Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Uitgebreide hoorcollege-aantekeningen (HC1 t/m HC14) Bewustzijnsfilosofie (2017)

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
32
Geüpload op
19-02-2019
Geschreven in
2017/2018

Uitgebreide aantekeningen van de hoorcolleges bewustzijnsfilosofie uit het eerste jaar psychologie van de Tilburg Universiteit van Hans van Dooremalen. In de hoorcolleges wordt ingegaan op alle verschillende filosofische stromingen zoals Connectionisme en Behaviorisme bijvoorbeeld. Ook komen de colleges grotendeels overeen met informatie uit het boek: 8 questions about the conscious mind (2014), H. Dooremalen. Zelf het vak met een 8 afgesloten :)

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Hoorcollege 1 & 2 Philosophy of mind Introductie & Dualisme 29-01-2018

Toetsing:

- Midterm na college 6
o 2 open vragen
o Over college 1 t/m 6
o Telt voor 25% mee
- Endterm na college 14
o 6 open vragen
o Gaat over alle colleges
o Dit telt voor 75% mee

Alles wat niet in de lecture naar voren komt en wel in het boek staat, wordt niet behandeld in het
tentamen. Dus de hoorcolleges zijn erg belangrijk, wat hij bespreekt gaat het tentamen over.

Wat is filosofie? Filosofie is een breed begrip.
- Filosofie wordt gezien als conceptuele analyse/concept. Empirisch (wetenschappelijk)
onderzoek levert een wetenschappelijk wereldbeeld. Normaal wereldbeeld (wetenschappelijk)
manifest wereldbeeld (filosofie) Filosofie = wat bedoel je met de term/concept X? en wat is de
link tussen deze wereldbeelden?
- Je kijkt daarnaast een stap verder, je kijkt naar de wetenschap om de concepten bij te stellen,
dus filosofie als conceptuele verheldering om iets meer te weten van een bepaald concept.
- Je kijkt naar de geldigheid van je concepten; kan je het wel toepassen op de wereld? Validiteit
eigenlijk, dus filosofie als geldigheidswetenschap.
- Of filosofie als perspectiefwisseling; een training waarin je perspectief over bijvoorbeeld de
wereld kan veranderen (of proberen het perspectief van de ander in te nemen).
- Filosofie al zoektocht naar de waarheid (vanuit het oude Griekeland), hierbij ging het niet om
de waarheid, maar of je de ander kon overtuigen (advocaten). Socrates verzette zich
hiertegen, je moet weten wat waar is ipv de skill om te overtuigen.
Samengevat: filosofie is allemaal; we willen weten wat we bedoelen met onze concepten, willen dat ze
geldig zijn en om daar achter te komen moeten we soms een ander perspectief innemen zodat we
alles zo helder en duidelijk mogelijk krijgen.

Wat is filosofie niet?
- Is niet zomaar kletsen dat je feitenvrij kan doen
- Filosofie is geen scepticisme of relativisme
- Je veranderd van perspectief om tot het juiste antwoord te komen.
- Filosofie gaat niet over mening, gaat ook over feiten
Meeste vragen in tentamen gaan over kennisproductie; verklaren wat mensen zeggen.

