Samenvatting hoofdstuk 7 Handhaving leereenheid 8
BESTUURLIJKE SACNTIE:
- Een bestuurlijke sanctie is een door een bestuursorgaan wegens een overtreding
opgelegde verplichting of onthouden aanspraak.
- Op grond van artikel 5:4 Awb dient in een bijzondere bestuursrechtelijke wet een
expliciete bevoegdheid te zijn neergelegd voor het opleggen van een bestuursrechtelijke
sanctie = Legaliteitsbeginsel.
- In bepaalde gevallen kan door middels van strafrechtelijke sanctionering mogelijk zijn.
BESTUURSRECHTELIJKE SANCTIEBEVOEGDHEDEN:
1- Last onder bestuursdwang;
2- Last onder dwangsom;
3- Bestuurlijke boete;
4- Intrekken of wijzigen van een beschikking
TOEZICHT OP NALEVING:
- De algemene regeling met betrekking tot de uitoefening van toezichtbevoegdheden is
opgenomen in de Awb.
- Deze bevoegdheden kunnen bij besluit van een bestuursorgaan worden beperkt of
worden uitgebreid.
- Toezichthouders beschikken naast bestuurlijke toezichtbevoegdheden ook vaak over
strafrechtelijke opsporingsbevoegdheden en zijn in dat kader aangewezen door de
officier van Justitie. Dit kan voor problemen leiden. Daarbij moet worden gedacht aan het
gebruiken van bestuursrechtelijke toezichtbevoegdheden voor het opsporen van een
strafbaar feit. Bijvoorbeeld de in de Awb neergelegde medewerkingplicht staat lijnrecht
tegen over het zwijgrecht in het strafrecht en de cautieplicht van de
opsporingsambtenaar. De informatie uit de medewerkingplicht zal in een strafprocedure
soms moeten aangemerkt als onrechtmatig verkregen bewijs. Tevens mag deze
informatie soms niet worden gebruikt als bewijs bij de oplegging van een bestraffende
bestuurlijke sanctie.
HANDHAVING DOOR MIDDEL VAN BESTUURSRECHT, STRAFRECHT OF
CIVIELRECHT:
- De overtreding van een bestuursrechtelijke regel kan niet alleen worden aangepakt door
middel van een bestuurlijke sanctie. Ook het strafrecht en de civielrecht
(onrechtmatigheiddaad) kunnen soms als handhavinginstrument worden ingezet.
- Wanneer strafrechtelijk gesanctioneerd wordt, legt niet het bestuursorgaan maar de
strafrechter op vordering van het OM een sanctie op.
- Het handelen zonder vergunning is in de regel strafbaar gesteld. Van bijzonder voor de
strafrechtelijke handhaving van de bestuurswetgeving is de Wet op de economische
delicten (WED). De oplegging van een herstelsanctie sluit de oplegging van een
bestraffende sanctie niet uit.
- Omdat een aantal overtredingen zowel strafrechtelijk als bestuursrechtelijk kan worden
gesanctioneerd, is handhavingafstemming wenselijk. Deze afstemming vindt plaats
tijdens het driehoeksoverleg (officier van justitie, commissaris van de politie en de
burgemeester).
- Doorkruisingleer: de overheid heeft ook de mogelijkheid op privaatrechtelijk te
handhaven door middels van onrechtmatigedaadactie. Dit is echter beperkt aangezien de
bestuurlijksrechtelijke sanctie mogelijkheden vaak voldoende zijn om het resultaat te
bereiken welke vergelijkbaar zou zijn middels een privaatrechtelijke weg.
BESTUURLIJKE SACNTIE:
- Een bestuurlijke sanctie is een door een bestuursorgaan wegens een overtreding
opgelegde verplichting of onthouden aanspraak.
- Op grond van artikel 5:4 Awb dient in een bijzondere bestuursrechtelijke wet een
expliciete bevoegdheid te zijn neergelegd voor het opleggen van een bestuursrechtelijke
sanctie = Legaliteitsbeginsel.
- In bepaalde gevallen kan door middels van strafrechtelijke sanctionering mogelijk zijn.
BESTUURSRECHTELIJKE SANCTIEBEVOEGDHEDEN:
1- Last onder bestuursdwang;
2- Last onder dwangsom;
3- Bestuurlijke boete;
4- Intrekken of wijzigen van een beschikking
TOEZICHT OP NALEVING:
- De algemene regeling met betrekking tot de uitoefening van toezichtbevoegdheden is
opgenomen in de Awb.
- Deze bevoegdheden kunnen bij besluit van een bestuursorgaan worden beperkt of
worden uitgebreid.
- Toezichthouders beschikken naast bestuurlijke toezichtbevoegdheden ook vaak over
strafrechtelijke opsporingsbevoegdheden en zijn in dat kader aangewezen door de
officier van Justitie. Dit kan voor problemen leiden. Daarbij moet worden gedacht aan het
gebruiken van bestuursrechtelijke toezichtbevoegdheden voor het opsporen van een
strafbaar feit. Bijvoorbeeld de in de Awb neergelegde medewerkingplicht staat lijnrecht
tegen over het zwijgrecht in het strafrecht en de cautieplicht van de
opsporingsambtenaar. De informatie uit de medewerkingplicht zal in een strafprocedure
soms moeten aangemerkt als onrechtmatig verkregen bewijs. Tevens mag deze
informatie soms niet worden gebruikt als bewijs bij de oplegging van een bestraffende
bestuurlijke sanctie.
HANDHAVING DOOR MIDDEL VAN BESTUURSRECHT, STRAFRECHT OF
CIVIELRECHT:
- De overtreding van een bestuursrechtelijke regel kan niet alleen worden aangepakt door
middel van een bestuurlijke sanctie. Ook het strafrecht en de civielrecht
(onrechtmatigheiddaad) kunnen soms als handhavinginstrument worden ingezet.
- Wanneer strafrechtelijk gesanctioneerd wordt, legt niet het bestuursorgaan maar de
strafrechter op vordering van het OM een sanctie op.
- Het handelen zonder vergunning is in de regel strafbaar gesteld. Van bijzonder voor de
strafrechtelijke handhaving van de bestuurswetgeving is de Wet op de economische
delicten (WED). De oplegging van een herstelsanctie sluit de oplegging van een
bestraffende sanctie niet uit.
- Omdat een aantal overtredingen zowel strafrechtelijk als bestuursrechtelijk kan worden
gesanctioneerd, is handhavingafstemming wenselijk. Deze afstemming vindt plaats
tijdens het driehoeksoverleg (officier van justitie, commissaris van de politie en de
burgemeester).
- Doorkruisingleer: de overheid heeft ook de mogelijkheid op privaatrechtelijk te
handhaven door middels van onrechtmatigedaadactie. Dit is echter beperkt aangezien de
bestuurlijksrechtelijke sanctie mogelijkheden vaak voldoende zijn om het resultaat te
bereiken welke vergelijkbaar zou zijn middels een privaatrechtelijke weg.