Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting inleiding strafprocesrecht

Beoordeling
4.4
(5)
Verkocht
12
Pagina's
12
Geüpload op
04-01-2019
Geschreven in
2018/2019

Samenvatting van het vak Inleiding Strafprocesrecht eerste leerjaar op de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN). Hoofdstukken 1 t/m 9.2. uit het boek: Elementair formeel strafrecht, ISBN:9814. Ik heb de relevante wetsartikelen benoemd en voornamelijk de begrippen verwerkt die je moet kennen. D theorie is geschreven aan de hand van het boek en de colleges.

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Inleiding strafprocesrecht
Week 1: hoofdstuk 1 en 6

Materieel strafrecht: regelt welke gedrag strafbaar is en tot welke sancties dat gedrag
kan leiden

Strafprocesrecht: procedureregels over het opsporingsonderzoek en het onderzoek
ter terechtzitting

Penitentiair recht: alle regels die betrekking hebben op mensen die een straf uitzitten.
(Dit is de fase nadat de rechter een uitspraak heeft gedaan.

Gematigd inquisitoir: onderzoek dat is gericht op het vaststellen van de waarheid en
waarin de verdachte voorwerp van het onderzoek is;
- De verdachte heeft niet dezelfde rechten als het OM
- De verdachte heeft geen zelfstandige rechten en bevoegdheden
- De waarheidsvinding staat centraal
- De strafrechter is actief en ondervraagt zelf getuigen en doet zelf het
onderzoek

Gematigd accusatoir: is een procedure tussen twee gelijkwaardige partijen. De
officier van justitie en de verdediging staat op gelijke voet en vechten met gelijke
wapens (:equality of arms).
De partijen hebben het proces volledig in handen, ze bepalen welke
onderzoekshandelingen zullen plaatsvinden en op welke wijze.

Vervolgingsmonopolie: het OM bepaalt of tot vervolging van een strafbaarheid over
wordt gegaan;
Opportuniteitsbeginsel: in artikel 167 en 242 Sv is aan het OM de bevoegdheid
toegekend zelfstandig te beslissen of n.a.v. een ingesteld opsporing (of
voorbereidend) onderzoek (verdere) vervolging moet plaatsvinden.

Functies strafrecht:
- Vergelding: leed toevoegen om iemand te boeten voor wat die heeft gedaan
- Preventie:
o Speciaal: je wilt voorkomen dat de dader nog een fout maakt
o Generaal: voorkomen dat andere de fout ingaan

Materieel strafrecht  wetboek van strafrecht
Boek 1: Algemene bepaling
Boek 2: misdrijven
Boek 3: overtredingen
Bijzondere wetten: Opiumwet, Wet Wapens en Munitie, Wegenverkeerswet etc.

Materieel legaliteitsbeginsel: alle strafbare gedragingen moet in een wettelijk
bepaling staan. Een gedraging is dus alleen strafbaar als het in een wettelijk bepaling
staat. Art. 1 Sr.




1

,Strafbare feiten kunnen in wet in formele zin staan en in lagere regelgeving
Er zijn wel 4 sub-regels:
1. Lex certa: strafbare feiten moeten duidelijk zijn
2. Lex scripta: strafbare feiten moeten geschreven zijn
3. Verbod van terugwerkende kracht
4. Verbod van analogie: je mag het niet vergelijken met een ander (ongeveer
zelfde) strafbaarfeit

Strafprocesrecht  wetboek van strafvordering
Boek 1: algemene bepalingen
Boek 2: strafvordering in eersten aanleg
Boek 3: rechtsmiddelen
Boek 4: enige rechtsplegingen van bijzondere aard
Boek 5: Internationale en Europese strafrechtelijke samenwerking

Verdragen: schriftelijke afspraken tussen landen
 EVRM: Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
 IVBPR: Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten

Strafvorderlijk legaliteitsbeginsel: alle strafprocesrechterlijke regels moeten een basis
hebben in de wet. Art. 1 Sv Opsporing
Vervolging
Berechting

Alle strafprocesrecht regels moeten in een wet in formele zin staan, omdat je ervoor
wilt zorgen dat de vrijheid van burgers alleen wordt beperkt als de hoge regelgeving
dat zegt.