Waarom filosofie voor psychologen? Je kan de lange zin van net wel samenvatten als: filosofie is een
studie van het kritisch denken; je leert om kritisch te staan tegenover je eigen vakgebied (in dit geval
van psychologie?)  wat bedoel je met dat concept, is het waar en kan je het toepassen op de echte
wereld?  is het waar wat je leest, kritische reflectie.
- BV: verdrongen herinneren; bestaat dit wel? Is dit wetenschappelijk onderbouwd? (wat is dan
wetenschap etc. etc.), gaat vaak een beetje over ethische vragen
- Hierbij; denken over wat is de geest waar we het over hebben? Wat is de psyche? Wat is
bewustzijn? En hoe past dat bewustzijn in een fysische wereld? (Descartes, Marisienne).
- Deze vragen zijn niet zo makkelijk te beantwoorden (the hard problem). Mensen hebben
dualistische visies; lichaam en geest zijn verschillende dingen en kunnen onafhankelijk van
elkaar bestaan en functioneren? Maar wat je in je geest voelt gebeurt ook in je brein en
andersom. Er is dus een hoge correlatie, maar hoe zijn deze gelinkt aan elkaar? David
Charmers is een dualist = hij gelooft dat het brein en lichaam los van elkaar kunnen bestaan.
Hij zegt ook dat verschilende gebieden een probleem van bewustzijn hebben (zoals
neuroscience of psychologie); MAAR het grote probleem is subjectieve ervaring; smaak,
geluid etc. Hoe komen deze subjectieve ervaringen tot stand vanuit neuronen die informatie
aan elkaar doorgeven?

, Uiteindelijk kan je niet anders dan accepteren dat bewustzijn een fysisch fenomeen is.
Wat is bewustzijn?  een eerste analyse
1. Bewuste ervaringen; Nagel noemt dit what-it-is-likeness (quale/qualia); hoe is het om een
vleermuis te zijn. De ervaringen van geuren en smaken etc. De kwaliteit van de ervaring; dit is
fijn/niet fijn (quale/qualia). Een aspect van de ervaring (rook heerlijk). Deze hoeven niet persé
over iets te gaan.
2. Cognitie; thoughts/representaties ook wel propositionele attitude genoemd (PA’s); het is een
houding t.o.v. een propositie. PA’s gaan ergens over, hebben een intentionaliteit (aboutness).
Gaan over de betekenis van een zin; ‘’hoop’’ dat het regent ‘’gelooft’’ dat het regent ‘’denkt’’
dat het regent = zijn verschillende proposities. Zijn discrete entiteiten (zijn niet gekoppeld aan
iets, staat los van andere gedachten etc.). De cognitieve gedachten representeren de wereld
en hebben betekenis. Hebben geen qualia.
3. Emoties; Combinatie van een ervaring en een cognitieve toestand. Emoties hebben dus zowel
een kwalitatief karakter alsook intentionaliteit: je bent boos (qualia) op de andere man in het
verkeer (cognitie). Het voelt op een bepaalde manier om kwaad te zijn op een slechte
automobilist.

Maar het algemene probleem blijft: hoe past het bewuste brein in een fysieke wereld? Zijn eigenlijk 3
sub-problemen/categorieën:
1. Hoe verhouden ervaringen zich tot de fysische wereld?
2. Hoe verhouden cognitieve toestanden zich tot de fysische wereld?
3. Hoe verhouden emoties zich tot de fysische wereld?
Eigenlijk 2 oplossingen; als je weet hoe qualia in de fysische wereld passen en intentionaliteit in de
fysische wereld past weet je dat ook voor emoties.

Hoe genereert het brein deze gevoelens? Welke visies bestaan hierover?
- Substantie-dualisme; geest bestaat onafhankelijk van het lichaam en vice versa (Descartes)
- Idealisme: de fysische wereld is afhankelijk van de geestelijke wereld (Barkley)
- Behaviorisme; de geest is eigenlijk gedrag (Skinner & Watson)
- Reductionisme/identiteitstheorie: mentale toestanden zijn hersentoestanden
- Eliminativisme: de geest bestaat niet
- Functionalisme: mentale toestanden worden gerealiseerd door hersentoestanden
- Connectionisme
- Embodied & Embedded en zelfs Extended Mind.

Substantie-dualisme; kan de geest onafhankelijk van het lichaam functioneren? René Descartes
formuleerde de overtuiging dat het menselijk lichaam een complexe materiële machine is, maar dat de
menselijke geest toch afhankelijk kan bestaan van het lichaam. 2 soorten
1. Substantie: datgene wat opzichzelf kan bestaan
2. Substantie-dualisme: er zijn twee soorten substanties “
a. Res cogitans (de denkende substantie  geest)
b. Res extensa (de uitgebreide substantie  lichaam)

De eerste methode van Descartes was trek alles in twijfel want hoe weet je wat waar is? Hij merkte
dat hij niet kon vertrouwen op zijn eigen zintuigen, zijn leraren en zijn observaties (denk maar aan
illusies  over een pad lopen dat in de verte minder breed lijkt). Verschillende overtuigingen:
 Ben je wakker? (zijn vraag; hoe weet je dat je droomt?)
 Wiskunde was volgens hem de manier waarop je wetenschap moest doen
 Wat als er een malin genie is? Een demoon die alle power over jou heeft.
MAAR vervolgens kwam Descartes met: cogito ergo sum; ik denk dus ik besta.

Zijn tweede methode was; ik weet nu zeker dat ik besta want het zijn mijn eigen gedachten die
twijfelen over mijn bestaan. Maar hoe weet ik dit nu? (res cogitans). Hij bedacht dat alles wat helder
en distinct was, de waarheid was (zoals hij dacht met zijn brein). Hij veranderd dus van alles in twijfel
trekken naar als je ziet dat iets helder en distinct is, dat het dan waar is.
Vervolgens bedenkt hij god; en weet hij dat hij een res extensa heeft (lichaam). Het heeft een plaats in
de ruimte, zijn lichaam, maar hoe kan de mind een lichaam aansturen terwijl hij zelf geen ruimte
inneemt?
Laatste vraag van endterm gaat over het benoemen van begrippen. TIP: maak een lijst van alle
begrippen die gebruikt worden en weet wat deze betekenen + voorbeeld erbij.

, Hoorcollege 3 Philosophy of mind 05-02-2018

Monisme = uitgaan van dat dingen sterk met elkaar verweven zijn, je gaat uit van 1 visie. Alleerst de
visie dat alleen god bestaat en de fysische wereld creeërt. Maar je kan ook argumenteren dat er alleen
een fysische substantie bestaat (monisme 2). Op deze manier ontkom je aan het interactieprobleem
en heb je ook god niet nodig om dit op te lossen. Dit heet ook wel materialisme of fysicalisme.

Algemene aanname materialisme = elke materialist accepteert lichaam-geest superventiëntie,
verschillen in posities zitten vooral in hoe men denkt over deze aanname. Supervenitiëntie is dat je
ervan uit gaat dat 2 dingen exact hetzelfde representeren.

Identiteitstheorie, wat is identiteit?  wie ben ik? Echter is dit niet hoe identiteit gebruikt wordt binnen
de MBIT. Daarnaast kwalitatieve identiteit  identieke tweeling, twee merken koffie die kwalitatief
gelijk zijn, ook deze manier wordt gebruikt bij MBIT. Tot slot de kwantitatieve identiteit  twee dingen
die feitelijk hetzelfde ding zijn; mijn buurman is de winnaar van de loterij (a = b). Dit is hoe identiteit
gebruikt wordt binnen MBIT. In dit geval gaat het niet om de kwestie een definitie te geven (a=b), maar
het gaat om de empirische constatering; we hebben het al ontdekt/data wijst in die richting, maar
mensen moeten het ook zo gaan zien.

Contingente waarheid = als iets contingent waar is, dan kan je het ontkennen zonder in een
contradictie terecht te komen. Een contingente uitspraak is waar, maar is niet het enige geval van
waar BV: borden met een waarschuwing erop zijn driehoekig.
Bij identiteitsuitspraak zagen we vroeger als een contingent ware uitspraak, maar nu niet meer; nu
zeggen we dat als we ontdekt hebben dat a – b, dat dat dan de noodzakelijke waarheid is (het had
niet anders kunnen zijn), dit is echt wel conditional  voorwaarde voor.

