Openingscollege
Kwalitatief onderzoek:
Doel = meer, diepgaande en gevarieerde informatie verkrijgen over perspectieven, gedrag,
motieven en ervaringen van onderzochten
- Observeren
Gedrag
- Vragen (open)
Ervaringen
Betekenissen
Meningen
Voorkeuren
Kwantitatief onderzoek
Doel = verklaren, kwantificeren
Meten staat centraal
Vaak gesloten vragen en objectieve testen
Obervationeel onderzoek:
- Patiënt-controle
- Cohort
Experimenteel
Fundamenteel onderzoek
- genereren van nieuwe kennis over processen of structuren
- Voornamelijk in het laboratorium
- In vivo, in vitro
- Qua analysetechnieken veel overlap kwantitatief onderzoek
Stambomen, vorming van overerving, aanpak in spreekkamer en fenotypering, deel 1
meer dan 10.000 ziektes bij mens monogeen (sterk genetisch bepaald)
- 40% an gezondheidszorg kinderen
- herkenbaar (in patiënt of zijn DNA)
- belang voor prognose en familie
vrijwel alle aandoening genetische bijdrage, gemiddeld 49%
, - vb: astma 53%, depressie 34%, diabetes 50%
- multifunctioneel: meerdere genen
1 op 17 nederlanders heeft een zeldzame ziekte
Hoe pak je dat aan
- klacht → anamnese
- familieanamnese!
- stamboom tekenen
- herkenning overervingspatroon
- soms medische gegevens opvragen
- lichamelijk onderzoek
- herkenning aandoening?
- literatuur (pubmed)
- databases
- genetische diagnostiek
- diagnose
stambomen en overervingspatronen
Genetische fenomenen: anticipatie
Man links en vrouw
rechts!: generaties met
romeinse cijfers en van links naar rechts 1,2 enz
Autosomaal dominant (AD)
- meerdere generaties aangedaan
- man-man overdracht
- mannen en vrouwen aangedaan
- gemiddeld 50% aangedaan
Complicerende factoren
- de novo mutaties → ziekte niet bij ouders aanwezig, wel bij kind het is een nieuwe
mutatie
, - variabele expressie → Wanneer de ene persoon in de familie een aangeboren
hartafwijking heeft en de ander een kleine lengte en slechthorendheid ten gevolge
van dezelfde familiaire ziekte aanleg.
- verminderde/incomplete penetrantie → wanneer een ziekte niet tot uiting komt bij een
familielid die de ziekte aanleg wel draagt bij een AD aandoening.
- kan leeftijdsafhankelijk zijn, veel aandoeningen op latere leeftijd (kanker)
- anticipatie
- fenomeen wat optreedt bij genetische aandoeningen die veroorzaakt worden
door een verlengde repeat (repeat expansie)
- een verlengde repeat wordt instabiel en kan zich in opeenvolgende
generaties verlengen
- soms met name verlenging vanaf vader of vanaf moeder
- vb: ziekte van Huntington
- beperkte familieanamnese
- kiemcel mozaïek
- imprinting
- repeat ex
autosomaal recessief (AR) is niet geslachtsgebonden
- 1 generatie aangedaan
- zowel mannen als vrouwen zijn aangedaan
- ongeveer 25% is aangedaan
Cave: consanguiniteit (familie van elkaar krijgt kinderen), founder populaties (lijkt op
dominante erfgang)
- nasreen: 1e kind gezonde ouder. Neef-nicht
- zwangerschap en geboorte normaal
- ALGO gehoorscreening: afwijkend
- aangeboren gehoorverlies
Consanguiniteit en aangeboren aandoeningen. Wat is de kans op een aangeboren afwijking
als ouders neef-nicht zijn → 4%
Is DNA onderzoek in dit geval zinvol → ja
In welk percentage is aangeboren doofheid/slechthorendheid genetische bepaald(AR) →
80%
206 genen die je kunt nakijken: voor slechthorendheid
, X-gebonden (dominant/recessief) → ligt op x of y chromosoom. X-gebonden alleen als je
op beide Xen hebt als vrouw en bij man al op 1X want
die heeft maar 1x
X gebonden recessieve overerving
- alleen mannen aangedaan
- meerdere generaties aangedaan
- geen man op man overerving
- alleen vrouwelijke draagsters
Cave: milde expressie in vrouwen
Duchenne spierdystrofie: progressief je spieren
zwakker worden
X gebonden dominante overerving
- voor mannen uiting als X-gebonden recessief
- alle dochters van aangedane man aangedaan
- geen man op man overdracht
- soms lethaal bij mannen
Y gebonden
- alleen mannen aangedaan
- alle zonden van aangedane mannen erven aanleg
- vaal mannelijke fertiliteit
mitochondrieel → it in t mitochondriën
- 37 genen
- 100K tot 1000K mtDNA moleculen in een eicel
- maternale overerving
- alle kinderen aangedaan bij aangedane moeder
- geen man kan t doorgeven op volgende generatie
multi genetisch/multifactorieel
Stambomen, vormen van overerving, aanpak in spreekkamer en fenotypering deel 2
Komt een patiënt bij de dokter
- anamnese
- Lichamelijk onderzoek
- Bloedafname
- Stamboom tekenen
- Search
- Diagnostiek
Het draait om de relatie van fenotype genotype.
Genotype = genetische kenmerken (DNA)
Fenotype= waarneembare kenmerken bij het individu:
- ziekte
- Dysmorfie
Kwalitatief onderzoek:
Doel = meer, diepgaande en gevarieerde informatie verkrijgen over perspectieven, gedrag,
motieven en ervaringen van onderzochten
- Observeren
Gedrag
- Vragen (open)
Ervaringen
Betekenissen
Meningen
Voorkeuren
Kwantitatief onderzoek
Doel = verklaren, kwantificeren
Meten staat centraal
Vaak gesloten vragen en objectieve testen
Obervationeel onderzoek:
- Patiënt-controle
- Cohort
Experimenteel
Fundamenteel onderzoek
- genereren van nieuwe kennis over processen of structuren
- Voornamelijk in het laboratorium
- In vivo, in vitro
- Qua analysetechnieken veel overlap kwantitatief onderzoek
Stambomen, vorming van overerving, aanpak in spreekkamer en fenotypering, deel 1
meer dan 10.000 ziektes bij mens monogeen (sterk genetisch bepaald)
- 40% an gezondheidszorg kinderen
- herkenbaar (in patiënt of zijn DNA)
- belang voor prognose en familie
vrijwel alle aandoening genetische bijdrage, gemiddeld 49%
, - vb: astma 53%, depressie 34%, diabetes 50%
- multifunctioneel: meerdere genen
1 op 17 nederlanders heeft een zeldzame ziekte
Hoe pak je dat aan
- klacht → anamnese
- familieanamnese!
- stamboom tekenen
- herkenning overervingspatroon
- soms medische gegevens opvragen
- lichamelijk onderzoek
- herkenning aandoening?
- literatuur (pubmed)
- databases
- genetische diagnostiek
- diagnose
stambomen en overervingspatronen
Genetische fenomenen: anticipatie
Man links en vrouw
rechts!: generaties met
romeinse cijfers en van links naar rechts 1,2 enz
Autosomaal dominant (AD)
- meerdere generaties aangedaan
- man-man overdracht
- mannen en vrouwen aangedaan
- gemiddeld 50% aangedaan
Complicerende factoren
- de novo mutaties → ziekte niet bij ouders aanwezig, wel bij kind het is een nieuwe
mutatie
, - variabele expressie → Wanneer de ene persoon in de familie een aangeboren
hartafwijking heeft en de ander een kleine lengte en slechthorendheid ten gevolge
van dezelfde familiaire ziekte aanleg.
- verminderde/incomplete penetrantie → wanneer een ziekte niet tot uiting komt bij een
familielid die de ziekte aanleg wel draagt bij een AD aandoening.
- kan leeftijdsafhankelijk zijn, veel aandoeningen op latere leeftijd (kanker)
- anticipatie
- fenomeen wat optreedt bij genetische aandoeningen die veroorzaakt worden
door een verlengde repeat (repeat expansie)
- een verlengde repeat wordt instabiel en kan zich in opeenvolgende
generaties verlengen
- soms met name verlenging vanaf vader of vanaf moeder
- vb: ziekte van Huntington
- beperkte familieanamnese
- kiemcel mozaïek
- imprinting
- repeat ex
autosomaal recessief (AR) is niet geslachtsgebonden
- 1 generatie aangedaan
- zowel mannen als vrouwen zijn aangedaan
- ongeveer 25% is aangedaan
Cave: consanguiniteit (familie van elkaar krijgt kinderen), founder populaties (lijkt op
dominante erfgang)
- nasreen: 1e kind gezonde ouder. Neef-nicht
- zwangerschap en geboorte normaal
- ALGO gehoorscreening: afwijkend
- aangeboren gehoorverlies
Consanguiniteit en aangeboren aandoeningen. Wat is de kans op een aangeboren afwijking
als ouders neef-nicht zijn → 4%
Is DNA onderzoek in dit geval zinvol → ja
In welk percentage is aangeboren doofheid/slechthorendheid genetische bepaald(AR) →
80%
206 genen die je kunt nakijken: voor slechthorendheid
, X-gebonden (dominant/recessief) → ligt op x of y chromosoom. X-gebonden alleen als je
op beide Xen hebt als vrouw en bij man al op 1X want
die heeft maar 1x
X gebonden recessieve overerving
- alleen mannen aangedaan
- meerdere generaties aangedaan
- geen man op man overerving
- alleen vrouwelijke draagsters
Cave: milde expressie in vrouwen
Duchenne spierdystrofie: progressief je spieren
zwakker worden
X gebonden dominante overerving
- voor mannen uiting als X-gebonden recessief
- alle dochters van aangedane man aangedaan
- geen man op man overdracht
- soms lethaal bij mannen
Y gebonden
- alleen mannen aangedaan
- alle zonden van aangedane mannen erven aanleg
- vaal mannelijke fertiliteit
mitochondrieel → it in t mitochondriën
- 37 genen
- 100K tot 1000K mtDNA moleculen in een eicel
- maternale overerving
- alle kinderen aangedaan bij aangedane moeder
- geen man kan t doorgeven op volgende generatie
multi genetisch/multifactorieel
Stambomen, vormen van overerving, aanpak in spreekkamer en fenotypering deel 2
Komt een patiënt bij de dokter
- anamnese
- Lichamelijk onderzoek
- Bloedafname
- Stamboom tekenen
- Search
- Diagnostiek
Het draait om de relatie van fenotype genotype.
Genotype = genetische kenmerken (DNA)
Fenotype= waarneembare kenmerken bij het individu:
- ziekte
- Dysmorfie