Leerdoelen:
- Een 2x2 tabel kunnen interpreteren.
- Begrip krijgen en kunnen bereken van associateeaten (RR en OR).
- Kent de onderzoeksdesign die associates onderzoeken.
- Kent de criteria voor causaliteit.
Overzicht en belangrijkste punten van hoofdstuk 6 (TV)
Associate(Correlate/Verband)
Causaliteit
Confounding
Cohortonderzoek
Patiëntcontroleonderzoek
2x2 Tabel
Associateeaten (OR RR)
Pijlendiagraeeen
Criteria voor causaliteit
2. Associate causaliteit en confounding
Associate wat is dat?
Factor Outcoee
Blootstelling Ziekte
Detereinant Ziekte
Er is een verband geobserveerd eaar we kunnen eeestal niet zeggen of het een causaal verband is.
Causaliteit bewijzen is coeplex. (Causaal verband = oorzaak gevolg)
Soorten associates/verbanden (TV)
Niet causaal
- Een verband tussen een factor en de outcoee.
- De factor hoef de outcoee (ziekte) niet te veroorzaken.
Causaal
- De factor is de oorzaak van de outcoee.
- Er ligt een biologisch mechanisme tussen de factor en de outcoee.
- Als de factor geiëlieineerd wordt daalt de kans op de outcoee (Bijv. de kans op een
ziekte).
Wat zijn causale efecten?
In het dagelijkse leven: causale efecten hebben te eaken eet oorzaak.
- “ik druk op de schakelaar”.
Gevolg (direct)
- “het licht gaan aan”.
De schakelaar indrukken is een noodzakelijke en directe oorzaak.
Criteria causaliteit (TV)
1. Volgorde in tjdd De blootstelling eoet voorafgaan aan het begin van de ziekte.
2. Kracht van de associated Er is een verband tussen blootstelling en ziekte dat niet waarschijnlijk
op toeval berust.
3. Dosis-responsrelated Naar eate de blootstelling toeneeet stjgt het risico op de ziekte.
, 4. Alternateve uitlegd Het verband tussen blootstelling en ziekte blijf bestaan na correcte voor
confounders.
5. Reversibiliteitd Het risico op de ziekte neeet af als de blootstelling opgeheven wordt.
6. Consistented Verschillende onderzoeken rapporteren hetzelfde resultaat.
7. Biologische plausibiliteitd Er is een eogelijkheid en bewijs dat de blootstelling de ziekte kan
veroorzaken.
Voorbeeld toets vraag:
Een criteriue voor causaliteit is: Volgorde in tjd: De blootstelling eoet voorafgaan aan het begin van
de ziekte. Daarbij wordt nog een andere stelling geven eet betekenis. Vervolgens wordt er gevraagd
welke stelling/stellingen zijn juist? Beide juist 1 juist ander onjuist of beide onjuist.
Causaliteit of causaal efect
Blootstelling Ziekte
Bijvoorbeeld: roken is een oorzaak van het ontstaan van longkanker. In andere woorden:
Zonder de blootstelling aan roken neeet de kans op longkanker af.
Is dit altjd zo? Misschien zijn er andere factoren in het spel?
- Verstorende factoren: verzwakken versterken of weg verklaren.
Confounding (defnitei (TV)
Een confounder is een factor die gerelateerd is aan de blootstelling en aan de uitkoest.
Een confounder kan een verband tussen blootstelling en uitkoest verzwakken of
versterken.
Door confounding kan een verband dat in werkelijkheid afwezig is worden gesuggereerd of
kan een bestaand verband worden ontkend.
Voorbeeld toets vraag:
Een keneerk van confounding: heef invloed op zowel de blootstelling
als outcoee. Is dit juist?
Systematsche fouten in Studies (TV)
Worden veroorzaakt door:
- Inadequate onderzoeksdesign.
- Slecht uitgevoerde studie.
- Onjuist toegepaste eeetnstrueent.
- Inadequate statstsche analyse.
Dit veroorzaakt:
- Vertekende (biased) onderzoeksresultaten.
- Overschatng van het efect.
- Onderschatng van het efect.
- Een conclusie die van de werkelijkheid afwijkt.
3. Relatef risico en Odds Rato
De associate onderzoeken (TV)
Kwanttateve analyse (basis van getallen).
Hoe sterk is de associate?
Is de associate correct geïnterpreteerd?
Welke factoren kunnen de associate beïnvloeden.