biologie voor jou vmbo
1.1
7 levensverschijnselen:
Bewegen
Ademhalen
Voeden
Voortplanten (“hebben levenscyclus”)
Uitscheiden (= stoffen afgeven aan de omgeving)
Groeien
Waarnemen (zien/horen/ruiken/voelen)
1.2
Van groot naar klein:
Organisme = levend wezen
Orgaanstelsel = groep van samenwerkende organen (b
spierstelsel, zenuwstelsel)
Orgaan = deel van een organisme met een of m
Weefsel = groep cellen met dezelfde vorm en fun
Cel
Torso = model van de romp van een mens
Middenrif = spierwand die borstholte en buikholte scheidt
1.1
7 levensverschijnselen:
Bewegen
Ademhalen
Voeden
Voortplanten (“hebben levenscyclus”)
Uitscheiden (= stoffen afgeven aan de omgeving)
Groeien
Waarnemen (zien/horen/ruiken/voelen)
1.2
Van groot naar klein:
Organisme = levend wezen
Orgaanstelsel = groep van samenwerkende organen (b
spierstelsel, zenuwstelsel)
Orgaan = deel van een organisme met een of m
Weefsel = groep cellen met dezelfde vorm en fun
Cel
Torso = model van de romp van een mens
Middenrif = spierwand die borstholte en buikholte scheidt