Saul Kripke’s komt met een belangrijk inzicht dat identiteitsuitspraken altijd noodzakelijk waar zijn, ook
als de waarheid empirisch is vastgesteld. Contingente waarheid bestaat eigenlijk uit twee onderdelen:
- A priori = je kan de waarheid van een uitspraak vaststellen door goed na te denken (zonder
empirisch onderzoek te doen)
- A posteriori = je kan de waarheid van een uitspraak enkel vaststellen door empirisch
onderzoek te doen.
Lang dacht men dat a posteriori ontdekte waarheden contingent waar waren, dat is waar Kripke tegen
argumenteerde.

MBIT (Mind Brain Identity Theory) stelde dat alle mentale toestanden identiek waren met bepaalde
brein- of lichaamstoestanden. Zoals we in college 1 hebben geleerd heb je 3 typen mentale
toestanden:
- Ervaringen
- Cognitieve toestanden
- Emoties

MBIT kan ook wel worden gezien als reductionistisch materialisme, dit is de reductie van mentale
toestanden naar hersentoestanden. DUS: als hersentoestanden bestaan, bestaan mentale toestanden
ook. DUS daarom is het fout om te denken dat MBIT eliminativisme impliceert.
- Als we een mentale toestand kunnen reduceren tot een hersentoestand, dan identificeren we
die mentale toestand dus met die hersentoestand. Elimineren we dan de mentale toestand?
 Nee; als we zeggen dat a=b en b bestaat, dan moet a ook bestaan

Eliminativisme elimineert de mentale toestanden, schrapt deze uit de ontologie. Ontologie is een lijst
van datgene wat er allemaal is in taal. Eliminativisme stelt dus dat mentale toestanden niet bestaan
(en dus we mentale termen ook niet meer nodig hebben). Dit is een empirische kwestie; als we een
vermeende mentale toestand niet kunnen reduceren, bestaat die mentale toestand dus niet.

Type fysicalisme = elke token (individuele toestand) van een bepaald type (BV pijn) is identiek met
een token van een bepaalde hersentoestand (BV type c-vezel sturen). Type identiteit gaat dus over
een verzameling van individuele ervaringen die samen een categorie vormen.

, Argumenten voor MBIT:
- We hebben veel correlaties gevonden tussen hersentoestanden en type mentale toestanden.
(BV: bepaalde activatie in V4 en bepaalde kleurervaringen)
- Het is de eenvoudigste verklaring
- Ockhams scheermes = principe van spaarzaamheid, uitgaan van het makkelijkste
- Het causale rol argument, A=B

Argumenten tegen MBIT:
- De wet van leibniz = twee zaken x en y zijn identiek dan en slecht dan als alle eigenschappen
van x eigenschappen van y zijn en andersom. Dus als x een eigenschap heeft die y niet heeft,
dan is x niet y. DUS: zoek een eigenschap die de geest heeft maar het brein niet
(differentiating properties = onderscheidende eigenschappen). Vanuit daar komt het tegen-
argument van meervoudige realiseerbaarheid.
- Meervoudige realiseerbaarheid: klokken zijn op meerdere mogelijke manieren te realiseren
(BV van hout of van ijzer), dus; zijn mentale toestanden misschien ook op meerdere mogelijke
manieren te realiseren.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
19 februari 2019
Aantal pagina's
32
Geschreven in
2017/2018
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$4.79
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
lottebant Tilburg University
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
530
Lid sinds
8 jaar
Aantal volgers
345
Documenten
36
Laatst verkocht
2 jaar geleden

Ik bied op mijn pagina bijna alle vakken aan van psychologie aan de Tilburg Universiteit, van elke jaarlaag. Ik maak altijd mijn eigen samenvattingen aan de hand van het boek/artikelen en daarnaast de hoorcolleges. Tot nu toe altijd alles gehaald met mijn eigen aantekeningen en samenvattingen (gemiddeld een 8,2) en hoop jullie daar ook mee te helpen! :)

3.8

91 beoordelingen

5
13
4
57
3
17
2
2
1
2

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen