Maatschappijleer periode 2
Hoofdstuk 1
cultuurdilemma
Diversiteit
Homogeniteit
Diversiteit verschillen mogen er zijn. Iedereen is gelijkwaardig en
mogen hun eigen normen en waarden hebben.
Homogeniteit verschillen mogen er niet zijn. Er is maar één dominante
cultuur en iedereen moet zich daaraan houden, de rest mag niet.
Rood: multiculturele samenleving
Geen dominante cultuur
Universele normen en waarden
Salad bowl
Blauw: pluriforme samenleving
Dominante cultuur
Gedeelde normen en waarden
Respect & debat
Integratie
Melting pot
Geel: mono culturele samenleving
Dominante cultuur
Assimilatie/integratie
Oranje: etnisch-zuivere samenleving
Dominante cultuur
Extreem/strijd
Assimilatie + segregatie
Integratie gedeeltelijke aanpassing van subculturen aan dominante
cultuur. Voor een gedeelte aanpassen, maar eigen cultuur behouden.
Segregatiegroepen leven langs elkaar heen zonder contact.
Hoofdstuk 1
cultuurdilemma
Diversiteit
Homogeniteit
Diversiteit verschillen mogen er zijn. Iedereen is gelijkwaardig en
mogen hun eigen normen en waarden hebben.
Homogeniteit verschillen mogen er niet zijn. Er is maar één dominante
cultuur en iedereen moet zich daaraan houden, de rest mag niet.
Rood: multiculturele samenleving
Geen dominante cultuur
Universele normen en waarden
Salad bowl
Blauw: pluriforme samenleving
Dominante cultuur
Gedeelde normen en waarden
Respect & debat
Integratie
Melting pot
Geel: mono culturele samenleving
Dominante cultuur
Assimilatie/integratie
Oranje: etnisch-zuivere samenleving
Dominante cultuur
Extreem/strijd
Assimilatie + segregatie
Integratie gedeeltelijke aanpassing van subculturen aan dominante
cultuur. Voor een gedeelte aanpassen, maar eigen cultuur behouden.
Segregatiegroepen leven langs elkaar heen zonder contact.