Advocaat: art. 37 e.v. Sv
Taak: de belangen van de verdachten behartigen.
De verdachte heeft altijd recht op een advocaat, maar het is niet verplicht
Uitgangspunten en beginselen van een raadsman:
- Onafhankelijkheid: hij treedt onafhankelijk op van de vervolgende overheid. Hij
treedt op namen zijn cliënt en behartigt alleen diens belangen
- Onzelfstandigheid: hij verwoordt het standpunt dat instemming heeft van zijn
cliënt. Hij kan dus niet een visie naar voren brengen die niet gedeeld wordt
door zijn cliënt
- Eenheid van verdediging: hij beschikt over de bevoegdheden die zijn cliënt
zijn toebedeeld
- Vertrouwelijk: hij heeft een geheimhoudingsplicht ten aanzien van hetgeen
cliënt met hem bespreekt.

Slachtoffer: art 51a e.v. Sv
Rechten:
- Verwijzing naar slachtofferhulp art. 51aa Sv
- Informatieverstrekking art. 51ab Sv
- Inzicht in processtukken art. 51b Sv
- Recht op rechtsbijstand en vertegenwoordiging art. 51c Sv
- Spreekrecht art. 51e Sv


2

,Benadeelde partij: je kunt je schade (bijvoorbeeld een bril die door een ander kapot
is gegaan) onder omstandigheden ook in strafprocesrecht verhalen. Dit is dan een
slachtoffer als civiele partij.
Officier van justitie: art. 148 e.v en 132a Sv
Belangrijkste taak: geeft leiding aan opsporingsonderzoek en neemt strafvorderlijke
beslissingen > vervolgingsmonopolie

Rechter:
Een rechter is onafhankelijk en onpartijdig.
Absolute competentie: welk soort rechter is bevoegd?
 Art. 382 e.v. Sv: kantonrechter > overtredingen
 Art. 367 e.v. Sv: politierechter > overtredingen van max 1 jaar straf
 Art. 268 e.v. Sv: meervoudige kamer > misdrijven.

Relatieve competentie: welke rechter in Nederland is bevoegd? > Waar is het feit
gepleegd? En wat is de woonplaats van de verdachte? Art. 2 Sv

Week 2: hoofdstuk 2; verdachte

Je bent verdachte als:
1. Tegen jou vervolging is ingesteld
2. Vóórdat de vervolging is begonnen, mits voldaan is aan de eisen van art. 27,
lid 1 Sv.

Zowel natuurlijke als rechtspersonen kunnen verdachte zijn.

Artikel 27 Sv heeft 2 criteria:
1. Redelijk vermoeden van schuld dat blijkt uit feiten en omstandigheden;
Vereiste a: objectiviteit vereiste: het redelijker vermoeden van de schuld
moet niet absurd klinken bij een onbekende
Vereiste b: waarschijnlijkheidsvereiste: de kans moet groot zijn dat
iemand het gedaan heeft dan iemand die het niet heeft gedaan.
2. Concreet strafbaarfeit


‘Vermoeden van schuld’ mag gebaseerd worden op anonieme informatie. De politie
moet de gegevens wel eerst verifiëren en als de informatie volstrekt vaag is dan mag
het niet.

Gevolg van verdachte is inzet van dwangmiddelen:
 Vrijheidsbenemende dwangmiddelen bijvoorbeeld voorlopige hechtenis
 Andere dwangmiddelen zoals opnemen van vertrouwelijke informatie, tappen
van telefoon en observeren.

