Hoofdstuk 3 - Omgeving van de leider
Minor Nieuw Leiderschap
Inhoudsopgave
3.1 Situationeel leiderschap ............................................................................................................. 2
3.2 A comparative analysis of situaltionalism and 9,9 management by principle .......................... 5
3.3 Cutural constraints in management theories ............................................................................ 8
, 3.1 Situationeel leiderschap
Een van de bekendste theoretische modellen die zich specifiek richten op de omgeving van de
leider, is het situationeel leiderschapsmodel van Hersey en Blanchard. Het gaat uit van twee
dimensies: taakgericht en relatiegericht gedrag van de leidinggevende.
- Taakgericht of sturend leiderschap
o Het accent ligt op het einddoel en de uitvoering van de taak.
o De leidinggevende stelt de doelen vast, plant en organiseert het werk, geeft
prioriteiten aan en bepaalt welke werkmethoden er gevolgd worden.
o Deze stijl kan door medewerkers als eenrichtingsverkeer en autoritair worden
ervaren.
- Relatiegericht of ondersteunend leiderschap
o Het accent ligt op de onderlinge verhouding.
o De leidinggevende moedigt aan, bevestigt, prijst, luistert actief, vraagt om
suggesties en ideeën, stimuleert zelfstandige probleemoplossing, maakt
informatie toegankelijk, moedigt teamwork aan en durft zich kwetsbaar op te
stellen.
o Deze participatieve stijl kenmerkt zich door tweerichtingscommunicatie.
De vier stijlen
Uit deze twee dimensies construeerden Hersey en Blanchard vier stijlen van leidinggeven
S1 leiden (directing)
Sterk sturend en weinig ondersteunend leiderschap.
De leidinggevende schrijft voor wat de medewerkers moeten doen, geeft nauwkeurige instructies
en controleert de taakuitvoering.
2