Aantekeningen anatomie circulatie bloed
Algemene functies bloed
Transport: vervoer van:
o Voedingsstoffen
o Zuurstof O2 en koolzuurgas CO2
o Afvalstoffen
o Hormonen/ eiwitten
o Warmte (lichaamstemperatuur constant houden)
o Vocht
Handhaven inwendige milieu (COD en PH)
Beschermende functie (onder andere afweer en stolling)
Samenstelling bloed
Bloedvolume 7,5% lichaamsgewicht (5-6 L)
Bloedplasma 55-58%
Bloedcellen 42-45%
Samenstelling bloedplasma
Water
Zouten (ionen zie bladzijde 161)
Plasma-eiwitten (zie bladzijde 161 en 163)
Voedingsstoffen (glucose, vetzuren, aminozuren, vitaminen)
Hormonen
Afvalstoffen (eindproducten van de stofwisseling: ureum, urinezuur, bilirubine, CO 2,
stikstof)
Functies plasma-eiwitten
Handhaving van de COD(= colloid osmotische druk) deze is belangrijk voor de
uitwisseling in de haarvaten en de nier filtratie. Albumine is hierbij het belangrijkste
eiwit.
Transportmiddel voor een aantal stoffen bijvoorbeeld vetten, ijzer, hormonen
Afweer; eiwitten (antilichamen/antistoffen) die zich aan lichaamsveemde stoffen
binden en deze afbreken.
Enzymen (deels opgebouwd uit eiwitten)
Stolling: eiwitten die noodzakelijk zijn voor de bloedstolling
Buffercapaciteit; eiwitten die door het binden of vrijgeven van H+ ionen de pH van het
bloed constant houden
Eiwitreserve (kan omgezet worden in glucose)
Bloedcellen
Rode bloedcellen of rode bloedlichaampjes
= erytrocyten
Witte bloedcellen of witte
bloedlichaampjes = leucocyten
Bloedplaatjes = trombocyten
1
Algemene functies bloed
Transport: vervoer van:
o Voedingsstoffen
o Zuurstof O2 en koolzuurgas CO2
o Afvalstoffen
o Hormonen/ eiwitten
o Warmte (lichaamstemperatuur constant houden)
o Vocht
Handhaven inwendige milieu (COD en PH)
Beschermende functie (onder andere afweer en stolling)
Samenstelling bloed
Bloedvolume 7,5% lichaamsgewicht (5-6 L)
Bloedplasma 55-58%
Bloedcellen 42-45%
Samenstelling bloedplasma
Water
Zouten (ionen zie bladzijde 161)
Plasma-eiwitten (zie bladzijde 161 en 163)
Voedingsstoffen (glucose, vetzuren, aminozuren, vitaminen)
Hormonen
Afvalstoffen (eindproducten van de stofwisseling: ureum, urinezuur, bilirubine, CO 2,
stikstof)
Functies plasma-eiwitten
Handhaving van de COD(= colloid osmotische druk) deze is belangrijk voor de
uitwisseling in de haarvaten en de nier filtratie. Albumine is hierbij het belangrijkste
eiwit.
Transportmiddel voor een aantal stoffen bijvoorbeeld vetten, ijzer, hormonen
Afweer; eiwitten (antilichamen/antistoffen) die zich aan lichaamsveemde stoffen
binden en deze afbreken.
Enzymen (deels opgebouwd uit eiwitten)
Stolling: eiwitten die noodzakelijk zijn voor de bloedstolling
Buffercapaciteit; eiwitten die door het binden of vrijgeven van H+ ionen de pH van het
bloed constant houden
Eiwitreserve (kan omgezet worden in glucose)
Bloedcellen
Rode bloedcellen of rode bloedlichaampjes
= erytrocyten
Witte bloedcellen of witte
bloedlichaampjes = leucocyten
Bloedplaatjes = trombocyten
1