Samenvatting Hoofdstuk 7 – Het anamnesegesprek
Boek: de verpleegkundige als communicator
Blz. 131 t/m 141
7.1 – Basisanamnese
De gegevens van de patiënt die in het eerste contactmoment worden verzameld.
Deze basis anamnese vormt de basis op grond waarvan de verpleegkundige een
situatie inschat en eventueel (verpleeg) problemen vaststelt.
Doel: inzicht verkrijgen in de gebruikelijke levens- en gezondheidspatronen van de
patiënt, de verstoringen die zich hierin hebben voorgedaan als gevolg van de
gezondheidsproblematiek, en de reacties van de patiënt hierop, zodat de
aangeboden zorg een optimaal persoon gerichte karakter krijgt.
De anamnese van de verpleegkundige is gericht op het in kaart brengen van hoe de
patiënt de ziekte ervaart en hanteert.
De anamnese van een arts is gericht op diagnostiek en de hieruit voortkomende
medische handeling.
Twee aanvullende methodes om zo volledig mogelijk informatie te verkrijgen:
Speciële anamnese: de vraagstelling is vooral gericht op het in kaart brengen en
afstemmen van de zorg op actuele klachten.
Heteroanamnese: Hierbij wordt een familielid om informatie gevraagd. Dit komt vaak
voor bij kinderen en bij volwassene die de problematiek niet zelfstandig kunnen
verwoorden of daar zelf ondersteuning bij wensen.
In het anamnesegesprek staan de volgende zaken centraal:
Het opbouwen van een vertrouwensrelatie.
Het verzamelen van gegevens.
Het voorlichten over de betreffende behandeling of onderzoek en de consequenties
daarvan, zover die op verpleegkundig terrein liggen. Bijvoorbeeld: nuchter zijn.
Het informeren over de gang van zaken op de afdeling, zoals artsenvisites, wie de
hoofdbehandelaar is, wie de verantwoordelijke verpleegkundige is (en hoe de patiënt
dit kan weten), bezoektijden enzovoort.
7.1.1 - Vertrouwensrelatie
Vaardigheden: actief luisteren en vaststellen van procedures.
Anamnese afnemen op een plek waar je weinig kans hebt om gestoord te worden en
voldoende privacy is.
Je legt aan het begin van een gesprek uit wat er met dit gesprek beoogd word, geef
je een tijdsindicatie en vertel je wat er met de gegevens die verstrekt worden,
gebeurt.
7.1.2 - Verzamelen van gegevens.
Vaardigheden: vragen stellen, actief luisteren en proactiviteit.
Letterlijk aan de hand van het anamneseformulier of een gesprek voeren waarin de
vragen van het anamneseformulier verwerkt zijn.
7.2 – Fragment van een anamnesegesprek
7.3 – Tweede praktijkvoorbeeld
7.4 – slotopmerkingen
Boek: de verpleegkundige als communicator
Blz. 131 t/m 141
7.1 – Basisanamnese
De gegevens van de patiënt die in het eerste contactmoment worden verzameld.
Deze basis anamnese vormt de basis op grond waarvan de verpleegkundige een
situatie inschat en eventueel (verpleeg) problemen vaststelt.
Doel: inzicht verkrijgen in de gebruikelijke levens- en gezondheidspatronen van de
patiënt, de verstoringen die zich hierin hebben voorgedaan als gevolg van de
gezondheidsproblematiek, en de reacties van de patiënt hierop, zodat de
aangeboden zorg een optimaal persoon gerichte karakter krijgt.
De anamnese van de verpleegkundige is gericht op het in kaart brengen van hoe de
patiënt de ziekte ervaart en hanteert.
De anamnese van een arts is gericht op diagnostiek en de hieruit voortkomende
medische handeling.
Twee aanvullende methodes om zo volledig mogelijk informatie te verkrijgen:
Speciële anamnese: de vraagstelling is vooral gericht op het in kaart brengen en
afstemmen van de zorg op actuele klachten.
Heteroanamnese: Hierbij wordt een familielid om informatie gevraagd. Dit komt vaak
voor bij kinderen en bij volwassene die de problematiek niet zelfstandig kunnen
verwoorden of daar zelf ondersteuning bij wensen.
In het anamnesegesprek staan de volgende zaken centraal:
Het opbouwen van een vertrouwensrelatie.
Het verzamelen van gegevens.
Het voorlichten over de betreffende behandeling of onderzoek en de consequenties
daarvan, zover die op verpleegkundig terrein liggen. Bijvoorbeeld: nuchter zijn.
Het informeren over de gang van zaken op de afdeling, zoals artsenvisites, wie de
hoofdbehandelaar is, wie de verantwoordelijke verpleegkundige is (en hoe de patiënt
dit kan weten), bezoektijden enzovoort.
7.1.1 - Vertrouwensrelatie
Vaardigheden: actief luisteren en vaststellen van procedures.
Anamnese afnemen op een plek waar je weinig kans hebt om gestoord te worden en
voldoende privacy is.
Je legt aan het begin van een gesprek uit wat er met dit gesprek beoogd word, geef
je een tijdsindicatie en vertel je wat er met de gegevens die verstrekt worden,
gebeurt.
7.1.2 - Verzamelen van gegevens.
Vaardigheden: vragen stellen, actief luisteren en proactiviteit.
Letterlijk aan de hand van het anamneseformulier of een gesprek voeren waarin de
vragen van het anamneseformulier verwerkt zijn.
7.2 – Fragment van een anamnesegesprek
7.3 – Tweede praktijkvoorbeeld
7.4 – slotopmerkingen