Systeem aarde 4/5 havo
H2 Afbraak en opbouw van het landschap
Paragraaf 2.1 Systeem aarde
Systeem aarde
De aarde is opgebouwd uit vier aparte ‘sferen’:
Atmosfeer (lucht)
Lithosfeer (vast gesteente)
Hydrosfeer (water)
Biosfeer (leven)
De sferen beïnvloeden elkaar met als
motor: energie van de zon.
Beïnvloeding van lithosfeer,
atmosfeer, hydrosfeer en biosfeer te
zien in twee belangrijke kringlopen:
Gesteentekringloop
Hydrologische kringloop
Gesteentekringloop
Alle vaste stofen in aardkorst en bovenste deel aardmantel heten gesteenten. Deze horen bij cyclus
van afraak en omvorming door geologische processen = gesteentekringloop.
Drie soorten gesteente:
Stollingsgesteenten
‒ Afgekoeld magma
‒ Ongeveer 95% van aardkorst
‒ Voorbeelden: basalt en graniet
Sedimentgesteenten
- Afzetngen aangevoerd door lucht, water of ijs
- Voorbeelden: kalksteen en zandsteen
Metamorfe gesteenten
- Verandering (metamorfose) van stollings- of
sedimentgesteenten door druk en/of verhoogde
temperatuur
- Voorbeelden: marmer en leisteen
, Hydrologische kringloop
Cyclus van neerslag, verdamping, condensate en
transport van water.
● Evaporate (verdamping vanaf open
water) + transpirate (verdamping vanuit
huidmondjes planten) = Evapotranspiratie
Paragraaf 2.2 Exogene processen
aan het aardoppervlak
Verwering
Verwering is uiteenvallen van hard gesteente
onder invloed van weer en planten.
Twee soorten verwering:
Mechanische verwering
Chemische verwering Hydrologische kringloop
Mechanische verwering
Bij mechanische verwering (fysische verwering) valt gesteente uiteen, zonder dat de scheikundige
samenstelling verandert.
Meest bekende vormen:
Vorstverwering
Verwering door temperatuurwisselingen
Uiteenvallen van gesteenten door plantenwortels
Chemische verwering
Bij chemische verwering valt gesteente uiteen en verandert scheikundige samenstelling.
Meest bekende vorm:
● Oplossen van kalksteen door zuur grond- of regenwater
Factoren die de verwering bepalen
Niet elk gesteente verweert op dezelfde
manier. Van invloed zijn:
● Klimaat
● Aard van gesteente
● Aanwezigheid van dekkende
bodemlaag
● Tijd