Deel 1: Maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO)
Hoofdstuk 1: MVO, duurzaam ondernemen en stakeholderstheorie
1.1 Maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO)
Jacques van Marken begon met MVO d.m.v. pensioenregeling, ziekenfonds zorgen voor school en
bibliotheek. Een eenduidige defniie van MVO bestaat niet.
In Engels is MVO Corporate Social Responsibility (CSR). Vragen over verantwoordelijkheid bedrijven:
1. Hebben bedrijven maatschappelijke verantwoordelijkheden? Zo ja,
2. Wie bepaalt dat?
3. Wat zijn die verantwoordelijkheden?
Over algemeen wordt ervan uitgegaan dat bedrijven in wederkerigheidsrelaie tot de samenleving
staan. → bedrijven dragen bij aan de groei en ontwikkeling van de samenleving, in ruil voor de
voordelen en privileges die de samenleving hen biedt.
Belangrijk is dat bedrijven bij producie van goederen/diensten voortdurend maatschappelijke
acceptaie moeten verdienen door zich te conformeren aan de doelen van de samenleving d.m.v.
sociaal contract. → coninuïteit staat op spel.
Maatschappelijke verantwoordelijkheid volgens Archie B. Carrol:
De economische, juridische, ethische en flantropische verwaching die de samenleving heef van
organisaies op een zeker moment.
Economische verantwoordelijkheid: betref verantwoordelijkheid van bedrijven om goederen en
diensten te produceren die de samenleving wenst en deze winstgevend te verkopen. → is
winstgevendheid acceptabele winstgevendheid of winstmaximalisaie? Milton Friedman
(nobelprijswinnaar) zegt winstmaximalisaie. Van de drie P’s gaat het dus alleen om proft.
Juridische verantwoordelijkheid: betref de verplichingen die de samenleving aan bedrijven oplegt
d.m.v. wet- en regelgeving. Verschilt erg in landen daarom ook outsourcing.
Ethische verantwoordelijkheid: het ontplooien van vrijwillige aciviteiten zonder winstoogmerk, die
gericht zijn op het promoten en nastreven van sociale doelen. (vb. Fair Trade programma’s)
Filantropische verantwoordelijkheid: gaan verder dan ethische verantwoordelijkheden. Deze
hebben in tegenstelling tot ethische een vrijblijvend karakter. Gaat om bijdragen aan culturele
instellingen, scholing- en medische programma’s etc. Maar ook om immateriële bijdragen, zoals
medewerkers kansen geven enkele dagen per jaar werk te verrichten t.b.v. de gemeenschap.
Voor coninuïteit van organisaie noodzakelijk om te voldoen aan economische en juridische
verantwoordelijkheid. Voor ethische en flantropische verantwoordelijkheden ligt dat anders omdat
daar vrijwilligheid voorop staat.
Europese Commissie defnieert MVO als: een concept waarbij bedrijven op vrijwillige basis bijdragen
aan een betere samenleving en schonere omgeving. EC beschouwd MVO dus als ethisch concept.
Bedrijven kunnen MVO vanuit ethische, maar ook fnanciële of commerciële redenen omarmen →
MVO heef dan instrumenteel karakter. Betere reputaie als gevolg van MVO kan omzet verhogen,
onverantwoordelijk gedrag wordt bestraf. → consumenten kopen product/dienst niet.
1
,De World Business Council for Sustainable Development (WBCSD) defnieert MVO als: het
commitment van bedrijven bij te dragen aan een duurzame economische ontwikkeling, samen met
hun medewerkers, hun families, de lokale gemeenschap en de samenleving als geheel, met het doel
de kwaliteit van leven te verbeteren.
Volgens Sociaal Economische Raad is MVO een vorm van ondernemen waarbij bedrijven
economische, sociale en milieuoverwegingen integreren in al hun bedrijfsaciviteiten met een open
oog voor de belangen en wensen van hun stakeholders.
Er zijn tal van defniies van MVO. MVO heef echter vijfal dimensies gemeen:
- Stakeholderdimensie: hoe gaan bedrijven om met hun stakeholders?
- Sociale dimensie: relaie bedrijfsleven en samenleving centraal
- Economische dimensie: sociaaleconomische impact van bedrijven
- Vrijwilligheidsdimensie: aciviteiten die verder gaan dan wet voorschrijf.
- Milieudimensie: impact bedrijfsleven op natuurlijke omgeving.
Anderen zeggen dat MVO moeilijk te benoemen is, omdat samenleving bestaat uit verzameling van
allerhande groepen met niet zelden tegengestelde belangen. Volgens deze visie reageren bedrijven
pas als er druk op hen wordt uitgeoefend door belangrijke stakeholders. Bedrijven reageren dus
passief en niet proacief op maatschappelijke ontwikkelingen.
Het centrale thema van MVO is dus de maatschappelijke verantwoordelijkheid van bedrijven.
1.2 Duurzaam ondernemen
Duurzame ontwikkeling volgens Our Common Future van Brundtland Comissie: duurzame
ontwikkeling is een ontwikkeling die rekening houdt met de behoefen van de huidige generaies
zonder het vermogen van toekomsige generaies om in hun behoefen te voorzien in gevaar te
brengen. Worden drie principes onderscheiden: ecologische, sociaal en economisch.
