed. Dit bloed is afkomstig van een
ziekteproces (arteriële bloeding) in de longen of luchtwegen.
Haematermesis: braken van bloed dat uit ziekteprocessen in de maag of slokdarm
afkomstig is. (Meestal arteriële bloeding) meestal koffiekleur, als gevolg van het
contact van het hemoglobine met zoutzuur, waarbij hematine is ontstaan.
Hematurie: bloedverlies bij urine
Haemarthros: bloeding in het gewricht
Haematothorax: bloeding in de pleuraholte
Epistaxis: neusbloeding
Menorragie: te groot bloedverlies bij de menstruatie
Hematoom: bloeding in de weefsels