Gezondheidswetenschappen VU – 2024
Gezondheidswetenschappen VU – jaar 1 – 2023/2024
Samenvatting van deeltoets II van immunologie
• Ook de stof van deeltoets I staat er bij, zodat dat nog eventueel doorgelezen kan
worden
• Vanaf pagina 32 begint de stof dat geleerd moet worden voor Deeltoets II
• Uitwerkingen van alle hoorcolleges die je moet leren voor de deeltoets
• Hierbij heb ik ook veel plaatjes gebruikt ter ondersteuning van wat er uitgelegd
GZW 2024 wordt. Hierdoor kan het veel logischer worden!
DEELTOETS 1: verdeling vragen
Hoofdstuk Onthouden Begrijpen Toepassen Analyseren Totaal %
1/2 2 2 7%
Als het nog
3 niet
1 helemaal 2 duidelijk is raad ik je aan3deze 10%
filmpjes te kijken van de Ninja
4 2 2 1 5 17%
Nerd: Immunology
5 2 - YouTube
2 1 5 17%
6 1 2 2 5 17%
7 1 2 2 5 17%
8 1 2 2 5 17%
Verdeling
DT 1 vragen10 Deeltoets
12 II: 8 0 30 100%
DEELTOETS 2: verdeling vragen
Hoofdstuk Onthouden Begrijpen Toepassen Analyseren Totaal %
9 2 2 1 5 17%
10 2 2 1 5 17%
11 2 3 5 17%
14 2 2 1 5 17%
16 1 2 2 5 17%
17 2 2 1 5 17%
DT 2 11 13 6 0 30 100%
Héél veel succes nog!!!
,HC 1: 05-02-2024
Immuunsysteem:
Waarom? Voor bescherming tegen infectieuze ziektes > overleven
Foutief immuunsysteem: de immuun cellen kunnen geen onderscheid maken tussen wat wel en niet
van onszelf is
➢ Allergieën, diabetes, immuunrespons tegen moleculen en auto-immuunziekte
Soorten pathogenen:
Bescherming van het lichaam tegen indringers, lagen van defensie:
1. Barrières van het lichaam
2. Innate/aangeboren immuunsysteem
3. Adaptieve/verworven immuunsysteem
Eerste laag van defensie: barrières:
> Het oppervlakte van de cellen in de barrière laag
is súper groot waardoor er veel
pathogeenbestrijding plaats kan vinden
> Denk aan slijmvliezen, (neus)haren, microbiotica,
tranen, etc
Mechanisch= bouw is gunstig tegen pathogenen
Chemisch= uitgescheiden stoffen bestrijden pathogenen
Microbiologisch= normale microbiota/bacteriën van het lichaam
,Tweede laag van defensie: innate immuunsysteem:
Innate/aangeboren immuunsysteem= snelle eliminatie van het
pathogeen, maar niet specifiek en geen geheugen:
• Inflammatie= na binnendringen van pathogeen gaan
pathogeenbestrijders uit het bloed in het weefsel zitten
> weefsel raakt ontstoken door inflammatory cytokinen
• Complementsysteem= de pathogeen wordt herkent door
complement receptoren deze gefagocyteerd worden
Doel van het innate systeem:
• Herkennen van het pathogeen (maar geen herinnering ervan)
• Aantrekking van cellen die de pathogenen fagocyteren
• Activatie van het adaptieve systeem (als het innate niet voldoende blijkt te zijn)
Derde laag van defensie: adaptieve immuunsysteem:
Adaptieve/verworven immuunsysteem= langzaam, maar wel specifiek en heeft een herinnering
Het adaptieve systeem hangt af van welke lymfoide organen aangewakkerd worden:
• Primaire lymfoide organen: naïve lymfocyten die in het bloed, secundaire lymfoide organen
en lymfevaten circuleren gaan aan het werk om het pathogeen te bestrijden
➢ Uit het beenmerg: B-cellen
➢ Uit de thymus: T-cellen
• Secundaire lymfoide organen: lymfevloeistof dat uit de weefsels komen gaan aan het werk
➢ Geactiveerde lyfocyten: lymfeknopen, milt en Peyer’s patch in dunne darm
➢ B en T-cellen gaan in verschillende delen van de lymfeknopen
Lymphoid
follicle met
B-cellen
T-cellen
Dendritische
cellen
, Uit elke B en T cellen ontstaan unieke receptoren die aan een antigen kunnen binden:
• Uit B-cellen: BCR (B-cell receptoren)
• Uit T-cellen: TCR (T-cel receptoren)
Antigen= molecuul of fragment van een pathogeen die T en B cellen herkennen
Antilichaam/antistof= eiwit dat door het afweersysteem wordt gemaakt om ervoor te zorgen dat de
antigen wordt herkent en aangevallen kan worden
Epitope= minimale hoeveelheid van een antigen dat herkent kan worden door een BCR of TCR zodat
een antigen kan binden en de immuunreactie plaats kan vinden
Zorgen voor een herinnering:
• Bij de eerste besmetting zullen er altijd antilichamen aanwezig blijven
• Bij tweede infectie zullen deze dus al aanwezig zijn
Tweede infectie:
• Sneller
• Sterker
• Minder lang of niet ziek
Link tussen innate en adaptieve immuunsysteem:
➢ Link ontstaat door dendritische cellen
1. Innate activatie vindt plaats:
2. Dendritische cellen nemen pathogenen op
3. Dendritische cellen met pathogenen worden afgevoerd via de afferente
lymfevaten naar de lymfeknopen
4. Adapieve activatie vindt plaats:
5. Naïve lymfocyten worden geactiveerd door de dendritische cellen
6. Geactiveerde lymfocyten worden geuit en worden effectorcellen
7. Deze lymfocyten vertrekken naar de weefsels waar de pathogenen zijn