- Sociale principe: iedereen moet eerlijk behandeld worden. → ecologische achtergrond.
(mensen ontwikkelingslanden minder kansen dus tasten zij leefomgeving aan om in
levensbehoefen te kunnen voorzien)
- Ecologische principe: veronderstelt de kwetsbaarheid en beschermwaardigheid van
natuurlijke hulpbronnen en ecosystemen en dat water, lucht en biodiversiteit geen gevaar
lopen door onverantwoordelijk gedrag van mensen.
- Economische principe: iedereen minimaal in eerste levensbehoefen voorzien. Wanneer dit
geval is zullen mensen natuurlijke leefomgeving beschermen.
People (sociale principe), Planet (ecologische principe), Prosperity (economische principe).
Duurzaam ondernemen is businessvariant van duurzame ontwikkeling. Onderscheid in zwakke en
sterke vorm.
- Zwakke vorm: verwijst naar een ontwikkeling waarbij de totale door bedrijven gecreëerde
sociale, ecologische en economische waarde constant blijf. → verlies aan ecologische
waarde kan worden gecompenseerd door sociale en/of economische waardecreaie. Totaal
aan sociale, ecologische en economische waarde mag echter niet verminderen.
(Bos kappen voor palmolie, gecompenseerd roos medische voorzieningen bevolking)
- Sterke vorm: natuurlijke omgeving (lucht, water, land) cruciaal voor leven op aarde.
Betekent niet dat verlies aan ecologische waarde niet gecompenseerd kan worden door
sociale en/of economische waardecreaie.
(Shell kan niet duurzaam zijn door olie ontrekking, olie is voorgoed verdwenen)
2
, Sterk: PPP → totaal moet beter worden, maar mag niet ten koste gaan van milieu.
Enkele begrippen voor duurzaam ondernemen:
- People-Planet-Profit (PPP): bedrijf moet balans vinden tussen sociale, ecologische en
fnanciële waardecreaie.
- Cradle-tocradle (C2C): producten worden zodanig ontwikkeld dat aan eind van levensduur
weer voedsel vormen voor nieuwe producten of micro organismen. (biologische
voedingsstofen en technische voedingsstofen) (is dus biologisch afreekbaar)
- Bootm-of-thepyramid (BoP): roept mulinaionale onderneming op om koopkracht van
armste mensen in Afrika, Azië en Laijns-Amerika te mobiliseren. Volgens dit concept geen
charitaieve instelling omdat beroep gedaan word op eigen belang → toetreding tot markten
in ontwikkelingslanden biedt kansen. (Vb. microkrediet)
Bij duurzaam ondernemen gaat het dus vooral om de bijdrage van bedrijven aan een duurzame
samenleving. In dagelijkse leven worden MVO en DO vaak verbonden. Het gaat immers om de
maatschappelijke verantwoordelijkheid van bedrijven bij te dragen aan een duurzame samenleving.
1.3 Stakeholdertheorie
Stakeholderstheorie is nauw verbonden met MVO en duurzaam ondernemen. Zij zijn de schakel
tussen de twee begrippen, omdat stakeholders uiteindelijk de maatschappelijke
verantwoordelijkheid van bedrijven bepalen en zij bovendien druk kunnen uitoefenen op bedrijven
om bij te dragen aan een duurzame samenleving.
Stakeholder: elke groep of individu die in staat is de verwezenlijking van de doelen van een
organisaie te beïnvloeden, of die daardoor beïnvloed wordt.
Definitie van Clarkson: individuen of groepen die (eigen)domsrechten kunnen laten gelden, of die
anderszins belangen hebben in een bedrijf.
- Primaire stakeholders zijn groepen of individuen die voor de coninuïteit van een bedrijf van
cruciaal belang zijn, zoals aandeelhouders, beleggers, medewerkers, klanten leveranciers,
overheden en de gemeenschap waar een bedrijf deel van uitmaakt
- Secundaire stakeholders zijn groepen of individuen die beïnvloed worden door een bedrijf, of
die in staat zijn een bedrijf te beïnvloeden, maar die niet cruciaal zijn voor de coninuïteit van
het bedrijf. (media, belangengroepen die publieke opinie mobiliseren)
Stakeholders idenifceren door:
1. Macht
2. Legiimiteit: betrekking op de mate waarin een groep stakeholders een gerechtvaardigde
claim op een bedrijf kan laten gelden.
3. Urgenie: mate waarin claim aanleiding geef tot onmiddellijke acie van management.
Belangrijkste stakeholders zijn de stakeholders die veel macht, legiimiteit en hoge urgenie hebben.
Consumenten, aandeelhouders en werknemers worden doorgaans tot belangrijkste stakeholders
gerekend.
Normatieve stakeholdertheorie: nadruk ligt op hoe bedrijven en managers zich behoren te gedragen
t.o.v. stakeholders.
Instrumentele stakeholdertheorie: nadruk komt te liggen op managen van stakeholderrelaies met
doel de (fnanciële) prestaies van bedrijven te verbeteren. Is dus niet vanzelfsprekend om alle
stakeholders gelijkwaardig worden behandeld (in tegenstelling tot normaieve stakeholdertheorie).
3