Cautie: mededeling aan de verdachte dat hij zwijgrecht heeft.
Cautie moet gegeven worden voordat je gaat verhoren. Art. 29 lid 2 Sv
Wanneer geen cautie wordt verleend, is alles wat de verdachte heeft verklaard geen!
bewijs.
Pressieverbod: verdachte mag niet gedwongen worden om iets te vertellen.


3

, Rechten van de verdachte:
- Nemo-tenetur beginsel: verdachte hoeft niet actief mee te werken aan zijn
eigen veroordeling. Je hoeft geen verklaring tegen je zelf af te leggen. Art. 29
Sr en 14, lid 3, sub g IVBPR
- Onschuldpresumptie: je bent onschuldig totdat het tegendeel bewezen is. Art
14, lid 2 IVBPR en 6, lid 2 EVRM

- Ne bis in idem: verbod om voor twee keer hetzelfde feit te vervolgen. Art 68 Sr
en art 14, lid 7 IVBPR

- Recht op rechtsbijstand: art. 27c e.v.
Kernartikel is art. 28 Sv. De rechtsbijstand staat ook in art. 6, lid 3, sub c EVRM
en 14, lid 3, sub d IVBPR
Je moet actief wijzen dat de verdachte recht heeft op rechtsbijstand. Art. 27c Sv
De verdachte mag ook halfuur voor het verhoor overleggen met de raadsman: art.
28c
De raadsman kan ook bij het verhoor zitten. Art. 28d

- Recht op tolk/vertaling: dit is alleen op verzoek.
Tolk: art. 29b Sv, art. 14, lid 3, sub f IVBPR en art. 6, lid 3, sub e EVRM
Vertaling: art. 32a Sv

- Recht op inzage processtukken: art. 30 t/m 34 Sv
Je mag de processtukken inzien en een afschrift krijgen hiervan.

Opsporingsonderzoek: het is een onderzoek naar strafbare feiten. Het doel ervan is,
het nemen van strafvorderlijke beslissingen (; alle beslissingen die het OM kan
opleggen).
Opsporingsonderzoek staat in art. 132a en 148 Sv
De officier van justitie heeft de leiding over het onderzoek en de
opsporingsambtenaren voeren het uit; politie, marechaussee, buitengewone
opsporingsambtenaren. Art. 141 en 142 Sv.

Aangifte: art. 160 en 161 Sv.
Iedereen is bevoegd om aangifte te doen, maar is niet verplicht.
Aangifte doe je mondeling of schriftelijk op het bureau. Het kan ook digitaal.
Een ambtenaar mag een aangifte niet weigeren. Art. 163, lid 9 Sv
Zonder aangifte kan een opsporingsonderzoek gestart worden. Bijvoorbeeld als je
een lijk vindt en iemand op heterdaad betrappen.

Bij klachtdelicten (belediging, stalk) moet er naast een aangifte ook een klacht
indienen op het moment dat je wilt dat de OM de verdachte gaat vervolgen. Dus bij
klachtdelicten is er geen vervolging zonder klacht.

Week 3: hoofdstuk 4; vrijheidsbenemende dwangmiddelen

Kenmerken vrijheidsbenemende dwangmiddelen:
- Bevoegdheid om inbreuk te maken op de vrijheid van de verdachte
- Strafvorderlijk doel
- In alle fases van het strafproces

4

Gekoppeld boek

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Alles m.u.v. 3.2 (deze hoefden wij niet te kennen).
Geüpload op
4 januari 2019
Aantal pagina's
12
Geschreven in
2018/2019
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$6.46
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 12 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 5 reviews worden weergegeven
5 jaar geleden

6 jaar geleden

5 jaar geleden

7 jaar geleden

7 jaar geleden

4.4

5 beoordelingen

5
3
4
1
3
1
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
nursemaparlak Hogeschool Arnhem en Nijmegen
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
12
Lid sinds
7 jaar
Aantal volgers
12
Documenten
1
Laatst verkocht
3 jaar geleden

4.4

5 beoordelingen

5
3
4
1
3
1
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen