Inmiddels in het tijdvak monniken en ridders (500 tot 1000) Eerste helft
van de middeleeuwen.
9. De kerstening van Europa
KA: De verspreiding van het christendom in Europa.
Toen de Germanen de leiding overnamen waren ze nog geen
christenen Christenen probeerden de Germanen tot hun geloof te
bekeren Wilden de Germanen wel, want ze zagen dat zij verder
ontwikkeld waren.
Monniken waren bezig met deze christelijk-Romeinse traditie
Wijdden hun leven geheel aan christendom en leefden zonder vrouw
of kind in kloosters.
Sommigen trokken rond om als missionaris (= gewelddadig,
monniken vreedzaam) het christendom te prediken onder de
Germanen Lukte, want Germanen werden door de jaren heen
christelijk Toch bleven de natuurgodsdiensten nog eeuwen
bestaan (zeker op platteland).
Belangrijkste steunpilaar monniken Germaanse Franken
Bekeerden zich als eerst tot het christendom Karel de Grote kwam
hieruit voort.
Monniken, christelijke priesters en de bisschoppen werden
intellectuele leiders samenleving met veel aanzien en invloed
Beheersten als enige schrijfkunst dus controle Stand:
geestelijkheid en stond dus boven het volk/
10. De islam
KA: Het ontstaan en de verspreiding van de islam.
Op het Arabische schiereiland ontwikkelde zich de islam Gesticht
door Mohammed Werd beschouwd als de laatste in een reeks
profeten die namens God boodschappen doorgaven aan de mensen.
Christenen hadden volgens Mohammed een fout gemaakt door de
God op te splitsen in drie wezens: God de Vader, God de zoon en
God de heilige Volgens Mohammed was er echt maar één God
Islam verbood mensen en dieren af te beelden (uit angst dat ze
heilig zouden worden).
, Hij zag zijn godsdienst als een verbetering van de joods-christelijke
traditie Nam een deel van de inhoud van de Bijbel over in de
Koran (heilige boek moslims).
Verspreiding vond plaats door het voeren van een heilige oorlog
Religieuze leiders traden ook op als militaire aanvoerders Groot
islamitisch-Arabisch rijk ontstond.
Christenen en joden werden met respect behandeld Aanhangers
van andere godsdiensten werden als minderwaardig gezien.
Arabische wereld: bloei, wetenschap, cultuur en handel
Belangrijke schakel tussen Europa, Azië en Afrika.
11. Hofstelsel en horigheid
KA: De vrijwel volledige vervanging in West-Europa van een
agrarisch-urbane cultuur door een zelfvoorzienende agrarische
cultuur, georganiseerd via hofstelsel en horigheid.
Wegvallen van de veiligheid en orde van het Romeinse rijk (veel
invallen door b.v. Vikingen) + verdeeld raken van het land over
lokale heersers (K.A. 12) Steeds moeilijker lange afstanden te
overbruggen.
Dus nauwelijks handel Hoven, grote zelfvoorzienende
landgoederen, werden belangrijk Bestuurd door feodale heren
Er leefden boeren die onderdanig waren aan hun heer, namelijk
horigen.
Horigen bewerkten de grond van het landgoed (herendiensten)
West-Europa was weer grotendeels een landbouwsamenleving
geworden, amper stedelijk leven.
Hofstelsel = Verdeling land in domeinen (zelfvoorzienend landgoed).