Hoofdonderwerpen.
Tussenkopjes.
Engelse termen.
Collegedictaat Neurobiologie deel B.
Hoorcollege 1.
De cel
Bouwsteen van al het plantaardig en dierlijk leven.
Cellen werken samen en zijn op sommige plekken gedifferentieerd.
- De mens is meer dan alleen een hoopje cellen.
Theorie van de cel.
Theodor Schwann presenteerde in 1839 de theorie van de cel.
- Schwann cellen -> produceren myeline.
Weefsel.
De mens bestaat uit vier hoofdweefsels op basis van functie.
- Zenuwweefsel
Hersenen en zenuwen
- Spierweefsel
(skelet)spieren, hartspierweefsel en gladspierweefsel rondom de organen
- Dekweefsel
De huid is een beschermlaag, maar ook in het lichaam om te beschermen tegen
voedsel
- Bindweefsel
Vetweefsel, kraakbeenweefsel, etc.
Neuron.
Zenuwcel, een functionele eenheid in het brein. Het is een enkele cel die zorgt voor
het aansturen van andere cellen.
Elke cel in het lichaam.
- Bestaat uit organellen.
In een cel zitten kleine organen; organellen. Deze voeren specifiek een functie uit.
* Eiwitten aanmaken
* Opslaan van DNA
Organellen zijn de basis van alle cellulaire activiteit in het lichaam. Ze zijn
vergelijkbaar met organen binnen meercellige organismen.
Membranen in de cel zorgen voor ruimtelijke scheiding wat diverse cel processen
mogelijk maakt (gecompartimenteerd).
Alle verschillende organen worden in de cel van elkaar gescheiden (dierlijke en plant
cellen niet bij de bacteriën).
- Heeft een endoplasmatisch reticulum (ruw & glad)
Netwerk in het celplasma voor het vormen en vouwen eiwitten.