MET EXCEL SPREADSHEETS
PROF. DR. TJALLING VAN DER GROOT
SAMENVATTING H1 T/M H10
,H1 ACCOUNTING EN INFORMATIE
Accounting, Financial accouting en informatie
Een organisatie heeft informatie nodig om te kunnen beoordelen of zijn doelstellingen worden
bereikt. Er zijn verschillende soorten organisaties, zoals op winst en niet op winst gerichte.
Met de accounting of financiële informatie kunnen de gebruikers, zoals bijvoorbeeld de directie, zich
een oordeel vormen over zaken als:
De investeringen
De producten
De kostprijs
De omvang van de verkopen
De verleende garantie
Het betaalgedrag van debiteuren
De markten waar de onderneming werkzaam is
De betaalde belastingen.
Omvang van het vermogen.
Het doel hiervan is het zo goed mogelijk in cijfers vast leggen, zodat de hiervoor genoemd feiten
kunnen worden omgezet in informatie. De gebruikers hiervan zijn bijvoorbeeld de werknemers,
beleggers en de fiscus.
Accounting is het meten, verwerken en presenteren van financiële feiten. Financial accouting heeft
betrekking op de communicatie van de accounting informatie naar de gebruikers.
De financiële informatie wordt verspreid via het jaarverslag. Hier staan een aantal verplichte
onderdelen in:
Het verslag van de directie
De toekomstparagraaf
Belangrijke gebeurtenissen na balansdatum
De jaarrekening
De winstverdeling
De accountantsverklaring
De opstelling van het jaarverslag moet volgens de International Financial Reporting Standards (IFRS)
opgesteld worden. Hierbij spreekt men ook wel van de EU GAAP, de generally accepted accounting
principles. In de VS moet dit volgens de Financial Accounting Standards (FAS), ook wel de VS GAAP.
Op de balans staan voorraadgrootheden. De balans laat de herkomst en besteding van het vermogen
van een onderneming zien op een bepaalde datum. De linkerzijde heet de activa zijde. Hierop staan
materiële activa als kasmiddelen, debiteuren, voorraden, grond, gebouwen en machines. Verder zijn
er immateriële activa als licenties, uitgavenrechten en exploratierechten.
De rechterzijde heet de passiva kant. Hierop staat de herkomst van het vermogen. Het ingebrachte
eigen geld, aandelenkanpitaal en ingehouden winst: eigen vermogen. En het vreemd vermogen, zoals
leningen en crediteuren. Ook staat er andere verplichtingen, zoals te betalen belasting en premies op.
Op de resultatenrekening staan stroomgrootheden gedurende een bepaalde periode. Dit zijn baten,
zoals opbrengsten van de verkopen, en lasten, zoals de kostprijs, loon-, grondstof- en rentekosten.
Baten en lasten zorgen voor een verandering van het eigen vermogen. Het saldo van de baten en
lasten, is de toename van het eigen vermogen over de periode.
, De resultatenrekening geeft inzicht in de winstgevenheid of rendement van het vermogen van een
onderneming.
Op het kasstroomoverzicht staan stroomgrootheden. Het bevat een overzicht van de kasstromen van
een organisatie in drie onderdelen: de operationele, de inversterings en de financieringskasstroom. Dit
geeft onder meer inzicht in de liquiditeit van een onderneming.
Financiële feiten en hun invloed op de balans
De bezittingen (assets) en het eigen vermogen (equity) en vreemd vermogen (liabilities) moeten aan
elkaar gelijk zijn. Hieruit krijg je de accounting vergelijking:
Bezittingen = Eigen vermogen + vreemd vermogen.
Het eigen vermogen wordt ook wel de intrinsieke waarde genoemd. Dit is wat overblijft nadat het
vreemd vermogen in mindering is geracht op de bezittingen.
Een verandering op de balans wordt tweemaal geboekt, zodat de balans in evenwicht blijft. Dit is de
methode van het dubbel boekhouden.
Financiële feiten en hun invloed op de resultatenrekening
Financiële feiten die invloed hebben op het eigen vermogen, hebben ook invloed op de
resultatenrekening. Dit zijn de baten en lasten. De resulatenrekening wordt ook wel de hulprekening
van het eigen vermogen genoemd. Het saldo Winst op de resultatenrekening is gelijk aan het verschil
van de baten en lasten.
Een verkoop op rekening leidt tot een toename van het eigen vermogen, ook al is nog geen geld
ontvangen. Een toename van de winst betekent dus niet altijd een toename van liquide middelen.
In de meeste jaarrekeningen staan de baten en lasten onder elkaar, ofwel in staffelvorm.
Financiële feiten en hun invloed op de kasstromen
Het kasstroomoverzicht geeft inzicht in de mutaties van de kasgelden of liquide middeln over een
bepaalde periode.
Kasstromen die een onderneming ontvangt zijn positief, en kasstromen die een onderneming uitgaan
zijn negatief. De toename van voorraden betekent een betaling, dus een uitgaande kasstroom.
De mutatie Kas is de toe- of afname van de hoeveelheid kasgeld over een bepaalde periode.