Het belangrijkste aspect van het besluitbegrip is dat het de toegang tot de bestuursrechtelijke
bezwaar- en beroepsprocedure bepaalt. In art. 8:1 Awb is namelijk geregeld dat alleen tegen besluit
beroep kan worden ingesteld bij de bestuursrechter en in art. 7:1 Awb is geregeld dat alleen bezwaar
kan worden gemaakt als beroep mogelijk is.
Besluiten zijn onder te verdelen in twee catergorieen die elkaar uitsluiten: besluiten van algemene
strekking en beschikking.
Besluiten van algemene strekking: algemeen verbindende voorschrifenn beleidsregelsn
concretserende besluiten van algemene strekking en plannen.
Beschikkingen: persoongerichte beschikkingen en zaaksgerichte beschikkingen.
Art. 1:3 besluit wordt gedefnieerd als: schrifelijkn publiekrechtelijke rechtsthandeling van een
bestuursorgaan.
Schrifelijk: besluit uit een schrifelijk stuk kenbaar moet zijn. Schrifelijk moet breed worden
opgevat. Niet alleen uit papier maar ook een stempel of een stcker of e-mail voldoet. Soms als de
wet dat uitdrukkelijk bepaaltn geldt het schrifelijkheidsvereiste niet 8:2 lid 1 onder a).
Rechtshandeling: een rechtshandeling is een handeling die een rechtsgevolg beoogt.
Rechtsgevolg is als er iets wijzigt in de rechtsposite van een natuurlijke persoon of rechtspersoonn of
van een bestuursorgaan verandering van rechten en plichten). De handeling waardoor een
bevoegdheid ontstaat of waardoor een bevoegdheid verdwijntn is zelf ook een rechtshandeling.
Gevallen die op een rechtshandeling lijkenn maar dat niet zijn: mededeling brief gebasseerd op wet)n
rechtsgevolgen van rechtswegen declaratoir besluit bestuurorgaan de bevoegdheid bij besluit
vaststellen of rechtsgevolg is ingetreden)n mededeling over feitelijk handelenn het bestuurlijk
rechtsoordeel = oordeel/interpretaie van rechtsregels. In de jurisprudente is in sommige gevallen
bestuurlijk rechtsoordeel gelijk gesteld met een besluit = strategisch besluit. Wordt gelijkgesteld als
het onevenredig bezwarend is voor een belanghebbende om een nader besluit uit te lokken. ).
Bestuurlijke oordelen die wel rechtsgevolgen hebbenn oordeel van bestuursorgaan over een
wetelijke regeling waaraan wel rechtsgevolg is verbondenn dit is dan wel een besluit.
Beoogd rechtsgevolg betekend dat de handeling op rechtsgevolg gericht moet zijn. Dat weer
betekent dat iemand zo’n handeling verrichtn hij normaal gesproken de bedoeling moet hebben om
een rechtsgevolg in het leven te roepen.
Art. 1:3 eerste lid Awb gaat uit van een positef besluitbegrip. In lid twee is bepaald dat ook afwijzing
van een aanvraag om een beschikking een besluit isn ook al heef de afwijzing geen rechtsgevolg.
Publiekrechtelijke rechtshandeling: een rechtshandeling is publiekrechtelijk indien het
bestuursorgaan de bevoegdheid daartoe ontleent aan een speciaal voor het openbaar bestuur bij of
krachtens de wet geschapen grondslag. Verschil tussen privaat en publiek; privaatrechtelijke
rechtshandelingen komt in beginsel toe aan een ieder. Publiekrechtelijke bevoegdheden zijn
daarentegen speciaal voor het openbaar bestuur in het leven geroepen exclusief). Het gaat hierbij
om de aard van de bevoegdheid.
De beslissing moet externe werking hebbenn anders is het geen besluit in de zin van de Awb. Met
externe werking wordt bedoeld dat de rechtsgevolgen van de beslissing buiten de organisate
waarbinnen het bestuursorgaan functoneert efect moet hebben.
De beschikking:
Art 1:3 tweede lid defnieert de beschikking als een besluit dat niet van algemene strekking is. Het
zijn besluiten voor een concreet geval.
Het onderscheid tussen een beschikking enerzijds en een besluit van algemene strekking anderzijds is
om verschillende redenen van belang. Om te beginnen zijn de normen die in ttel 4.1 zijn opgenomen
alleen van toepassing op beschikkingen. Het beschikkingsbegrip is ook van belang voor de wijze van
bekendmaking van besluiten. Persoongerichte beschikkingen moeten worden bekendgemaakt door
toezending van het besluit aan de belanghebbende 3:41) en zaaksgerichte beschikkingen worden in
de regel bekendgemaakt door publicate in de Staatscourant of door publicate in een blad 3:42). Het