AARDRIJKSKUNDE
Geografisch besef:
= combinatie van:
• een bepaalde hoeveelheid kennis,
• een bepaalde manier van denken en
• van kijken naar de wereld om je heen
Geografisch besef is een bepaalde basis van geografische kennis, geografisch redeneren en geografische interesse .
Geografische kennis: • kennis van gebieden, landschappen, menselijke & natuurlijke (ruimtelijke)
verschijnselen op verschillende schaalniveaus
• kennis van ruimtelijke vraagstukken gerelateerd aan globalisering, duurzaamheid en
ongelijkheid
Geografisch denken: • vaardigheden, nodig voor vormen geografisch wereldbeeld en kritisch leren denken
Geografische interesse: • interesse in ak, verwondering over en waardering voor de diversiteit op aarde
(menselijk en natuurlijk).
Geografische vierslag:
Met de geografische vierslag wordt er vanuit een bijzondere invalshoeken gekeken naar de wereld. Hierbij is er
oog voor de inrichting van de ruimte, de spreiding van verschijnselen en de samenhang daartussen. Door het
stellen van de juiste vragen, ontstaat er grip op de verschijnselen. De geografische vierslag bestaat uit vier hande-
lingen die op vrijwel op elk geografisch onderwerp kunt toepassen.
Deze vier handelingen zijn:
1. Waarnemen; Wat zie ik? Waar zie ik dat? Hoe ziet het eruit?;
2. Herkennen; Heb ik dat ergens anders meer gezien? Zie ik het wel vaker? Waar?;
3. Verklaren; Hoe komt het? Waarom daar?;
4. Waarderen; Wat vind ik ervan? Wat vinden anderen ervan? Hoe kan het ook anders?
Geografische zienswijze:
1 Waarnemen – Wat zie ik? – Waar zie ik dat?
2 Beschrijven – Hoe ziet het eruit? – Welke kenmerken ontdek je?
3 Verklaren – Waarom daar? – Waarom daar zo?
4 Generaliseren – Heb ik dit ergens anders ook gezien? – Zie ik dit wel vaker? 5 Waarderen – Wat vind ik ervan? – Wat
vinden anderen ervan? – Hoe kan het ook anders?
, Haubrich
Haubrich heeft een model ontwikkeld om in tien stappen met in niveau opklimmende vragen geografische objecten
en verschijnselen (of afbeeldingen/foto’s daarvan) gericht door kinderen te laten onderzoeken.
Geografisch besef:
= combinatie van:
• een bepaalde hoeveelheid kennis,
• een bepaalde manier van denken en
• van kijken naar de wereld om je heen
Geografisch besef is een bepaalde basis van geografische kennis, geografisch redeneren en geografische interesse .
Geografische kennis: • kennis van gebieden, landschappen, menselijke & natuurlijke (ruimtelijke)
verschijnselen op verschillende schaalniveaus
• kennis van ruimtelijke vraagstukken gerelateerd aan globalisering, duurzaamheid en
ongelijkheid
Geografisch denken: • vaardigheden, nodig voor vormen geografisch wereldbeeld en kritisch leren denken
Geografische interesse: • interesse in ak, verwondering over en waardering voor de diversiteit op aarde
(menselijk en natuurlijk).
Geografische vierslag:
Met de geografische vierslag wordt er vanuit een bijzondere invalshoeken gekeken naar de wereld. Hierbij is er
oog voor de inrichting van de ruimte, de spreiding van verschijnselen en de samenhang daartussen. Door het
stellen van de juiste vragen, ontstaat er grip op de verschijnselen. De geografische vierslag bestaat uit vier hande-
lingen die op vrijwel op elk geografisch onderwerp kunt toepassen.
Deze vier handelingen zijn:
1. Waarnemen; Wat zie ik? Waar zie ik dat? Hoe ziet het eruit?;
2. Herkennen; Heb ik dat ergens anders meer gezien? Zie ik het wel vaker? Waar?;
3. Verklaren; Hoe komt het? Waarom daar?;
4. Waarderen; Wat vind ik ervan? Wat vinden anderen ervan? Hoe kan het ook anders?
Geografische zienswijze:
1 Waarnemen – Wat zie ik? – Waar zie ik dat?
2 Beschrijven – Hoe ziet het eruit? – Welke kenmerken ontdek je?
3 Verklaren – Waarom daar? – Waarom daar zo?
4 Generaliseren – Heb ik dit ergens anders ook gezien? – Zie ik dit wel vaker? 5 Waarderen – Wat vind ik ervan? – Wat
vinden anderen ervan? – Hoe kan het ook anders?
, Haubrich
Haubrich heeft een model ontwikkeld om in tien stappen met in niveau opklimmende vragen geografische objecten
en verschijnselen (of afbeeldingen/foto’s daarvan) gericht door kinderen te laten onderzoeken.